VRIJESCHOOL – Heemkunde (1-2)

.

Heemkunde klas 1, 2, 3 algemene gezichtspunten

Het derde vak
Tot de kennisgebieden, die de nieuwe onderwijswet [ingevoerd 1985] aangeeft, zou men een gebied kunnen aanwijzen, dat eensdeels opvalt door zijn universaliteit, anderdeels onmisbaar lijkt door de sociale vorming die het in zich draagt.

Het kleine kind kijkt eerder dan het grijpt, loopt, spreekt of denkt.

Van alles wat de zintuigen opnemen, is het meest naaste: de omgeving.

Van alle kennisgebieden is het meest naaste: het onderwijs over de omgeving. Omgevingsonderwijs dus. ‘Omgeving’ kan heel veel omvatten. In feite behoort het heelal evenzeer tot de omgeving van het kind als de planeet Aarde; en de aarde in het stadstuintje, of de aarde in het bloembakje op de zesde verdieping van de galerijflat.

Alles wordt door het oog opgenomen in eerste instantie. Hoe kan het oog zien? Doordat er licht is. Dat licht is in de eerste plaats zonlicht. Zei niet Goethe — we herdenken zijn 150 jaar geleden sterfdag*— dat het oog een orgaan was door het licht aan het organisme gevormd voor het licht, d.w.z. om het licht zelf te kunnen waarnemen? Het gelijke kan eigenlijk pas het gelijke kennen. Hoe zou het oog de zon kunnen zien, wanneer het zelf geen zonnekarakter bezat?
Daarmee is eigenlijk uitgesproken het Apollinische karakter van het omgevingsonderwijs: een geschenk van de zon! Het geschenk van het licht op zichzelf maakt het geschenk van het omgevingsonderwijs aan het kind mogelijk. Weliswaar ziet het kind de omgeving vanzelf, maar steeds zal men de vraag moeten stellen: Wat ziet het? Wat zegt het hem? Wat begint hij ermee?

Het kind ziet veel, maar er moet hem gezegd worden, wat het ziet, het moet hem zó gezegd worden, dat het hem iets zegt en tenslotte zal hem geleerd moeten worden, hoe hij met dit alles om kan gaan. Het kind zal een sociaal wezen moeten worden. Het zal moeten omgaan met mensen, met dieren en planten, met de aarde.

Kennis is nuttig, maar duidelijk secundair bij deze sociale opgave. Primair is de vorming van het gemoedsleven in deze periode, vooral na de culminatie van het gevoel in de ik-beleving. Welke verhouding bouwt het kind daarna op tot de omgeving, tot dorp, land, werelddeel, aarde, kosmos? Tot alles, wat in de ruimte op hetzelfde ogenblik aanwezig is? De basis voor het opbouwen van deze verhouding is gelegd door het woord van de leerkracht. Sympathie, eerbied, zijn er ingebouwd als voeding voor de levenskrachten, die hen laten groeien en ontwikkelen tot liefde, plicht, sociaal gevoel. Voor de jongere kinderen is daar de wereld van de eerbied, de geschapen wereld, de wereld van God-Vader uit het Oude Testament.

Dit vak, geschonken door licht en ruimte, willen we toch maar in zijn algehele aspecten aardrijkskunde noemen, al smaakt het te wetenschappelijk voor kleine kinderen. Dan heet het heemkunde (heem = erf) en in zijn praktische uitoefening: zaakonderwijs.
Dit in de klassen I, II en III.
In de hogere klassen omvat de aardrijkskunde eigenlijk ook biologie (mens-, dier- en plantkunde), mineralogie en geologie, economie en historie, staatsinrichting, astronomie. Voor dit geschrift zal een keuze worden gemaakt. Uiteraard bestaat ook de aardrijkskunde in engere zin!

Ontwikkeling van het kind (klassen I, II en III)

In de voorgaande hoofdstukken is reeds de hoofdzaak van deze ontwikkeling aangegeven. Ook voor de aardrijkskunde houden wij de indeling: wilsperiode van de grote gevoelsperiode (6-9 jaar), kleine gevoelsperiode van de grote gevoelsperiode (9-12 jaar) en denkperiode van de grote gevoelsperiode (12-14 jaar) aan. Nadere precisering geeft de herinnering aan het feit, dat de wil van deze kinderen tussen zes en negen jaar zich nog deels in het lichamelijke en wel het zintuigengebied bevindt. De wilskrachten werken in hoofdzaak in het ledematen- en stofwisselingsysteem.

Alles, wat gebracht wordt, zal een totaal karakter moeten dragen in die zin, dat het gehele kind motorisch, emotioneel en sensorisch wordt aangesproken; dus het woord, fantasievol en niet gespeend van moraliteit, zal in beelden over de omgeving tot het kind moeten spreken, zodat alles beleefbaar wordt ‘tot in de tenen’, ook de dingen, die het door de gezichts- en andere waarnemingen bij name ‘kent’.

Zo is het hoofddoel van het aardrijkskunde (heemkunde) onderricht in deze kleine wilsfase:

Het dromende kind langzamerhand wakker te maken voor zijn omgeving, zodat het zich bewuster met zijn omgeving leert verbinden.

Leer- en ontwikkelingsdoelen
— een belangstellende houding ten opzichte van de natuur voorbereiden en bevorderen.
— het wekken van eerbied ten opzichte van het leven in het algemeen.
— het bekend maken met plant, dier en gesteente uit de omgeving.
— het wekken van belangstelling ten opzichte van de mens.
— het voorbereiden van zorgvuldige omgang met materiaal.
— het wekken van bewustzijn voor de elementen: aarde, water, lucht en warmte.
— het wekken van bewustzijn voor de mens als scheppend en werkend wezen.

Leerstof, Middelen en Werkvormen Voor klas I en II
Het kind in de laagste klassen voelt zich nog één met de natuur. Zonen maan, plant en dier, alles heeft voor het kind een bepaald gebaar. Gebaren laten zich in taal omzetten.

Voor het kind is het derhalve natuurlijk, dat alle dingen een taal spreken. En ook een taal met elkaar spreken. Bewustwording van de omgeving krijgt het kind door verhalen over de kracht van de eik, de schuchterheid van het viooltje, de milde warmte van de zon.

De taal van deze dingen moet niet fantastisch zijn, maar wel fantasievol. Uit exacte fantasie moet door de leerkracht geput worden. Alles moet iets wezenlijks uitspreken.

Het kind leert zijn affektie en sympathie verbinden met bepaalde beelden en voorstellingen.

Leerplan voor klas I: verhalen over de natuur in sprookjessfeer.

voorbeelden:
[1] jaargetijden; ‘gesprekken’
[2] steen, plant, dier en mens
[3] een paasverhaal over het ontstaan van het koren

Leerplan voor klas II: verhalen over natuur en mens in de sfeer van fabel en legende.

voorbeelden:
herfstspelletje
herfstspelletje
[ 1 ] lessuggesties voor een onderwerp en werkwijze
2 [ over de ‘sinnige Geschichte’; vertellingen uit/over de natuur

Leerstof, Middelen en Werkvormen Voor klas lll

 aardrijkskunde als zaakonderwijs.
Leerplan: Samenvattend beeld geven, hoe mens, dier, plant elkaar nodig hebben. Iets over verzorging, bemesting in het algemeen: plant heeft dierlijke of minerale bemesting nodig; het dier heeft de plant nodig als voedsel.

De aandacht van het kind wordt nu van het mythologische van de natuur verder geleid naar het praktische leven. Men bespreekt de bereiding van metselspecie en het gebruik ervan in de huizenbouw.

Het kind leert de graansoorten onderscheiden. Het leert de bewerking van de grond kennen: ploegen, eggen, bemesten, zaaien, besproeien, in de ruimste zin: verzorging.

Het kind leert een aantal oude ambachten kennen.

Door het zaak-onderwijs bereidt men de latere stof voor, die nodig is voor het schrijven van zakenbrieven.

Met nadruk: niet wordt het kind aan boord gekomen met het zogenaamde ‘werkelijke leven’ in de zin van lucht-, wateren grondvervuiling, vraagstukken van industrie en kernenergie.

Het onkinderlijke van al deze onderwerpen mag genoegzaam blijken uit de leeftijdsfase, waarin het inzicht, kritisch denken, oordeelsvermogen ontwaken: de puberteit. Het ontwaken op vroegere leeftijd is schijnbaar, het werkt dan als negatieve eerbied- en cultuurvernietigende kracht. Men hoede zich voor deze schijnbare eerlijkheid, het maakt de kinderen vroeg-oud, bang, on-enthousiast en ongemotiveerd. Het behandelen in welke vorm ook van de genoemde vraagstukken is onpedagogisch. Men moet eerst van de natuur leren houden om haar te kunnen verdedigen.

 

voorbeelden:
3e klas heemkunde: alle artikelen

 

(Uit ‘Het binnenste buiten”: eindrapportage ‘Project Traditionele Vernieuwingsscholen’ : tevens Schoolwerkplan [van de] Rudolf Steiner Kleuterschool, Voorschoten [en de] Rudolf Steiner school, Leiden. *1985)
.

heemkunde: alle artikelen

VRIJESCHOOL in beeld: 3e klas heemkunde: alle beelden

 

.

1118

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.