Categorie archief: nederlandse taal

WAT VIND JE OP DEZE BLOG?

.

Via onderstaande rubrieken vind je de weg naar meer dan 1900 artikelen.

In het zoekblokje (op deze pagina rechtsboven) een trefwoord ingeven, leidt ook vaak tot artikelen waar het betreffende woord in voorkomt.
Wanneer er meerdere koppen van artikelen worden getoond, is het raadzaam ieder artikel open te maken en onder aan het artikel bij de tag-woorden te kijken of het gezochte woord daar staat.
.

Ondanks regelmatige controle komt het voor dat bepaalde links niet werken. Waarschuw me s.v.p.     pieterhawitvliet voeg toe apenstaartje gmail punt com
.

RUDOLF STEINER
alle artikelen
wat zegt hij over——
waar vind je Steiner over pedagogie(k) en vrijeschool–
een verkenning van zijn ‘Algemene menskunde’


AARDRIJKSKUNDE
alle artikelen

BESPREKING VAN KINDERBOEKEN
alle auteurs
alle boeken

BORDTEKENEN zie TEKENEN

DIERKUNDE
alle artikelen

GESCHIEDENIS
alle artikelen

GETUIGSCHRIFT
alle artikelen

GODSDIENST zie RELIGIE

GYMNASTIEK
vijfkamp(1)
vijfkamp (2)

bewegen in de klas
L.L.. Oosterom over: beweging tussen persoon en wereld; kind leert bewegend de wereld kennen;

HANDENARBEID
alle artikelen

HEEMKUNDE
alle artikelen

JAARFEESTEN
alle artikelen

KERSTSPELEN
Alle artikelen

KINDERBESPREKING
alle artikelen

KLASSEN alle artikelen:
peuters/kleutersklas 1;  klas 2; klas 3; klas 4; klas 5; klas 6; klas 7;  klas 8;  klas 9: klas 10; klas 11  klas 12

LEERPROBLEMEN
alle artikelen

LEZEN-SCHRIJVEN
alle artikelen

LINKS
Naar andere websites en blogs met vrijeschoolachtergronden; vakken; lesvoorbeelden enz

MEETKUNDE
alle artikelen

MENSKUNDE EN PEDAGOGIE
Alle artikelen

MINERALOGIE
alle artikelen

MUZIEK
Alle artikelen

NATUURKUNDE
alle artikelen

NEDERLANDSE TAAL
alle artikelen

NIET-NEDERLANDSE TALEN
alle artikelen

ONTWIKKELINGSFASEN
alle artikelen

OPSPATTEND GRIND
alle artikelen

OPVOEDINGSVRAGEN
alle artikelen

PLANTKUNDE
alle artikelen

REKENEN
alle artikelen

RELIGIE
Religieus onderwijs
vensteruur

REMEDIAL TEACHING
[1]  [2]

SCHEIKUNDE
klas 7

SCHRIJVEN – LEZEN
alle artikelen

SOCIALE DRIEGELEDING
alle artikelen
hierbij ook: vrijeschool en vrijheid van onderwijs

SPEL
alle artikelen

SPRAAK
spraakoefeningen
spraak/spreektherapie [1]    [2

STERRENKUNDE
klas 7

TEKENEN
zwart/wit [2-1]
over arceren
[2-2]
over arceren met kleur; verschil met zwart/wit
voorbeelden
In klas 6
In klas 7
Bordtekenen [1]
Bordtekenen [2]

VERTELSTOF
alle artikelen

VOEDINGSLEER
7e klas: alle artikelen

VORMTEKENEN
alle artikelen

VRIJESCHOOL
uitgangspunten

de ochtendspreuk [1]      [2]     [3]

bewegen in de klas
In de vrijeschool Den Haag wordt op een bijzondere manier bewogen.

bewegen in de klas
L.L.. Oosterom over: beweging tussen persoon en wereld; kind leert bewegend de wereld kennen; sport

Vrijeschool en vrijheid van onderwijsalle artikelen
zie ook: sociale driegeleding

vrijeschool en antroposofie – is de vrijeschool een antroposofische school?
alle artikelen
.
EN VERDER:
burnt out
Aart van der Stel over: waarom raakt iemand ‘burnt out’; je eigen rol en hoe gaan de anderen met je om; binnen-buiten; gezond-ziek

met vreugde in het nu aanwezig zijn
‘anti’- burn-out

geschiedenis van het Nederlandse onderwijs, een kleine schets

karakteriseren i.p.v. definiëren

lichaamsoriëntatie

(school)gebouw
organische bouw [1]     [2-1]    [2-2]

In de trein
onderwijzer Wilkeshuis over een paar ‘vrijeschoolkinderen’ in de trein
.

VRIJESCHOOL in beeld: bordtekeningen; schilderingen, tekeningen, transparanten enz.
voor klas 1 t/m 7; jaarfeesten; jaartafels

Deze blog wordt/werd bekeken in:

Afghanistan; Albanië; Algerije; Amerikaans-Samoa; Andorra; Angola; Argentinië; Armenië; Aruba; Australië; Azerbeidzjan; Bahama’s; Bahrein; Bangladesh; Belarus; België; Benin; Bolivia; Bosnië en Herzegovina; Brazilië; Brunei; Bulgarije; Burkina Faso; Burundi; Cambodja; Canada; Caribisch Nederland; Chili; China, Congo Kinshasa; Costa Rica; Cuba; Curaçao; Cypres; Denemarken; Dominicaanse Republiek; Duitsland; Ecuador; Egypte; Estland; Ethiopië; Europese Unie; Finland; Filipijnen; Frankrijk; Frans-Guyana; Gambia; Georgië; Gibraltar; Griekenland; Ghana; Guadeloupe; Guatemala; Guyana; Haïti; Honduras; Hongarije; Hongkong; Ierland; IJsland; India: Indonesië; Isle of Man; Israel; Italië; Ivoorkust; Jamaica; Japan; Jemen; Jordanië; Kaapverdië; Kameroen; Kazachstan; Kenia; Kirgizië; Koeweit; Kroatië; Laos; Letland; Libanon; Liberia;  Libië; Liechtenstein; Litouen; Luxemburg; Macedonië; Madagaskar; Maldiven; Maleisië; Mali; Malta; Marokko; Martinique; Mauritius; Mexico; Moldavië; Monaco; Mongolië; Montenegro; Myanmar; Namibië; Nederland; Nepal; Nicaragua; Nieuw-Zeeland; Nigeria; Noorwegen; Oeganda; Oekraïne; Oman; Oostenrijk; Pakistan; Panama; Paraguay; Peru; Polen; Portugal; Puerto Rico; Quatar; Réunion; Roemenië; Rusland; Saoedi-Arabië; Senegal; Servië; Sierra Leone; Singapore; Sint-Maarten; Slovenië; Slowakije; Soedan; Somalië; Spanje; Sri Lanka; Suriname; Syrië; Taiwan; Tanzania; Thailand; Togo; Tsjechië; Trinidad en Tobago; Tunesië; Turkije; Uruguay; Vanuatu; Venezuela; Verenigde Arabische Emiraten; Verenigde Staten; Verenigd Koninkrijk; Vietnam; Zambia; Zuid-Afrika; Zuid-Korea; Zweden; Zwitserland’ (156)

..

VRIJESCHOOL – Kinderboekbespreking (48)

.

Er zijn heel veel kinderboeken.
Ze zijn en worden door allerlei recensenten besproken. Die hebben allemaal een opvatting of een boek mooi, goed, enz. is.

Er staan vaak illustraties in. Ook die worden mooi, dan wel minder mooi of zelfs lelijk gevonden. Maar hoe geldig zijn deze criteria. Smaken verschillen en als ze opvoedkundig beoordeeld worden, spelen allerlei mensbeelden, bewust of onbewust, ook hun rol.

De kinderen zelf vormen de grootste maatstaf. Als een boek telkens voorgelezen en of bekeken moet worden; als het ‘met rode oortjes’ wordt gelezen, verslonden, zelfs, dan weet je dat de schrijver of illustrator een snaar heeft weten te raken die nog lang naklinkt. Ook de kinderen hebben een smaak en het ene zal dit, het andere dat boek fijner vinden.

In de artikelenreeks ‘Kinderboekbespreking’ op deze blog zal er een aantal de revue passeren.

HET TEKEN VAN WICHART

Dit is het verhaal over Hari, een slavenjongen aan het hof van koning Penda Hangbuik. Hij wil daar weg en zijn ouders zoeken, maar hoe kan hij ontsnappen.
Met behulp van zijn vriend Dai, ook een slaaf, komt hij verder. Zijn grootste beschermer is echter Lufra, een buitengewoon sterke, slimme, trouwe hond. 
In de tijd dat de Vikingen ook in de Nederlanden huishouden, komen Hari en Lufra in Dorestad aan. Daar ontmoetten ze twee kinderen en het lot van Hari neemt een onverwachte wending. 
Een spannend boek tot het einde. Dan weten we ook wie Hari eigenlijk is.

HET TEKEN VAN WICHART

Alet Schouten
Illustraties van de schrijfster

BOEK

12 jr

Kinderboekbesprekingalle titels

Kinderboekbesprekingalle auteurs

.

2231

 

 

 

 

 

 

 

 

 

.

.

VRIJESCHOOL – Kinderboekbespreking (47)

.

Er zijn heel veel kinderboeken.
Ze zijn en worden door allerlei recensenten besproken. Die hebben allemaal een opvatting of een boek mooi, goed, enz. is.

Er staan vaak illustraties in. Ook die worden mooi, dan wel minder mooi of zelfs lelijk gevonden. Maar hoe geldig zijn deze criteria. Smaken verschillen en als ze opvoedkundig beoordeeld worden, spelen allerlei mensbeelden, bewust of onbewust, ook hun rol.

De kinderen zelf vormen de grootste maatstaf. Als een boek telkens voorgelezen en of bekeken moet worden; als het ‘met rode oortjes’ wordt gelezen, verslonden, zelfs, dan weet je dat de schrijver of illustrator een snaar heeft weten te raken die nog lang naklinkt. Ook de kinderen hebben een smaak en het ene zal dit, het andere dat boek fijner vinden.

In de artikelenreeks ‘Kinderboekbespreking’ op deze blog zal er een aantal de revue passeren.

WIJ UIT BOLDERBUREN

In Zweden, Bolderburen woonden zes kinderen met hun ouders, in drie boerderijen: Noordhof, Middelhof en Zuidhof. Lasse, Bosse, Lisa, Olle, Britta en Anna spelen samen, gaan samen naar school, maken ruzie, plagen elkaar en vieren samen alle feestdagen van het jaar.
Al lang geleden schreef Astrid Lindgrin dit verhaal en de wereld van nu ziet er heel anders uit. Maar wat de kinderen doen, hoe ze spelen, hun avonturen, hun fantasieën lijken wel van alle tijden. En daarom vinden kinderen het heerlijk dit boek voorgelezen te krijgen en later ook zelf te lezen.

WIJ UIT BOLDERBUREN

Astrid Lindgren
Illustraties: Els van Egeraat 

BOEK

6-8 jaar

Kinderboekbespreking: alle titels

Kinderboekbesprekingalle auteurs

.

2226

.

VRIJESCHOOL – Nederlandse taal – alle taalspelletjes

.

Er bestaan veel taalspelletjes – spelen met taal – waarbij en waaraan kinderen veel plezier kunnen beleven en daarbij veel woorden kunnen leren. Bekende gezinsspellen zijn biiv. ‘Scrabble’ en ‘Boggle’ (die je natuurlijk ook in de klas kan hebben).

Het kunnen dus ‘gezelschap’spelletjes zijn, maar ook die je alleen moet oplossen – die gaan in de richting van een ‘puzzel’.

Er doen zich in een klas altijd wel gelegenheden voor dat een kind eerder klaar is met een opdracht of een extra uitdaging nodig heeft.
Daarom is het aan te raden een flinke voorraad spelletjes in je klas te hebben.

Er bestaan heel veel puzzelboekjes met bijv. ‘Zweedse puzzels’  ‘woordzoekers’ enz.
Je vindt ze in kranten en tijdschriften, maar ook gebundeld in boekjes.

Op deze blog vind je ook een verzameling. (vrij om te kopiëren)

Taalspelletjes om met elkaar te spelen
Nikole Karrér over: letterprikken, letterhutspot, woordbouwen en meer

Verzamelde spelletje voor meerdere kinderen

Invulpuzzels

Maak zelf…
Woorden af, een kruiswoordpuzzel

Woordzoekers

Vind het verborgen woord

Zweedse kruiswoordraadsels

 

 

Nederlandse taal: alle artikelen

Menskunde en pedagogie: alle artikelen

Vrijeschool in beeld: alle beelden

.

2206

VRIJESCHOOL – 10e klas – alle artikelen

.

Rudolf Steiner over het leerplan van klas 10
Wat Steiner voor de 10e klas opmerkte in de vergaderingen met de leerkrachten van de 1e vrijeschool in Stuttgart. Hoofdzakelijk uit deze GA 300 (a, b,c)

Het leerplan van klas 10
Caroline von Heudebrand over het leerplan van klas 10

10e klas handvaardigheid
Hugo Pronk over: de waarde van het handenarbeidonderwijs in klas 10; spinnen.

Meetkunde klas 8 – 12
L.Bronkhorst over aspecten van het meetkunde-onderwijs in klas 8 t/m 12

10e klas Nederlands
Van verhaal tot taal over: de 10-e klasser; literatuur: middeleeuwen en renaissance; stijlfiguren; geschiedenis van de taal; voor-hoofse literatuur; ridderschap; poëtica-periode.

 

Nederlandsalle artikelen

.

2182

 

 

.

VRIJESCHOOL – Kinderboekbespreking (43)

.

Er zijn heel veel kinderboeken.
Ze zijn en worden door allerlei recensenten besproken. Die hebben allemaal een opvatting of een boek mooi, goed, enz. is.

Er staan vaak illustraties in. Ook die worden mooi, dan wel minder mooi of zelfs lelijk gevonden. Maar hoe geldig zijn deze criteria. Smaken verschillen en als ze opvoedkundig beoordeeld worden, spelen allerlei mensbeelden, bewust of onbewust, ook hun rol.

De kinderen zelf vormen de grootste maatstaf. Als een boek telkens voorgelezen en of bekeken moet worden; als het ‘met rode oortjes’ wordt gelezen, verslonden, zelfs, dan weet je dat de schrijver of illustrator een snaar heeft weten te raken die nog lang naklinkt. Ook de kinderen hebben een smaak en het ene zal dit, het andere dat boek fijner vinden.

In de artikelenreeks ‘Kinderboekbespreking’ op deze blog zal er een aantal de revue passeren.

.

Amalia Baracs in Weleda Puur Kind, herfst 2002, nr. 10
.

Leren lezen is voor de meeste kinderen iets heel bijzonders, alsof je wordt ingewijd in een van de geheimen van de grote mensenwereld. Steeds meer kinderen kunnen er niet eens meer mee wachten tot ze naar groep 1 gaan. Ze ontcijferen het geheim gewoon zelf en lezen al prima tegen de tijd dat ze naar groep 3 gaan. Voor deze vroege lezers is het moeilijk leesboekjes te vinden die passen bij zowel het leesniveau als de nog heel jonge leeftijd.

Uitstekende voorleesboeken voor kleuters, maar ook geschikt voor kinderen die net zelf kunnen lezen, zijn de Blokboekjes (herkenbaar aan hun geblokte ruggetjes). Naast de bekende Kikker en pad en Kleine Beer kent deze serie nog een voor dit doel ideale bundel: Bij Uil thuis. De vijf verhalen bestaan uit korte zinnen met grote letters. Ze zijn sterk en poëtisch, vaak ook subtiel humoristisch en ontroerend. Datzelfde geldt voor de tekeningen, evenals de tekst van Arnold Lobel. De verhaaltjes zijn licht filosofisch van karakter, zoals het verhaaltje waarin Uil bedenkt dat hij zo graag tegelijk boven en beneden wil zijn. ‘Dat moet toch kunnen.’ Hij begint de trap op en neer te lopen, steeds sneller om na uren doodmoe te gaan zitten, precies in het midden van de trap. Of het verhaal waarin Uil een avondwandeling maakt en tot zijn verrassing merkt dat de maan overal met hem mee gaat. ‘Wat ben jij een goede vriend,’ zegt Uil.
Bij Uil thuis is overigens net zo geschikt voor de lezers die het juist wat langzaam aan doen.

BIJ UIL THUIS

Arnold Lobel

Boek

Vanaf 3 jr.

Kinderboekbesprekingalle titels

Kinderboekbespreking: alle auteurs

.

2158

 

VRIJESCHOOL – Kinderboekbespreking (42)

.

Er zijn heel veel kinderboeken.
Ze zijn en worden door allerlei recensenten besproken. Die hebben allemaal een opvatting of een boek mooi, goed, enz. is.

Er staan vaak illustraties in. Ook die worden mooi, dan wel minder mooi of zelfs lelijk gevonden. Maar hoe geldig zijn deze criteria. Smaken verschillen en als ze opvoedkundig beoordeeld worden, spelen allerlei mensbeelden, bewust of onbewust, ook hun rol.

De kinderen zelf vormen de grootste maatstaf. Als een boek telkens voorgelezen en of bekeken moet worden; als het ‘met rode oortjes’ wordt gelezen, verslonden, zelfs, dan weet je dat de schrijver of illustrator een snaar heeft weten te raken die nog lang naklinkt. Ook de kinderen hebben een smaak en het ene zal dit, het andere dat boek fijner vinden.

In de artikelenreeks ‘Kinderboekbespreking’ op deze blog zal er een aantal de revue passeren.
.

Amalia Baracs in Weleda Puur Kind, herfst 2002, nr. 10
.

Leren lezen is voor de meeste kinderen iets heel bijzonders, alsof je wordt ingewijd in een van de geheimen van de grote mensenwereld. Steeds meer kinderen kunnen er niet eens meer mee wachten tot ze naar groep 1 gaan. Ze ontcijferen het geheim gewoon zelf en lezen al prima tegen de tijd dat ze naar groep 3 gaan. Voor deze vroege lezers is het moeilijk leesboekjes te vinden die passen bij zowel het leesniveau als de nog heel jonge leeftijd.

Sommige prentenboeken zijn geschikt, met name die waarbij de tekst uit korte zinnen bestaat en in flinke letters is gedrukt. Dat geldt bijvoorbeeld voor Rooie van Charlotte Voake. Zij maakte zowel de tekst als tekeningen van dit geestige kattenverhaal.

Het gaat over een oude, rode poes die het goed heeft in het huis van een klein meisje, maar opeens een jong, speels katje als huisgenoot erbij krijgt.

Moeilijk voor Rooie. Hij loopt zelfs weg maar uiteindelijk worden de twee poezen natuurlijk vrienden.

ROOIE

Charlotte Voake

Boek

Vanaf 3 jr

Kinderboekbespreking: alle titels

Kinderboekbesprekingalle auteurs

.

2156

VRIJESCHOOL – 6e klas – Nederlands (3)

.

In de eerste jaren van de eerste vrijeschool in Stuttgart werden door veel leerkrachten pogingen ondernomen om de lesstof gestalte te geven voor de dagelijkse praktijk. Steiner had voor het ene vak wat meer aanwijzingen gegeven dan voor het andere en de leerkrachten moesten daarmee zien hun lessen zo ‘vrijeschools’ mogelijk vorm te geven.

In onderstaand artikel probeert Johannes Geyer een vorm te vinden voor ‘grammatica in klas 6’.
Zoals steeds: hoewel de artikelen een kleine 100 jaar oud zijn, zijn ze nog altijd fris genoeg om ze (als voorbeeld) te gebruiken.

Johannes Geyer, Mitteilungen nr. 6 1924

OVER DE ZINSBOUW IN KLAS 6

Het behoort tot de pedagogische basiseisen van Dr. Rudolf Steiner om door een beeldend-kunstzinnige vormgeving van de lesstof de vermoeidheid van de kinderen tegen te werken die zo makkelijk veroorzaakt wordt door een eenzijdig aanspraak maken op de denkkrachten.
Hij gaf ons de aanwijzing, niet alleen o.a. bij geschiedenis, maar bij elk vak, ook bijv. bij het behandelen van de zinsbouwleer, dat wat geleerd moet worden, zoveel mogelijk ‘in beeld’ te brengen, de dingen om te zetten in beeld, want daardoor kunnen ze daadwerkelijk aan het kind geleerd worden. 
Zo zou je bijvoorbeeld van een zin die uit drie delen bestaat: de hoofdzin, de betrekkelijke bijzin en de voorwaardelijke bijzin deze ruimtelijk aanschouwelijk kunnen voorstellen.
Daarover zei Dr. Steiner: ‘Dat kun je natuurlijk op de meest verschillende manieren voor elkaar krijgen. Je maakt van de hoofdzin een grote cirkel, de betrekkelijke bijzin wordt een kleine cirkel die misschien wat excentrisch geplaatst wordt en de voorwaardelijke bijzin, de ‘als-zin’ aanschouwelijk worden doordat je iets – laten we zeggen ‘stralen’ naar de cirkel leidt als de voorwaardelijke factoren.’

Deze aanwijzingen volgend kon ik op een veel betere manier interesse van de kinderen wekken voor de verschillende soorten bijzinnen, dan dat er anders voor deze droge materie opgebracht werd.
Op het bord tekende ik voor hen een kleurig, beeldende voorstelling van de verschillende zinscombinaties en liet hen deze dan ook zelf op soortgelijke manier maken, waarin ze veel plezier hadden hun eigen fantasie te laten werken om steeds nieuwe beelden te vinden.

Wanneer ik nu een paar voorbeelden geef, wil ik graag beginnen met het beeld van wat Dr. Steiner hierboven aangaf.
Wanneer we een hoofdzin hebben met een paar bijzinnen, dus met een betrekkelijke bijzin en een voorwaardelijke bijzin, dan kan de betrekkelijke bijzin aan de hoofdzin gekoppeld worden, waarbij dan weer de voorwaardelijke zin gekoppeld wordt.

De luchthartige Alcibiades, die een leerling was van de wijze Socrates, nam zich het beste voor, wanneer zijn leraar waarschuwend met hem sprak. Figuur 1:

b

Maar het kan ook zo, dat de betrekkelijke bijzin in de voorwaardelijke bijzin wordt geschoven die dan als laatste de hoofdzin volgt, bijvoorbeeld:

Wanneer je je handen die je hebt gekregen om te werken, goed gebruikt, zal je heel handig worden.

z

Uiteindelijk kan je ook de hoofdzin zo met de betrekkelijke bijzin verbinden dat deze de voorwaardelijke bijzin in zich opneemt, bijvoorbeeld fig. 3

Eervol is het leven, dat voor het vaderland, wanneer dit in gevaar is, wordt gegeven.

In alle drie de gevallen ontstaat er voor de beeldvoorstelling een ander figuur.

Nevenschikkende hoofdzinnen leveren, op deze manier voorgesteld, een eenvoudige symmetrische figuur op:

Mijn vader ging naar het bos en ik bleef thuis. Figuur 4).

De figuur wordt ook symmetrisch, als twee onderschikkende zinnen in een hoofdzin opgenomen zijn:

Alexander de Grote, die in de wereld heel beroemd werd, die zich echter door zijn hartstochten liet meeslepen, vond vroeg de dood. Figuur 5:

De drievoudige positie die een bijzin bij de hoofdzin kan innemen, als voorzin, tussenzin en nazin, maakte ik aanschouwelijk op deze manier: 

Wie niet werkt, moet ook niet eten. Figuur 6:

 

Het lied dat opwelt uit de keel, is loon dat rijkelijk beloont. Figuur 7:

De mens kan leren, tot hij doodgaat. Figuur 8:


Dan kan je ook nog voor de verschillende vormen van voor- tussen- en nazin bijzondere vormen bedenken, al naar gelang ze voorwaardelijke, betrekkelijke of indirecte vraagzinnen zijn:

Eens zal je, wanneer je vroeg met oefenen begint, een meester kunnen worden. Figuur 9:


Jeruzalem, dat de Romeinen trotseerde, werd helemaal verwoest.
Figuur 10:

De mens vraagt, waarvoor hij het meest deugt, het best aan zichzelf. Figuur 11:


Deze voorbeelden kunnen naar believen gevarieerrd worden en uitgebreid naar allerlei zinsvormen. 
Door er fantasievol mee te spelen, zullen er steeds nieuwe mogelijkheden ontstaan. Zo wordt bereikt dat de lesuren die over het algemeen door de leerlingen als de meest saaie worden beleefd, voor hen heel plezierig kunnen verlopen en hen aansporen op een kunstzinnig-beeldende manier zich in te leven in de aard van de taal en hun taalvaardigheid toeneemt.
.

Nederlandse taal: alle artikelen, waaronder enkele met hetzelfde onderwerp.

6e klas: alle artikelen

Vrijeschool in beeld: 6e klas

.

2133

VRIJESCHOOL – Kinderboekbespreking (40)

.

Er zijn heel veel kinderboeken.
Ze zijn en worden door allerlei recensenten besproken. Die hebben allemaal een opvatting of een boek mooi, goed, enz. is.

Er staan vaak illustraties in. Ook die worden mooi, dan wel minder mooi of zelfs lelijk gevonden. Maar hoe geldig zijn deze criteria. Smaken verschillen en als ze opvoedkundig beoordeeld worden, spelen allerlei mensbeelden, bewust of onbewust, ook hun rol.

De kinderen zelf vormen de grootste maatstaf. Als een boek telkens voorgelezen en of bekeken moet worden; als het ‘met rode oortjes’ wordt gelezen, verslonden, zelfs, dan weet je dat de schrijver of illustrator een snaar heeft weten te raken die nog lang naklinkt. Ook de kinderen hebben een smaak en het ene zal dit, het andere dat boek fijner vinden.

In de artikelenreeks ‘Kinderboekbespreking’ op deze blog zal er een aantal de revue passeren.

Amalia Baracs, Weleda Puur Kind, lente 2002, nr 9

.


.
In het mooi geïllustreerde prentenboek Berenweer van Wilhelm Topsch en Daniele Winterhager beleef je alle seizoenen mee met een grote bruine beer die zijn huisje aan de rand van het bos deelt met een heleboel muizen. Ze werken in de moestuin, zwemmen in het meer en zijn innig tevreden ondanks het feit dat de oogst voortdurend op geheimzinnige wijze verdwijnt. In de winter wordt de dief ontmaskerd: de das. Maar de gastvrijheid van de beer is groot, ook das mag bij hem komen wonen.

BERENWEER
Topsch, Wilhelm en Daniele Winterhager, ill.

Boek

Vanaf 4 jr

Kinderboekbespreking: alle titels

Kinderboekbesprekingalle auteurs

.

2114

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

.

VRIJESCHOOL – Kinderboekbespreking (39)

.

Er zijn heel veel kinderboeken.
Ze zijn en worden door allerlei recensenten besproken. Die hebben allemaal een opvatting of een boek mooi, goed, enz. is.

Er staan vaak illustraties in. Ook die worden mooi, dan wel minder mooi of zelfs lelijk gevonden. Maar hoe geldig zijn deze criteria. Smaken verschillen en als ze opvoedkundig beoordeeld worden, spelen allerlei mensbeelden, bewust of onbewust, ook hun rol.

De kinderen zelf vormen de grootste maatstaf. Als een boek telkens voorgelezen en of bekeken moet worden; als het ‘met rode oortjes’ wordt gelezen, verslonden, zelfs, dan weet je dat de schrijver of illustrator een snaar heeft weten te raken die nog lang naklinkt. Ook de kinderen hebben een smaak en het ene zal dit, het andere dat boek fijner vinden.

In de artikelenreeks ‘Kinderboekbespreking’ op deze blog zal er een aantal de revue passeren.

Pieter HA Witvliet

In de jaren 1990 verschenen er bij Wolters-Noordhoff speciaal voor het onderwijs series met bekende kinderboeken. Deze ‘Lijster’- serie bestond o.a. uit ‘de vroege lijsters’. Tegen een zeer redelijke prijs werden de ouders in staat gesteld voor hun kinderen goede boeken aan te schaffen.
Het was een soort feest om ze in de klas uit te zoeken, te bestellen en uit te pakken. En je hoopte natuurlijk dat ook het lezen thuis een feestje was.

In 1994 was nr. 3 het boek ‘Minoes’ van Anne M.G.Schmidt.
Een knotsgek boek met allerlei dolle situaties, met in de hoofdrol uiteraard Minoes, ooit een poes, maar nu (bijna) mens. Haar baas is Tibbe, een journalist, voor wie op zekere dag geen plaats meer is bij de krant. Maar de kattenvrienden en vriendinnen van Minoes houden er een kattenpersdienst op na en zo weet Tibbe eerder dan wie ook wat nieuws is. Zo wordt er allerlei onrecht aan de kaak gesteld, corruptie wordt bestraft, Tibbe in ere hersteld.
Het is in de bekende Annie M.G.-stijl geschreven, met veel hunor, die – er staat ergens een leeftijdsindicatie voor vanaf 8 jaar – door die leeftijd nog niet begrepen kan worden. Ook vanaf 12 zal dat nog niet altijd het geval zijn, maar die leeftijd zal er toch meer van kunnen genieten. Als die de straattaal van de Jakkepoes imiteren is dat minder erg dan dat het de taal van een 8-jarige wordt.

Annie M.G.Schmidt
Ill. Monique Beijer (omslag)
Carl Hollander

Boek

12 jr en ouder

Kinderboekbesprekingalle titels

Kinderboekbesprekingalle auteurs

.

2088

 

 

 

 

 

 

 

 

.

VRIJESCHOOL – Taalspelletjes (1)

.

Het is altijd handig om een map te hebben liggen met een voorraad opgaven die kinderen kunnen maken in ‘verloren ogenblikken’: wanneer ze met alles (snel) klaar zijn of wanneer ze graag extra werk doen, enz.
Woorden waarvan ze de betekenis niet kennen, moeten uiteraard geleerd worden.

 

INVULPUZZELS

[1]

Maak het kloppend met onderstaande woorden. Één woord is al ingevuld

4 letters:  ALOM – BEER – DIER – NOGA – ROES – VERS

5 letters:  BRAND – DEELS – EVERT – NODIG – PAARD – SMAAK – STEEN – VREES – STOOM

6 letters: METEEN – STELEN

 

Klaar?

Wat betekenen de woorden?

Gebruik ieder woord op een goede manier in een zin die je zelf bedenkt.

0-0-0

[2]

Maak het kloppend met onderstaande woorden. Één woord is al ingevuld

4 letters: AKEN – APIN – ARIA – BEER – DAME – DEEN – LAAN – TEEN

5 letters: DIVAN

7 letters: AMANDEL – DERTIEN

9 letters:HANDELAAR – NEDERLAND

Klaar?

Wat betekenen de woorden?

Gebruik ieder woord op een goede manier in een zin die je zelf bedenkt.

0-0-0

[3]

Maak het kloppend met onderstaande woorden. Één woord is al ingevuld

4 letters: IRIS – KRAB – MAND – RARE – REDE – REIS – SNOR – TIEN

5 letters: ADREM – ASTER

6 letters: BENGEL – EDITIE – ENGERD – GENEVE – NOEMER – STILTE

Klaar?

Wat betekenen de woorden?

Gebruik ieder woord op een goede manier in een zin die je zelf bedenkt.

0-0-0

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

.

VRIJESCHOOL – kinderboekbespreking (38)

.

Er zijn heel veel kinderboeken.
Ze zijn en worden door allerlei recensenten besproken. Die hebben allemaal een opvatting of een boek mooi, goed, enz. is.

Er staan vaak illustraties in. Ook die worden mooi, dan wel minder mooi of zelfs lelijk gevonden. Maar hoe geldig zijn deze criteria. Smaken verschillen en als ze opvoedkundig beoordeeld worden, spelen allerlei mensbeelden, bewust of onbewust, ook hun rol.

De kinderen zelf vormen de grootste maatstaf. Als een boek telkens voorgelezen en of bekeken moet worden; als het ‘met rode oortjes’ wordt gelezen, verslonden, zelfs, dan weet je dat de schrijver of illustrator een snaar heeft weten te raken die nog lang naklinkt. Ook de kinderen hebben een smaak en het ene zal dit, het andere dat boek fijner vinden.

In de artikelenreeks ‘Kinderboekbespreking’ op deze blog zal er een aantal de revue passeren.

Amalia Baracs, Weleda Puur Kind, herfst 2001, nr.8
.

In de regel zullen oma en opa rust en tijd hebben om met de kleinkinderen een prentenboek te kijken of hen voor te lezen. Voor grootouders is het dan ook handig een paar ‘klassieke’ voorleesboeken in de kast te hebben staan. Boeken met verhalen die veel kinderen aanspreken en die bovendien niet te zeer zijn toegespitst op een bepaalde leeftijd.

‘Echte’ boeken zijn voor de hele kleintjes nog niet nodig. Zij hebben het grootste plezier wanneer je zo nu en dan een liedje voor ze zingt of een rijmpje opzegt en dat vooral vaak herhaalt.
Een echt oma- en opawerkje is het zelf maken van een lappenboekje met op elke bladzijde een afbeelding uit de omgeving van dit ene kind: de appelboom uit de tuin, de viool van opa, de poes, enzovoort. Je kunt al je gevoel voor het kind in zo’n boekje leggen, zodat je er zelf ook van geniet als je het met je kleinkind bekijkt. Dat laatste is belangrijk, want je eigen beleving stroomt direct door naar het kind. Zo is het ook goed om straks, als je kleinkind wat groter is, alleen dingen voor te lezen waaraan je zelf ook plezier beleeft.

Grootouders zijn anders dan ouders. Juist door die onzichtbare draden die er wederzijds lopen, zijn kleinkinderen bij opa en oma extra gevoelig voor geuren, sferen, interesses. Mijn zoon heeft bijvoorbeeld een sterke vroege herinnering aan opa die met hem achter in de tuin bloemen van de dovenetel plukte. Dan gingen ze heel behoedzaam aan elk los bloemetje zuigen om de zoete honing te proeven. Dit soort ‘kleine’ belevenissen zijn heel bepalend voor een kinderleven.

Een klassiek groot voorleesboek is Vrouwtje Appelwang van Ruth Ainsworth met verhaaltjes over de kleuter Jasper, die van alles en nog wat verzamelt. Omdat zijn broekzakken altijd uitpuilen, naait oma voor hem een stevige katoenen zak. Als iemand Jasper vraagt wat hij met al die spullen gaat doen, antwoordt hij: ‘Weet ik niet, maar een keertje kan ik ze vast ergens voor gebruiken’.

Tussen de verhalen over het kleuterleven zijn ook meer sprookjesachtige vertellingen opgenomen. Uit alle verhalen spreekt een ondertoon van respect voor de ontwikkeling van kinderen. Er is ruimte voor ruzie met een buurmeisje, voor de boze buien van Jasper, voor zijn kindergeheimen, maar ook voor zijn relatie met volwassenen en de natuur. Gaandeweg verdwijnt Jasper uit beeld, worden de verhalen langer en groeien ze ook wat thematiek betreft met de (klein)kinderen mee. Als die een jaar of acht zijn zullen ze de verhalen die opa en oma ooit voorlazen ook zelf willen lezen. 

Ruth Ainsworth
llustraties: Shirley Hughes

Boek

Vanaf 4 jr

Kinderboekbesprekingalle titels

Kinderboekbesprekingalle auteurs

.

2058

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

.

 

 

 

É; , Een klassiek groot voorlees-

boek is Vrouwtje

i jj|p* Appelwang van Ruth

11 ‘ Ainsworth met verhaaltjes

,t! t ^ over de kleuter Jasper, die

£*U V f ‘ van alles en nog wat verza-

melt. Omdat zijn broekzakken ‘ 4 altijd uitpuilen, naait oma voor

\^$ÈÊFmw*3Ê\ hem een stev’9e katoenen zak.

f Jr%ï Als iemand Jasper vraagt wat

h JFL hij met al die spullen gaat

tl MaNK*»* doen, antwoordt hij: ‘Weet ik

niet, maar een keertje kan ik ze r vast er9ens v00r gebruiken’.

| ; ‘ Tussen be verhalen over het

‘” ‘jt kleuterleven zijn ook meer .. Jr sprookjesachtige vertellingen ‘g.JF opgenomen. Uit alle verhalen jt’ spreekt een ondertoon van respect

voor de ontwikkeling van kinderen. Er is ruimte voor ruzie met een buurmeisje, voor de boze buien van Jasper, voor zijn kindergehei-men, maar ook voor zijn relatie met volwassenen en de natuur. Gaandeweg verdwijnt Jasper uit beeld, worden de verhalen langer en groeien ze ook wat thematiek betreft met de (klein)kinderen mee. Als die een ja ar of acht zijn zullen % iMM ze de verhalen die opa en oma ooit voorlazen ook zelf willen lezen. •

 

VRIJESCHOOL – Kinderboekbespreking (37)

.

Er zijn heel veel kinderboeken.
Ze zijn en worden door allerlei recensenten besproken. Die hebben allemaal een opvatting of een boek mooi, goed, enz. is.

Er staan vaak illustraties in. Ook die worden mooi, dan wel minder mooi of zelfs lelijk gevonden. Maar hoe geldig zijn deze criteria. Smaken verschillen en als ze opvoedkundig beoordeeld worden, spelen allerlei mensbeelden, bewust of onbewust, ook hun rol.

De kinderen zelf vormen de grootste maatstaf. Als een boek telkens voorgelezen en of bekeken moet worden; als het ‘met rode oortjes’ wordt gelezen, verslonden, zelfs, dan weet je dat de schrijver of illustrator een snaar heeft weten te raken die nog lang naklinkt. Ook de kinderen hebben een smaak en het ene zal dit, het andere dat boek fijner vinden.

In de artikelenreeks ‘Kinderboekbespreking’ op deze blog zal er een aantal de revue passeren.

Amalia Baracs, Weleda Puur Kind, herfst 2001, nr.8

In de regel zullen oma en opa rust en tijd hebben om met de kleinkinderen een prentenboek te kijken of hen voor te lezen. Voor grootouders is het dan ook handig een paar ‘klassieke’ voorleesboeken in de kast te hebben staan. Boeken met verhalen die veel kinderen aanspreken en die bovendien niet te zeer zijn toegespitst op een bepaalde leeftijd.

‘Echte’ boeken zijn voor de hele kleintjes nog niet nodig. Zij hebben het grootste plezier wanneer je zo nu en dan een liedje voor ze zingt of een rijmpje opzegt en dat vooral vaak herhaalt.
Een echt oma- en opawerkje is het zelf maken van een lappenboekje met op elke bladzijde een afbeelding uit de omgeving van dit ene kind: de appelboom uit de tuin, de viool van opa, de poes, enzovoort. Je kunt al je gevoel voor het kind in zo’n boekje leggen, zodat je er zelf ook van geniet als je het met je kleinkind bekijkt. Dat laatste is belangrijk, want je eigen beleving stroomt direct door naar het kind. Zo is het ook goed om straks, als je kleinkind wat groter is, alleen dingen voor te lezen waaraan je zelf ook plezier beleeft.

Grootouders zijn anders dan ouders. Juist door die onzichtbare draden die er wederzijds lopen, zijn kleinkinderen bij opa en oma extra gevoelig voor geuren, sferen, interesses. Mijn zoon heeft bijvoorbeeld een sterke vroege herinnering aan opa die met hem achter in de tuin bloemen van de dovenetel plukte. Dan gingen ze heel behoedzaam aan elk los bloemetje zuigen om de zoete honing te proeven. Dit soort ‘kleine’ belevenissen zijn heel bepalend voor een kinderleven. 

 

Een ander geschikt boek voor opa’s en oma’s is het prentenboek Het appeltulbandje van Nienke van Hichtum. De kleurige illustraties, die over de volle bladzijden heen gaan, zijn van Marjan van Zeijl. Een oud vrouwtje heeft veel zin in een appeltulbandje. Alle ingrediënten zijn in huis, behalve een appel. Maar ze heeft wel pruimen en gaat met een mandje pruimen op stap om ze te ruilen. Zo krijgt ze een mandje vol donsveertjes, bloemen, een gouden halsketting en ten slotte een schattig wit hondje. Een eenzame oude man is dolblij met het hondje in ruil voor appelen. Thuis maakt het vrouwtje meteen een appeltulbandje ‘zo zoet en bruin dat het een lust was’.

Nienke van Hichtum
Ill. Marjan van Zeijl

Boek

Vanaf 3 jr

Kinderboekbesprekingalle titels

Kinderboekbesprekingalle auteurs

.

2045

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

.

VRIJESCHOOL – Kinderboekbespreking (36)

.

Er zijn heel veel kinderboeken.
Ze zijn en worden door allerlei recensenten besproken. Die hebben allemaal een opvatting of een boek mooi, goed, enz. is.

Er staan vaak illustraties in. Ook die worden mooi, dan wel minder mooi of zelfs lelijk gevonden. Maar hoe geldig zijn deze criteria. Smaken verschillen en als ze opvoedkundig beoordeeld worden, spelen allerlei mensbeelden, bewust of onbewust, ook hun rol.

De kinderen zelf vormen de grootste maatstaf. Als een boek telkens voorgelezen en of bekeken moet worden; als het ‘met rode oortjes’ wordt gelezen, verslonden, zelfs, dan weet je dat de schrijver of illustrator een snaar heeft weten te raken die nog lang naklinkt. Ook de kinderen hebben een smaak en het ene zal dit, het andere dat boek fijner vinden.

In de artikelenreeks ‘Kinderboekbespreking’ op deze blog zal er een aantal de revue passeren.

Amalia Baracs, Weleda Puur Kind, herfst 2001, nr.8
.

In de regel zullen oma en opa rust en tijd hebben om met de kleinkinderen een prentenboek te kijken of hen voor te lezen. Voor grootouders is het dan ook handig een paar ‘klassieke’ voorleesboeken in de kast te hebben staan. Boeken met verhalen die veel kinderen aanspreken en die bovendien niet te zeer zijn toegespitst op een bepaalde leeftijd.

‘Echte’ boeken zijn voor de hele kleintjes nog niet nodig. Zij hebben het grootste plezier wanneer je zo nu en dan een liedje voor ze zingt of een rijmpje opzegt en dat vooral vaak herhaalt.
Een echt oma- en opawerkje is het zelf maken van een lappenboekje met op elke bladzijde een afbeelding uit de omgeving van dit ene kind: de appelboom uit de tuin, de viool van opa, de poes, enzovoort. Je kunt al je gevoel voor het kind in zo’n boekje leggen, zodat je er zelf ook van geniet als je het met je kleinkind bekijkt. Dat laatste is belangrijk, want je eigen beleving stroomt direct door naar het kind. Zo is het ook goed om straks, als je kleinkind wat groter is, alleen dingen voor te lezen waaraan je zelf ook plezier beleeft.

Grootouders zijn anders dan ouders. Juist door die onzichtbare draden die er wederzijds lopen, zijn kleinkinderen bij opa en oma extra gevoelig voor geuren, sferen, interesses. Mijn zoon heeft bijvoorbeeld een sterke vroege herinnering aan opa die met hem achter in de tuin bloemen van de dovenetel plukte. Dan gingen ze heel behoedzaam aan elk los bloemetje zuigen om de zoete honing te proeven. Dit soort ‘kleine’ belevenissen zijn heel bepalend voor een kinderleven. 

 

Kleine belevenissen staan centraal in de verhalen over Jip en Janneke.
Kleuters blijven kleuters en daarom zijn deze anekdotes voor kinderen van alle tijden.
Sinds 1950 behoren de kinderboeken van Annie M.G. Schmidt tot het Nederlandse cultuurgoed. Ze had het vermogen  huis-tuin- en keukengebeurtenissen met groot gevoel voor humor en weinig woorden te beschrijven. Omdat ze daarbij steeds naar de volwassenen knipoogt, vinden die het leuk haar boeken voor te lezen.

Annie M.G. Schmidt
Ill. Fiep Westendorp

Boek

V.a. 4 jr
.

Kinderboekbesprekingalle titels

Kinderboekbesprekingalle auteurs

.

2040

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

.

 

 

VRIJESCHOOL – Kinderboekbespreking (33)

.

Er zijn heel veel kinderboeken.
Ze zijn en worden door allerlei recensenten besproken. Die hebben allemaal een opvatting of een boek mooi, goed, enz. is.

Er staan vaak illustraties in. Ook die worden mooi, dan wel minder mooi of zelfs lelijk gevonden. Maar hoe geldig zijn deze criteria. Smaken verschillen en als ze opvoedkundig beoordeeld worden, spelen allerlei mensbeelden, bewust of onbewust, ook hun rol.

De kinderen zelf vormen de grootste maatstaf. Als een boek telkens voorgelezen en of bekeken moet worden; als het ‘met rode oortjes’ wordt gelezen, verslonden, zelfs, dan weet je dat de schrijver of illustrator een snaar heeft weten te raken die nog lang naklinkt. Ook de kinderen hebben een smaak en het ene zal dit, het andere dat boek fijner vinden.

In de artikelenreeks ‘Kinderboekbespreking’ op deze blog zal er een aantal de revue passeren.

Pieter HA Witvliet
.

Dit is naar mijn smaak het prachtigste kerstboek dat er bestaat.
Geschreven in meeslepende stijl. Er gebeurt van alles: spannende dingen – en gelukkig: het loopt goed af! Dingen om je zorgen om te maken: maar Maria overkomt niets. Mooie dingen: de slechteriken gaan een beter leven leiden. Enz.
Ik bewaar aan het voorlezen de mooiste herinneringen. Niet alleen aan onze eigen kinderen, maar vooral ook aan mijn klassen ( 1 t/m 3 – groep 3 t/m 5).
Na de 1e advent las ik er iedere dag een klein stukje uit voor. De kaars(en) in de adventskrans brandde(n) en de kinderen zaten in het nog schemerige lokaal stil te luisteren.
Zo’n boek gun ik ieder kind: om voor te lezen of om zelf te lezen.

 

Gunhild Sehlin
Ill. Jan Verheyen

Boek  – het is er nog!

Vanaf 6jr

Kinderboekbesprekingalle titels

Kinderboekbespreking: alle auteurs

.

1975

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

.