VRIJESCHOOL – Rudolf Steiner – Algemene menskunde – voordracht 13 (13-6)

.

RUDOLF STEINER
.

ALGEMENE MENSKUNDE ALS BASIS VOOR DE PEDAGOGIE

GesamtAusgabe (GA) 293*
Vertaald*

Enkele gedachten bij blz. 193 – 195 van de vertaling*

.

Ging het in het vorige artikel vooral om ‘de geest buiten ons’, hier gaat het om ‘de geest binnen ons’.

Blz. 192  vert. 193

Wie ist es denn mit der geistigen Arbeit? 

Hoe is dat nu met geestelijke inspanning?

Het blijft natuurlijk lastig om precies voor ogen te hebben wat dit geestelijke nu weer betekent. Je zou hier bijv. ook kunnen vertalen met ‘activiteit van het verstand’, in ieder geval ‘iets mentaals’.
Als Steiner zo dadelijk het voorbeeld ‘lezen’ noemt, weten we al dat het hier ook gaan om ‘voorstellen’, de ‘oude kracht’ zoals dat beschreven wordt in de 2e voordracht.  Bijv. hier.
En we herkennen door die 2e voordracht ook dit:

Mit der geistigen Arbeit, also mit Denken, Lesen und so weiter ist es so, daß sie fortwährend begleitet ist Von leiblich-körperlicher Tätigkeit, von fortwährendem innerem Zerfall der organischen Materie, von Totwerden der organischen Materie. 

Met geestelijke inspanning, met lezen en denken bijvoorbeeld, is het zo dat ze voortdurend gepaard gaan met een lichamelijke activiteit: voortdurend brokkelt er in ons innerlijk organische materie af en sterft af.

Steiner noemt dat nu nog niet, maar ik wil er al graag op wijzen dat we in de vrijeschoolpedagogie dit afsterven proberen af te zwakken door met fantasie, beeldend, les te geven, waardoor er weer harmonie ontstaat of blijft bestaan.
Dat – onder andere – noemt Steiner ‘kunstzinnig onderwijs’.

Dus als het onderwijs in dit opzicht te onevenwichtig wordt:

Wir haben daher, indem wir uns zuviel geistig-seelisch beschäftigen, zerfallende organische Materie in uns.

Wanneer we ons nu met onze geest en ziel te veel inspannen, dan is er in ons organische materie in verval.

Het gaat dus om die spiegelende activiteit uit de 2e voordracht:

Verbringen wir unseren Tag restlos nur in gelehrter Tätigkeit, so haben wir am Abend zuviel zerfallene Materie in uns, zerfallene organische Materie.

Brengen we de hele dag door met louter geleerde bezigheden, dan hebben we ’s avonds te veel dode materie in ons, dode organische materie.

Nu komen we opnieuw bij de slaap uit, maar anders dan in het vorige artikel waar het ging om de slaap die ontstaat door te veel met de ledematen actief te zijn en dat dan weer bij de zgn. (voor de geest) ‘zinloze’ bezigheden.

Die wirkt in uns. Die stört uns den ruhigen Schlaf. Übertriebene geistig-seelische Arbeit zerstört ebenso den Schlaf, wie übertriebene körperliche Arbeit einen schlaftrunken macht. 

Die werkt in ons door. Die verstoort onze rustige slaap. Overdreven inspanning van geest en ziel verstoort de slaap, zoals overdreven lichamelijke inspanning ons slaapdronken maakt.

Maar niet alleen ’s nachts gebeurt er iets, ook overdag al:

Aber wenn wir uns zu stark geistig-seelisch anstrengen, wenn wir Schwieriges lesen, so daß wir beim Lesen auch denken müssen – was ja bei den heutigen Menschen nicht gerade beliebt ist -, wenn wir also zuviel denkend lesen wollen, schlafen wir darüber ein.

Maar het is ook zo dat we, als we ons te zeer inspannen met geest en ziel, als we iets moeilijks lezen en erbij moeten denken — tegenwoordig niet zeer populair — en te veel willen denken tijdens het lezen, dat we er dan bij in slaap vallen.

En als we proberen dit aan ons zelf waar te nemen, kunnen we ervaren dat dit zo is. En hoe reageren onze leerlingen op wat we ze laten horen. Wat zien de bovenbouwleerkrachten wanneer ze hun lessen geven als docent, met te veel accent op ‘doceren’, een tikje overdreven gezegd: wanneer ze maar praten en praten?

Oder wenn wir nicht dem wasserklaren Geschwafle der Volksredner oder anderer Leute zuhören, die nur das sagen, was man schon weiß sondern wenn wir zuhören denjenigen Leuten, deren Worten man mit seinem Denken folgen muß, weil sie einem etwas sagen, was man noch nicht weiß dann wird man müde und schlaftrunken.

Zo is het ook wanneer we niet luisteren naar het doorzichtige gebazel van bijvoorbeeld een volksredenaar of andere lieden die alleen zeggen wat men al weet, maar naar mensen luisteren wier woorden men met zijn denken moet volgen omdat ze iets uitdrukken wat men nog niet weet – dan wordt men moe en slaperig.

Blz. 193 vert. 194

Es ist ja eine hekannte Erscheinung, daß die Menschen, wenn sie, weil es «sich so gehört», in Vorträge, in Konzerte gehen und nicht gewohnt sind, wirklich denkend und empfindend das zu erfassen, was ihnen geboten wird, beim ersten Ton oder beim ersten Wort einschlafen. Sie verschlummern oft den ganzen Vortrag oder das ganze Konzert, dem sie pflichtgemäß oder standesgemäß beigewohnt haben.

Het is een bekend verschijnsel dat mensen die naar voordrachten of concerten gaan omdat ‘dat zo hoort’ en die niet gewend zijn om werkelijk denkend en voelend in zich op te nemen wat hun geboden wordt, dat die bij de eerste toon of het eerste woord in slaap vallen. Ze verslapen vaak de hele voordracht of het hele concert als ze daar alleen vanuit plichts- of standsgevoel zijn heengegaan.

(Wellicht houdt Steiner met deze woorden ook enkele van zijn eigen toehoorders een spiegel voor).

Wat ik hierboven over ‘kunstzinnig onderwijs’ opmerkte, krijgt hier een bredere basis:

Nun, da ist wiederum ein Zweifaches vorhanden. Wie ein Unterschied ist zwischen der sinnvollen äußeren Tätigkeit und der sinnlosen äußeren Geschäftigkeit, so ist auch ein Unterschied zwischen der mechanisch verlaufenden inneren Denk-und Anschauungstätigkeit und zwischen der fortwährend mit Gefühlen begleiteten inneren Denk- und Anschauungstätigkeit.

Nu, daar gebeuren twee dingen. Zoals er een verschil is tussen het zinvol bezig zijn in de buitenwereld en de zinloze bedrijvigheid in de buitenwereld, zo is er ook een verschil tussen het mechanisch verlopende denken en voorstellen in de mens en het denken en voorstellen dat voortdurend met gevoelens gepaard gaat.

Wil je vrijeschoolleerkracht zijn, dan kun je hier niet omheen:

Wird unsere geistig-seelische Arbeit so getrieben, daß wir fortwährendes Interesse mit ihr verbinden, dann belebt das Interesse,  belebt die Aufmerksamkeit unsere Brusttätigkeit und läßt die Nerven nicht im Übermaße absterben.

Spannen we onze geest en ziel zo in, dat we ook voortdurend interesse hebben in wat we doen, dan zet deze interesse, deze aandacht ons borststelsel in beweging, brengt er leven in waardoor de zenuwen niet overmatig afsterven.

En dit geldt m.i. ook voor het model van lesgeven: uitleg – begrijpen – reproduceren: (ofwel het bloedeloos doceren)
Zie bijv ook: voordracht 4.

Je mehr Sie bloß dahinlesen, je weniger Sie sich bemühen, das Gelesene in sich mit tiefgehendem Interesse aufzunehmen, desto mehr fördern Sie das Absterben Ihrer inneren Materie.

Hoe vluchtiger u leest, hoe minder u probeert om dat wat u leest met diepgaande interesse in u op te nemen, des te meer bevordert u het afsterven van materie in u.

En dus ook:

Je mehr sie mit Interesse, mit Wärme alles verfolgen, desto mehr fördern Sie die Bluttätigkeit, das Lebendig-erhaltenwerden der Materie, desto mehr verhindern Sie auch, daß Ihnen die geistige Tätigkeit den Schlaf stört.

Hoe meer u met interesse, met warmte alles volgt, des te meer bevordert u de activiteit van het bloed en het levendig houden van de materie en des te meer verhindert u ook dat de geestelijke inspanning uw slaap verstoort.

Examen

Wenn man dem Examen entgegenbüffeln muß – man kann auch ochsen sagen, je nach dem Klima -, nimmt man eben viel auf gegen das Interesse. Denn würde man nur nach seinem Interesse aufnehmen, dann würde man – nach den heutigen Zeitverbältnissen mindestens – durchfallen. Die Folge ist, daß einem das Büffeln oder Ochsen zum Examen den Schlaf zerstört, daß es in unser normales Menschendasein Unordnung hineinbringt. Das muß insbesondere bei Kindern beachtet werden.

Wanneer men voor een examen moet blokken of de stof erin moet stampen, neemt men veel in zich op tegen zijn interesse in. Zou men namelijk alleen dat in zich opnemen waarvoor men zich interesseert, dan zou men — althans in de huidige situatie – zakken. Het gevolg is dat dat geblok of gestamp voor een examen de slaap verstoort, dat het ons normale leven ontregelt. Dat moeten we vooral bij kinderen in de gaten houden.

Ook op de vrijescholen is het eindexamen vanzelfsprekend geworden. Maar het is niet in een vanzelfsprekende overeenstemming te brengen met de vrijeschoolpedagogie zoals Steiner die voor ogen had.

Nu spreekt hij hier nog over ‘kinderen’ en niet over jongvolwassenen, maar de toets waaraan we onze 6e-klassers onderwerpen, valt m.i. wél binnen deze geschetste ‘examensfeer’.
Zie bijv. ‘leerstress‘.

Daher ist es bei Kindern am allerbesten, und es wird dem Ideal der Erziehung am meisten entsprechen, wenn wir überhaupt das sich aufstauende Lernen, das immer vor dem Examen getrieben wird, ganz weglassen, das heißt, die Examina ganz weglassen; wenn das Ende des Schuljahres geradeso verläuft wie der Anfang. 

Voor kinderen is het het allerbeste – in een ideale opvoeding – wanneer we vermijden dat het in korte tijd veel moet leren, zoals voor een examen. Dat betekent dat we de examens helemaal weglaten. Dan verloopt het einde van het schooljaar precies als het begin.

In het Nederlandse onderwijsveld gaan telkens stemmen op om te breken met de toetsgewoonte. Er zijn niet veel stemmen van vrijeschoolleerkrachten bij.
Steiners woorden in deze 13e voordracht hebben daar helaas niet voor kunnen zorgen. Terwijl ze toch duidelijk genoeg zijn:

Wenn wir uns als Lehrer die Verpflichtung auferlegen, uns zu sagen: Wozu soll denn das Kind geprüft werden? Ich habe das Kind ja immer vor Augen gehabt und weiß ganz gut, was es weiß oder nicht weiß. 

Dan nemen we het als leraar op ons om te zeggen: waarom moet het kind geëxamineerd worden? Ik heb het kind de hele tijd meegemaakt en weet heel goed wat het weet of niet weet.

Het is begrijpelijk dat Steiner nog voorzichtig moet zijn: alles is nieuw en er moet nog zoveel!
Maar na ‘100 jaar vrijeschool’ zouden we m.i. veel verder moeten zijn!

Natürlich kann das unter den heutigen Verhältnissen vorläufig bloß ein Ideal sein, wie ich Sie überhaupt bitte, nicht Ihre Rebellennatur zu stark nach außen zu kehren. Kehren Sie zunächst dasjenige, was Sie vorzubringen haben gegen unsere gegenwärtige Kultur, wie Stacheln nach innen, damit Sie langsam dahin wirken – denn auf diesem Gebiet können wir nur langsam wirken -, daß die Menschen anders denken lernen, dann werden auch die äußeren sozialen Verhältnisse in andere Formen eintreten, als sie jetzt sind.

Natuurlijk kan dat in de huidige situatie voorlopig slechts een ideaal zijn. Ook wat dit betreft verzoek ik u zich niet al te rebels te gedragen. Richt u alle stekels die u opzet tegen onze huidige cultuur eerst maar eens op uzelf, opdat u er langzaam aan werkt dat de mensen anders leren denken – want op dit gebied kunnen we niet anders dan langzaam werken. Dan zullen ook de uiterlijke sociale omstandigheden andere vormen krijgen dan nu.

En dan tot slot nog een keer een korte samenvatting van de hele voordracht:

Aber man muß alles im Zusammenhang denken. Man muß wissen, daß Eurythmie, von Sinn durchzogene äußere Tätigkeit, Vergeistigen der körperlichen Arbeit, und Interessant machen des Unterrichts in nicht banaler Weise, Beleben – wörtlich genommen -, Beleben, Durchhluten der intellektuellen Arbeit ist.

Maar men moet alles met alles in verband zien. Men moet weten dat men de intellectuele inspanning verlevendigt — letterlijk tot leven brengt — door het onderwijs interessant te maken, op een niet banale wijze; dat is het doorbloeden van de intellectuele bezigheden. En men moet weten dat lichamelijke inspanningen worden vergeestelijkt door euritmie, door uiterlijke activiteit die van zin vervuld is.

Wir müssen die Arbeit nach außen vergeistigen; wir müssen die Arbeit nach innen, die intellektuelle Arbeit, durchbluten! Denken Sie über diese zwei Sätze nach, dann werden Sie sehen, daß der erstere eine bedeutsame erzieherische und auch eine bedeutsame soziale Seite hat; daß der letztere eine bedeutsame erzieherische und auch eine bedeutsame hygienische Seite hat.

We moeten ons werken in de buitenwereld vergeestelijken en ons werken naar binnen, het intellectuele werk, doorbloeden. Denkt u over deze twee zinnen na, dan zult u zien dat de eerste zin een belangrijke opvoedkundige en sociale kant heeft en dat de tweede een belangrijke opvoedkundige en hygiënische kant heeft.

.

Toetsen: alle artikelen

*GA= Gesamt Ausgabe, de boeken en voordrachten van Steiner

[1] GA 293
**Algemene menskunde als basis voor de pedagogie
[2] 
GA 294
Opvoedkunst. Methodisch-didactische aanwijzingen
[
3] GA 295
Praktijk van het lesgeven

 

Algemene menskunde voordracht 13alle artikelen

Algemene menskundealle artikelen

Menskunde en pedagogiealle artikelen

Rudolf Steineralle artikelen op deze blog

Vrijeschool in beeldalle beelden

.

2688

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

.


.

 

Advertentie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.