VRIJESCHOOL – 7e klas – voedingsleer(6-4/1)

.
Evenals andere artikelen in de reeks ‘7e klas voedingsleer’ gaat dit niet direct over de periode. Er zal soms over ‘de elementen’ gesproken (moeten) worden.
Daarom zijn de artikelen daarover hier bij elkaar gehouden, al zouden ze ook elders geplaatst kunnen worden.

.

Joop van Dam, Weledaberichten nr. 166 najaar 1995
.

Over de aarde

.

Toen het door de ruimtevaart mogelijk werd om de aarde op grotere afstand te bekijken, zagen de astronauten tot hun verrassing een blauwige druppel met rondom witte, beweeglijke velden. Niet de vaste aarde werd waargenomen maar de vochtige luchtsfeer eromheen.

Vanuit het heelal afdalend komt men in de atmosfeer die eerst een warmteomhulling is en dan een luchtsfeer. Hierin stijgen de wolken uit de aardse watermassa’s op. Zo passeer je eerst de elementen vuur, lucht en vloeistof, om daarna op aarde te belanden.

Deze gang door de elementen maakt ook elk kind dat ‘op aarde’ komt. Het lichaam wordt in warmte geconcipieerd. Hierdoor komt de verharding van het lichaam met de vorming van botten en tanden pas op het laatst in de embryonale ontwikkeling tot stand. Gebeurt dit te laat, dan blijft het kind te veel in het vloeistofelement hangen. De botten blijven dan te week en buigen bij het gaan staan door. (Het effect is O- of X-benen).

Bij de oudere mens dreigt het aarde-element de overhand te krijgen: verhardingen treden op waar dit niet hoort, bijvoorbeeld in de lens van het oog (staar) of in de bloedvaten (aderverkalking).

Ook in de loop van de mensheidsgeschiedenis is de mens steeds dichterbij de aarde gekomen. Zagen mensen vroeger nog wezens in de natuur (Wodan in de donder, elfen, kabouters), na de Middeleeuwen verdween dat vermogen. Toen zag de mens pas echt de aarde: hij begon de bergen te beklimmen en ging op ontdekkingsreis. Toen werd ook duidelijk wat het aarde-element ons kan brengen: in het water- en luchtelement gaan de dingen in elkaar over, de aarde-dingen daarentegen zijn goed van elkaar te onderscheiden en te tellen. Ze liggen vast, zijn onveranderlijk en gehoorzamen aan aardse wetten.

Na de Middeleeuwen werd de natuurwetenschap ontwikkeld, die alles wat tastbaar (vast), weegbaar (zwaartekracht) en telbaar is, onderzoekt. We danken er een helder, controleerbaar en exact bewustzijn aan. Met die wetenschap kun je ook werken en afspraken maken. Dit geeft zekerheid en vastigheid. Als je niet wakker bent, word je door de aardse werkelijkheid gecorrigeerd. Het aarde-element heeft helderheid, exactheid en daardoor zelfstandigheid ten opzichte van de wereld gebracht.

Toch zijn we niet uitsluitend aan deze aardse realiteit gebonden. Het feit dat de mens rechtop gaat staan, laat zien dat er iets in hem leeft wat zich boven de aardse zwaartekracht verheffen kan. Andere elementen worden dan werkzaam. Daarover volgende keer.*

*water [6-4/2]  lucht [6-4/3]   warmte

7e klas voedingsleeralle artikelen

7e klasalle artikelen

Vrijeschool in beeld7e klas

.

2715

.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.