VRIJESCHOOL – Godsdienstonderwijs (5)

.

Veel informatie hoe het godsdienstonderwijs op de vrijescholen in de loop van de tijd is vormgegeven, heb ik niet.
In de jaren 1970 werd er over gesproken, vooral over het basale en waaraan moet het voldoen, wil het toekomst hebben.

Hieronder een paar artikelen:
.

J. Timmers, Zeist ergens in okt/nov. 1976
.

ALGEMENE OUDERAVOND OVER GODSDIENSTONDERWIJS – een impressie

Aan het eind van de hierboven vermelde ouderavond werd gevraagd of een der aanwezigen een impressie wilde schrijven van hetgeen deze avond ter sprake was gekomen. Het volgende is dus niet een objectief verslag, dat door alle aanwezigen onderschreven zou kunnen worden. Ik denk dat het enige punt, dat een groot deel van de aanwezige ouders verbond, de mengeling van gevoelens was, die je ondergaat als “nieuwe ouder” – dus iemand die de vrijeschool nog niet eerder daadwerkelijk in zijn leven heeft ontmoet – wanneer je wordt geconfronteerd met het begrip godsdienstles.
Die avond kwam dan ook vooral in het teken te staan van het uitspreken en zo mogelijk relativeren van de vaak diepgewortelde associaties en vooroordelen, die velen, waaronder ikzelf, hebben (hadden?) bij het begrip godsdienstonderwijs.

De inleiding van de heer Mees was voor mij een didaktisch meesterwerkje, grofmazig genoeg van opzet om veel vragen op te roepen en veel denkprocessen op gang te brengen, maar tevens subtiel genoeg geweven om de rode draad achter de jaarfeesten, de zondagshandeling en de godsdienstlessen te zien.

Hij beschreef de jaarcyclus van de natuur met haar opgang en neergang, haar sterven en bloeien, van dag en nacht die door de mens in zijn gevoelsleven, in zijn zielenleven in een geweldige tegenpolige cyclus tegemoet werd getreden.
Hoe het de mens is die in de jaarfeesten de natuur ontmoet, tegemoet treedt door in zijn gevoelsleven, in zijn ziel, het tegengestelde te beleven. Hoe bijvoorbeeld de mens in de donkere tijd het feest van het licht viert, hoe hij juist dan verlicht, verwarmd, helder van geest wordt. Hoe de mens in het Michaelsfeest beleeft wakker te worden tot de strijd, terwijl de natuur zich opmaakt om te slapen. Kortom: hoe het de jaarfeesten zijn waar de mens zichzelf beleeft aan de natuur, niét met de natuur mee; werkelijk ont-moeten dus, niet-moeten, vrijworden van, vrij-worden aan de natuur.

Centraler, dieper -..of hoger, net wat je wilt – staat het geestelijk wezen in de mens, onveranderlijk en eeuwig rechtlijnig voortgaand, temidden van deze nimmer aflatende cycli van perioden in het zielenleven van de mens. En zo komt de godsdienstles naar voren als dat punt in het in perioden leven, spelen en leren van het kind, dat voortdurend probeert te wijzen naar dat eeuwige, dat menselijke in de mens.

Zo kwam ook de zondagshandeling in beeld als het punt in de week, waar het voortdurend bewegen, het voortdurende periodeleven, verstild om te wijzen naar, te appellieren aan dié kern achter de dingen, die leven in ons, dat tijdloze in ons.

In de hierop volgende discussie kwam nog veel meer naar voren. Hoe de lessen bij het jonge kind tot doel hebben het kind in beelden te laten beleven van dingen, waarvan hiervoor sprake was, en hoe pas later de lessen geleidelijk aan meer in de begrippen terecht komen en tot de lessen “oriëntatie” voor de bovenbouw evolueren. Ook werd gesproken over het belang – misschien? – van het samenbrengen van religie en alledag; de zondagshandeling in de school dus (“ieder mens zijn eigen priester”, zei de heer Mees in een soort toekomstvisioen).

Over het vertrouwen van de ouders in de godsdienstleerkracht, gekoppeld aan het gevaar van te veel richting en inhoud geven aan het beleven van het kind in deze materie. Over de relatie tussen geloofsgemeenschap (kerk) en het nieuwe (toekomstige?) christendom. Nog veel meer. Kortom: Het natuurgebeuren voltrekt zich in periodes: winter, lente, zomer, herfst.
Deze seizoenen zijn te typeren als periode van duisternis (winter), licht (zomer), ochtend (lente), avond (herfst).
Zomer en winter hebben hun hoogtepunten in zomer- en winter: zonnewende.
Het menselijk lichaam heeft deels aardse periodiciteit, zo ook de ziel.

De perioden van de ziel gaan bijna gelijk op met de jaargetijden. De hoogtepunten zijn Kerstmis, Pasen, St.-Jan en Michaelsfeest. Maar de perioden van de ziel zijn tegengesteld van karakter aan die van de natuur.

Voor de ziel is de winter het tijdperk van het licht, met als hoogtepunt Kerstmis. De lente is de periode van de avond; het rekenschap geven van dood en opstanding – Pasen. De zomer is het tijdperk van de nacht: St. -Jan, een feest in de late avond, nachtelijk duister, sterrenhemel. De herfst brengt ochtendstemming met St.-Michael als voorbereider van het Lichtfeest.

De mens is niet alleen onderhevig aan verandering en periodiciteit. Er is ook iets in hem dat gelijk blijft, door de seizoenen en jaren heen. Je bent bewust van jezelf en de eigen periodiciteit, je kunt jezelf observeren en jezelf overstijgen. Dat is mogelijk door de geest. De geest is een constante en onveranderlijke factor, is leeftijd-loos.

Het leven in periodes is ook terug te vinden in de opbouw van het onderwijs aan de vrijeschool. Denk maar aan het periode-onderwijs en het vieren van en toeleven naar de jaarfeesten. Naast deze periodiciteit kent het vrijeschoolleven ook de onveranderlijkheid. De handelingen met hun vaste “liturgie” vormen dit constante element. Het kind wordt op iets anders en op een andere wijze aangesproken dan door de week. De geest wordt toegesproken, gewekt en versterkt.

Religie legt de band tussen mens en datgene wat meer, hoger of goddelijk is. Godsdienst is een ongelukkig woord voor religie. Godsdienstonderwijs wordt de wekelijkse les genoemd waarin leraar en leerling zich wijden aan religie. Die godsdienstlessen zouden ook best oriëntatie genoemd kunnen worden.

De mogelijkheden van een pedagoog zijn heel beperkt. Zijn belangrijkste taak is niet om een kind te veranderen, maar om het wezen van een kind te omhullen en te beschermen.

De godsdienstlessen zijn er niet voor om kinderen religieus besef bij te brengen. Dat is er. Het onderwijs moet de kans scheppen dat dit besef zich kan ontwikkelen. De leraar voedt het kind met beelden waarin het zich thuis voelt.

Het godsdienstonderwijs legt de schakel tussen ziel en geest en dus tussen periodiciteit en onveranderlijkheid, of anders gezegd tussen handelingen en periode-onderwijs, jaar- en andere feesten.

In de discussie die volgde kwamen nog de volgende informaties te voorschijn.

Het ontstaan van de handelingen is verbonden met de vrijeschool. Het was een antwoord van Steiner op vragen van ouders en kinderen. De kinderhandelingen worden ook gegeven in de kerk van de Christengemeenschap.

Sommige ouders en kinderen trekken meer naar de bijeenkomsten in de kerk, anderen gaan liever naar de school.

Mees: “Het past misschien goed in deze tijd dat leken de handelingen leiden en dat ze worden gehouden in een ruimte waarin door de week een hoop andere dingen gebeuren.”

Bij de handelingen staat de Christus-figuur centraal. Zoals trouwens ook in de Anthroposofie. Door Rudolf Steiner werd Anthroposofie wel eens aangeduid als een nieuw Christendom.

In de godsdienstlessen krijgen ook de andere wereldreligies veel aandacht. Het volgen van het godsdienstonderwijs hoeft op geen enkele wijze strijdig te zijn met het behoren tot een bepaalde confessie. Het volgen van deze lessen is facultatief, maar vrijwel alle kinderen nemen er aan deel.

Wat gebeurt er in de lessen, wat is de lesstof, wat hebben de godsdienstleraren voor achtergrond, kunnen ouders de lessen niet eens volgen?

Discussie over deze vragen maakte duidelijk dat het goed is als ouders proberen vanuit zichzelf de ontwikkeling van hun kinderen mee te maken.

De godsdienstleraren zijn altijd bereid deel te nemen aan gespreksgroepjes van ouders. Bij de lessen kunnen de ouders onmogelijk aanwezig zijn, omdat zij de relatie leraar-leerlingen, waarop de lessen gebouwd zijn, zouden verstoren.

0-0-0

Kraamwinkel  Haarlem, nadere gegevens ontbreken

.

RELIGIOSITEIT EN OPVOEDING
.

Wie een peuter met water en zand ziet spelen, kan daar een prettig gevoel bij krijgen; een gevoel van vertedering.
Tegelijkertijd ontdekt hij met pijnlijke verbazing, dat zo ’n peuter nog iets heeft, wat de volwassene al lang is kwijtgeraakt: een volmaakt onbevangen overgave aan de waarneming, een totaal opgaan in het korrelig door de vingertjes glijdende zand, in het bewegelijke, heldere waterstraaltje dat uit z’n theepotje komt.
Een klein kind heeft het vermogen om de kwaliteiten der natuurlijke dingen direct te beleven, zonder enig oordeel, zonder enig begrip. Dat beleven zou je natuurlijke religiositeit kunnen noemen.

Het schoolkind heeft deze natuurlijke religie niet meer. In hem groeit een nieuw vermogen: het vermogen tot “medemenselijkheid”. 
Zijn medemens en met name de volwassene is nu de spiegel geworden, waarin hij de wereld ziet; door het gesproken woord wordt het kind de wereld verteld, liever nog: vertaald.
Het kind kan de taal nog opnemen met z’n gevoel, met z’n hart. Gelukkig het kind, dat zo wordt aangesproken, dat het uit liefde en eerbied kan opzien naar zijn volwassen medemens.

In onze jongelingsjaren zoeken we de waarheid; we willen de wereld en de mensen met onze gedachten doorgronden, begrijpen.
Dat beleven van de waarheid, van de ideeën die achter al het uiterlijke schuil gaan, geeft een groot geluksgevoel, een gevoel dat te vergelijken is met het beleven van de kleuter in zijn ontmoeting met het natuurlijke, en met dat van het schoolkind in zijn ontmoeting met de medemens.

Drie, dagen hebben we met ongeveer tweehonderd collega’s intensief aan dit moeilijke thema gewerkt, dat al geruime tijd in de verschillende lerarencolleges was voorbereid.

Met nieuwe ideeën keerden we zondag diep voldaan huiswaarts.

Hartelijk dank, beste ouders, dat U door de extra-lange herfstvakantie deze waardevolle ontmoeting mogeliik hebt gemaakt.

0-0-0

Godsdienstonderwijsalle artikelen

Opvoedingsvragen: alle artikelen

Ontwikkelingsfasenalle artikelen

Algemene menskundealle artikelen

Vrijeschool in beeldalle beelden

.

3546-3331

,

,

,

,

 

 

 

 

 

Plaats een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.