VRIJESCHOOL – Jaarfeesten – Kerstmis (21)

.

KERST EN KERSTSPELEN

Met een forse ruk gaat de blinkende ster aan de Jacobsladder omhoog. De spelers, waaronder vooral de ruige herders in groen, rood en blauw opvallen, groeten vrolijk de houtjes, die de ster overeind houden. De kundige sterrezanger zwaait met de hoed en er wordt gegroet: zon, maan en sterren, de Drieëenheid, de planten, de gehele natuur. Maar ook worden de geestelijke en wereldlijke autoriteiten gegroet. Dit alles geschiedt met veel eerbied, vrolijke eerbied, waarvan alleen middeleeuwse spelen het geheim schijnen te bezitten. Men moet het beleefd hebben om erover te kunnen spreken. Of men meespeelt of toehoorder is … er kan een gevoel ontstaan, dat er een werkelijk kerstgebeuren op handen is.

De middeleeuwen hadden een sterke gemoedscultuur, die in zijn naïviteit en primitiviteit, zuiverheid en oorspronkelijkheid, een sterke en gezondmakende werking op de menselijke ziel had. Onze tijd heeft een verstandscultuur, die juist zwak is in die middeleeuwse gemoedskwali­teiten.
Zo kan men middeleeuwse kerstspelen leren zien als een pedago­gisch medicijn voor onze kinderen. Maar ook de volwassene kan veel aan deze spelen hebben.
Vaak tonen nieuwe ouders hun verbazing, dat steeds dezelfde spelen worden opgevoerd. Is het niet nodig, dat er steeds iets nieuws wordt gebracht?
Een grote misvatting.
Even dwaas als de opvatting, dat iets ouds altijd iets goeds zou zijn, is de mening, dat iets nieuws altijd waarde zou hebben.
Op het stenen paard van de verstarde traditie kan men niet rijden, hoogstens zitten.
Maar op de wilde hengst van de ongedurigheid kan men noch rijden noch zitten.

Wie het ritme van de jaarfeesten en de jaargetijden innerlijk tracht te volgen, kan bemerken, dat hetzelfde steeds nieuwe inhoud kan krij­gen. Daaraan moet bewust gewerkt worden.
Zo is het met de jaarlijks opgevoerde Kerstspelen ook.

Deze tijd van het jaar heeft een heel bijzondere sfeer. Alles wordt donkerder, kouder en kaler. Donker en lang worden de nachten. Vaal en kort de dagen. Koud en doods is de aarde in onze hemelstreek. De bloeiende plantenwereld is verdwenen, kaal staan de bomen, de dierenwereld is grotendeels verborgen. Maar de terugkeer van licht en warmte wordt voorbereid. De nieuwe knoppen zitten al aan boom en heester.
Op 21 december is het de kortste dag, ook winterzonnewende of solstitium genoemd. Geleidelijk wint de zon aan kracht. Zegevierend keert hij terug.
Lange tijd voor de opkomst van het christendom vier­den de noordelijk cultuurvolken omstreeks 21 december het feest van de terugkerende, onoverwinnelijke zon.

Het christendom behoefde slechts aan te knopen aan de plaatselijke ‘heidense’ traditie, zegt men wel. Slimme geestelijken zouden gebruik hebben gemaakt van de traditionele heidense feesten om de christelijke feesten er bij de bevolking ‘in te krijgen.
Deze nog veel verbreide opvatting vindt geen steun in de cultuurhistorie en behoort in de rommelkamer der utilistische fabelen te worden opgeborgen.
Van Perzië tot IJsland wist men reeds duizenden jaren in de mysteriën, dat er een kind zou worden geboren als heiland en verlosser voor de mensheid. Bovendien wist men, dat de vereerde, onoverwinnelijke zon de mantel van dit goddelijk wezen – later met een Grieks woord ‘Chris­tus’ genoemd – vormde.
Rudolf Steiner bevestigt dat.
Een traditioneel adventslied zegt in een van zijn couplettent “De Zonne, voor wier stralen het nachtlijk duister zwicht … is Christus,’t eeuwig Licht”.
De dichter heeft deze woorden zonder twijfel symbolisch bedoeld. Maar dit symbool duidt op een werkelijk­heid, die grootser is dan hij waarschijnlijk zelf ooit gedacht heeft.

Hoe vierde men het kerstfeest in de eerste eeuwen van het christendom? Nu, men vierde Kerstmis in het geheel niet. Veel belangrijker vond men in die tijd de “Doop in de Jordaan”, waardoor de Christus zich als hoogste Geestwezen verbond met het lichaam van Jezus van Nazareth. Dit is de geboorte, waarmede het Markus- en Johannesevangelie beginnen. Volgens de overlevering vond deze plaats op 6 januari. Het feest werd Epiphanie (=goddelijke verschijning) genoemd. Om allerlei redenen werd in het begin van de middeleeuwen door de Kerk de geboorte van het Jezuskind in het middelpunt van de belang­stelling geplaatst. In theologisch opzicht betekende dat een voor­keur voor het Mattheüs- en Lucasevangelie, welke immers beginnen met de geboorte van een heilig kind.

Dit alles geschiedde niet zonder wijsheid. Want de dag voor de 25ste december was vanouds gewijd aan Adam en Eva. Was het Jezuskind niet de ‘nieuwe Adam’, gekomen om de zonde van de oude Adam goed te maken? Zo werden de lotgevallen van het oudste mensenpaar verbonden met de geboorte van Jezus.

Onze Kerstspelen bestaan dan ook uit een “paradijsspel”, een “Geboortespel” en een “Drie Koningenspel”.

Zoals gezegd wortelen zij in de middeleeuwen, een tijd van felle kleur, helder licht en duistere dramatiek. De felste hartstocht en meest brute wreedheid kwamen voor naast de diepste innigheid, trouw en geloof in God en mensheid. De goddelijke geestwereld was dichtbij en men keek meer naar het toekomstige hemelse dan naar het aardse leven. In onze tijd is het omgekeerde het geval. Vandaar dat voort­brengselen van Middeleeuwse cultuur in onze tijd een opwekkende en genezende uitwerking kunnen hebben.

Kerstspelen als element van kerstviering hebben zelf een lange ontwikkeling achter de rug.
In de vroege middeleeuwen bestond de kerstviering uit een nachtmis in het Latijn. Niemand bijna verstond de teksten. Gelukkig kwamen er in de kerken steeds meer gekleurde glazen en schilderijen, waarop, als in een beeldroman, de heilige kerstge­beurtenissen zichtbaar werden.

Maar de gelovigen verlangden het kerstgebeuren in steeds concreter gestalte voor zich te zien, ja er in te participeren. Aan dit verlangen werd tegemoet gekomen: zg.  “kerststallen” van hout, klei of metaal ontstonden. Ook kerststallen met levensgrote poppen. De kerkgangers mochten het kindje in de kribbe helpen wiegen. Het ging er vaak vrolijk toe ‘men juichte het kindje en moeder Maria uit­bundig toe en bespotte de ietwat sullige Jozef.’

Nog later begonnen geestelijken het kerstevangelie als een soort toneelspel in de kerk uit te beelden. Gezongen bijbelteksten werden als basis voor het spel gebruikt. Gesproken teksten zijn van nog jonger datum.
Zo ontstonden in West-Europa vele religieuze spelen, ook wel mysterie­spelen genoemd.

Tenslotte kwamen deze spelen”buiten de kerk”, waar zij door zich ernstig oefenende “leken”  (= niet-geestelijken) werden opgevoerd.

Het toneelspel als Kunst heeft zich in de late middeleeuwen losge­maakt uit de schoot der kerk, zoals alle kunsten, en is een steeds wereldlijker weg gaan bewandelen.

Tijdens de Renaissance vond een beïnvloeding plaats door de oervorm van toneeldrama, de Griekse tragedie, eveneens oorspronkelijk een religieuze aangelegenheid.

Onze Kerstspelen zijn in vrijwel gave toestand ontdekt in het dorpje Oberufer, waar Duitse emigranten al sinds de middeleeuwen zich hadden gevestigd. Oberufer ligt op een eiland in de Donau bij de stad Pressburg (Bratislava). Geïsoleerd in een Hongaars gebied bewaarden de boeren van Oberufer hun spelen als een kostbare schat. Zij werden in één boerengeslacht van vader op zoon opgeleverd. Na de oogsttijd zocht de leermeester-boer een stel geschikte jongens uit – vrouwen mochten niet meespelen – en studeerde de spelen met hen in. De regels voor de spelers waren zeer streng (bv. boetes voor elke fout in de tekst). Het was dan ook een heilige aangelegenheid. De boeren speelden deze Kerstspelen in Oberufer en omgeving vanaf de eerste adventzondag tot en met Driekoningen op iedere zon- en feestdag.

Professor C.J. Schroer ontdekte de spelen en gaf ze uit. Als taal­geleerde besefte hij de waarde in hoge mate. Het enthousiasme van Schröer werd overgedragen op zijn student, Rudolf Steiner. Laatstgenoemde stelde aan het lerarencollege van de Waldorfschool in Stuttgart voor om deze spelen door de leraren als kerst­geschenk voor de leerlingen te laten opvoeren. Dat gebeurde. Het is een opwekkende gedachte, dat deze waardevolle spelen thans in meer dan honderdveertig* Vrije Scholen en heilpedagogische in­stituten in de gehele wereld, van Canada tot Nieuw Zeeland worden opgevoerd in de komende dagen.

In de Kerstspelen uit Oberufer vindt men alle elementen uit de lekespelen terug die in het voorafgaande genoemd zijn. De drieledigheid van de Griekse tragedie, het koorzingen, het kindje-wiegen en de in de tekst verwerkte bijbelwoorden.
Op de inhoud van de spelen zelf hoop ik in een volgend artikel nader in te gaan.

Mogen deze Kerstspelen niet alleen bij de kinderen, maar vooral ook bij de ouders en de belangstellenden die waardering vinden die zij ten volle waard zijn.

(P.C.Veltman, vrijeschool Leiden, nadere gegevens onbekend)
*2017 zijn dat er ca 1100

.

Kerstmisalle artikelen

jaarfeestenalle artikelen

kerstspelenalle artikelen

VRIJESCHOOL in beeld:  advent    jaartafel       Kerstmis    jaartafel

.

394-372

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

.

Advertenties

2 Reacties op “VRIJESCHOOL – Jaarfeesten – Kerstmis (21)

  1. Pingback: VRIJESCHOOL – JAARFEESTEN – Kerstmis – alle artikelen | VRIJESCHOOL

  2. Pingback: VRIJESCHOOL – KERSTSPELEN – Alle artikelen | VRIJESCHOOL

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s