Tagarchief: 12 zintuigen GA 293 vdr. 8 blz. 120 e.v. vert.

VRIJESCHOOL – Rudolf Steiner – Algemene menskunde voordracht 8 (8-4)

.

de twaalf zintuigen
.

ALGEMEEN

Op blz. 120 (vert) begint Steiner – zij het nog beknopt – met ‘de zintuigen’.
Hij is zeer stellig:

Blz. 124   vert. 120

Der Mensch hat im ganzen zwölf Sinne.

De mens heeft in totaal twaalf zintuigen.

Zeker in de tijd waarin Steiner dit beweerde – zo vanaf 1909 – was dat = letterlijk = ongehoord – er werd over vijf zintuigen gesproken, soms zes of zeven, en dat is jaren zo gebleven. Inmiddels worden er wel meer dan vijf onderscheiden, maar tot twaalf is men ook meer dan honderd jaar later niet gekomen.

Steiners zintuigleer is niet te begrijpen zonder ‘geest – ziel – lichaam’.
En omdat ‘geest’ in 869 al werd afgeschaft, ligt het voor de hand dat de ‘geestelijke’ zintuigen voor de huidige manier van denken, nauwelijks toegankelijk zijn.

De twaalf zintuigen in schema:

Zintuigen van de geest:

1. Ik-zin                                                
2.Gedachte-zin
3.Woord-zin
4.Gehoors-zin

Zintuigen van de ziel

5. Warmte-zin                                                                           
6. Gezichts-zin
7. Smaak-zin
8.Reuk-zin

Zintuigen van het lichaam:

  9. Evenwichts-zin
10.(Eigen)beweging-zin
11.Levens-zin
12.Tast-zin                                           

Vaak wordt ook begonnen met de tastzin als nr. 1

Uiteraard is de ‘Algemene menskunde’ niet de enige plaats waar Steiner over de zintuigen spreekt. En telkens wordt er wel weer een nieuw aspect belicht of worden andere woorden gekozen.

Zo tot aan blz. 125 maakt hij wat losse opmerkingen over verschillende zintuigen.
Deze heb ik opgenomen bij de betreffende zintuigen, zie schema hierboven.

Met: So bekommen Sie die Tafel der Sinne als zwölf Sinne. Tatsächlich hat der Mensch zwölf solcher Sinne.

Zo krijgt u een scala van twaalf zintuigen. De mens heeft inderdaad twaalf zintuigen.
GA 293/128
Vertaald/125

lijkt er al een einde te komen aan de beschouwingen over de zintuigen.

ZINTUIGEN IN RELATIE TOT DENKEN, VOELEN, WILLEN

Op blz. 120 (vert) gaat Steiner even terug naar voordracht 7 [7-7-3][<1> waarin uiteengezet werd dat de zintuigprocessen voornamelijk wilsprocessen zijn en zich in een gevoels/wilssfeer afspelen. Hij constateert zijn eigen ‘tegenspraak’ wanneer hij over de ik-zin zegt dat deze meer een kenproces is. 
Op blz. 122 (vert) constateert hij dat hiermeede mogelijkheid tot pedante bezwaren tegen het kennisachtige van e n k e l e  zintuigen is weggenomen, doordat we hebben gezien hoe dit kennisachtige toch, verhuld, berust op de wil.

Het is goed om in de gaten te houden dat het bespreken van de zintuigen in deze 8e voordracht uitgaat van denken, voelen en willen en dat het verschijnsel ‘kennis (wakker) – wil (slaap) hoort bij het standpunt van de ‘bewustzijnstoestanden’.
We zien hier iets terug van ‘indelen’, dat enerzijds noodzakelijk is om tot kennen te komen, anderzijds tegelijk het gevaar inhoudt te dogmatisch vast te houden aan de (scherpe) indeling.
De zintuigen zijn dus in hoofdzaak wilsmatig, maar er zijn ook ‘gevoels- en kenniselementen’ aanwezig. 

Tastsinn, Lebenssinn, Bewegungssinn, Gleichgewichtssinn. Diese Sinne sind hauptsächlich durchdrungen von Willenstätigkeit.

De tastzin, de levenszin, de bewegingszin worden voornamelijk (! voornamelijk) doordrongen door wilsactiviteit.
GA 293/128
Vertaald/125

Ich habe noch hinzuzufügen, daß Ich-Sinn, Gedankensinn, Hörsinn und Sprachsinn mehr Erkenntnisse sind, weil der Wille darin eben der schlafende Wille ist, der wirklich schlafende Wille, der in seinen Äußerungen vibriert mit einer Erkenntnistätigkeit. So lebt schon in der Ich-Zone des Menschen Wille, Gefühl und Erkenntnis, und sie leben mit Hilfe von Wachen und Schlafen.

Ik moet hier nog aan toevoegen dat de ik-zin, de gedachtezin, de gehoorzin en de taalzin meer kenniszintuigen zijn, omdat de wil daarin slaapt, werkelijk slaapt en in zijn uitingen meetrilt met een ken-activiteit. Zo leven zelfs in de zone van het ik van de mens willen, voelen en kennen, en wel met behulp van waken en slapen.
GA 293/132
Vertaald/128

Nachdem wir nun die Möglichkeit hinweggeräumt haben, pedantisch Einwendungen zu machen gegen das Erkenntnisgemäße mancher Sinne, weil wir ja erkannt haben, daß dieses Erkenntnisgemäße doch in geheimer Weise auf dem Willen beruht, können wir jetzt die Sinne weiter gliedern. 

Nu de mogelijkheid tot pedante bezwaren tegen het kennisachtige van enkele zintuigen is weggenomen, doordat we hebben gezien hoe dit kennisachtige toch, verhuld, berust op de wil, kunnen we nu de zintuigen verder onderverdelen.
GA 293/128
Vertaald/125

Steiner past hier veelvuldig zijn methode toe, wil je tot in zicht komen, door tegenstellingen op te zoeken. Dat is verhelderend. Tegelijkertijd staan de opmerkingen over één zintuig dan verspreid. In de artikelen over de zintuigen ‘een voor een’ heb ik geprobeerd deze karakteristieken bij elkaar te zetten.

Na de gezichtszin in samenhang met de evenwichtszin te hebben besproken, uitmondend in wat oordelen is, merkt Steiner op:

Sie sehen jetzt hinein in den tieferen Sinn unseres Verhältnisses zur Welt.

U werpt hiermee een blik op de diepere zin van onze relatie tot de wereld.
GA 293/131
Vertaald/127

RELATIE TOT DE WERELD

En dat is toch iets wat je als vrijeschool(leerkracht) tot stand wil brengen: dat de kinderen een ‘relatie tot de wereld’ hebben.

Dat streef je al na met de inhoud van de leerstof zoals duidelijk blijkt uit – om  maar enkele vakken te noemen – plant- en dierkunde, natuur- en scheikunde. Met ‘de zintuigen’ komt daar een aspect bij.

Blz. 131  vert. 127

Hätten wir nicht zwölf Sinne,  würden wir wie Stumpflinge auf unsere Umgebung hinschauen, würden nicht innerlich das Urteilen erleben können. Da wir aber zwölf Sinne haben, so haben wir damit eine ziemlich große Anzahl von Möglichkeiten, das Getrennte zu verbinden.

Hadden we niet twaalf zintuigen, dan zouden we als stompzinnigen naar onze omgeving staren, dan zouden we niet tot een innerlijk oordelen kunnen komen. Maar aangezien we twaalf zintuigen hebben, hebben we daardoor een tamelijk groot scala aan mogelijkheden om de afzonderlijke delen met elkaar te verbinden.

Wat hierboven zo schematisch wordt weergegeven, komt uiteraard in het leven zo gescheiden niet voor. Dat werd duidelijk aan de gezichts- en evenwichtszin. Wat de wilszintuigen betreft zullen we nauwelijks in staat zijn, deze bewust met elkaar te verbinden, maar met de bewustzijnszintuigen gaat dat natuurlijk makkelijker, al verwacht je door deze opmerking anders:

Was der Ichsinn erlebt, können wir mit den elf anderen Sinnen verbinden, und das gilt so für jeden Sinn. Wir bekommen dadurch eine große Anzahl von Permutationen für die Zusammenhänge der Sinne.

Wat de ik-zin ervaart, kunnen we met de elf andere zintuigen verbinden en dat geldt voor ieder ander zintuig. Daardoor krijgen we een groot aantal permutaties in de samenhang van de zintuigen.

Ook algeldt dit voor ieder zintuigSteiner geeft alleen een voorbeeld met de ‘bewustzijnszintuigen’:

Aber außerdem bekommen wir auch noch eine große Anzahl von Möglichkeiten in dieser Beziehung, indem wir zum Beispiel den Ich-Sinn mit dem Gedankensinn und dem Sprachsinn zusammen verbinden und so weiter.

Maar bovendien hebben we ook nog een groot aantal mogelijke relaties, door bijvoorbeeld de ik-zin te verbinden met de gedachtezin en taalzin samen enzovoort.
GA 293/131
Vertaald/127

HET WEZENLIJKE VAN DE ZINTUIGEN

Da sehen wir, in wie geheimnisvoller Weise der Mensch mit der Welt verbunden ist. 

We zien hoe de mens op wonderbaarlijke wijze met de wereld is verbonden.

Durch seine zwölf Sinne zerlegen sich die Dinge in ihre Bestandteile, und der Mensch muß in die Lage kommen können, daß er sich die Dinge aus den Bestandteilen wieder zusammensetzt. Dadurch nimmt er teil an dem inneren Leben der Dinge.

Door de twaalf zintuigen worden de dingen geanalyseerd in hun bestanddelen en de mens moet in staat zijn deze bestanddelen weer samen te voegen tot de dingen. Daardoor neemt hij deel aan het innerlijk leven van de dingen.

VOOR DE OPVOEDING

Daher werden Sie begreifen, wie unendlich wichtig es ist, daß der Mensch so erzogen werde, daß vieles in gleichmäßiger Pflege in dem einen Sinn entwickelt wird wie in dem anderen Sinn, da dann ganz bewußt systematisch, die Beziehungen zwischen den Sinnen, den Wahrnehmungen, aufgesucht werden.

U zult dus begrijpen hoe uitermate belangrijk het is dat de mens een opvoeding krijgt waarbij alle zintuigen gelijkelijk worden verzorgd en ontwikkeld, zodat bewust en systematisch de relaties tussen de zintuigen, tussen de waarnemingen worden gezocht.
GA 293/131
Vertaald/128

Met de hieronder weergegeven link naar ‘zintuigen alle artikelen’ kom je bij allerlei artikelen waaronder een aantal waarin ‘het oefenen van de zintuigen’ vanuit praktische voorbeelden beschreven wordt.

.

GA 293   vertaald

Zintuigenalle artikelen

Algemene menskunde: voordracht 8 – alle artikelen

Algemene menskundealle artikelen

Rudolf Steineralle artikelen op deze blog

Menskunde en pedagogiealle artikelen

.

2190-2057

.

.

.

.

.

.

.