VRIJESCHOOL – Muziek – zingen in een andere taal (7-6)

.

Op vrijescholen wordt veel gezongen.
Als je deze website bekijkt ‘vrijeschoolliederen‘ zie je een enorm aantal liedjes, ook in andere talen.
Als leerkracht lukt de uitspraak van Engels, Duits, Frans meestal nog wel, maar andere talen leveren vaak problemen op.

Ik vond nog een aantal artikelen met aanwijzingen voor uitspraak in een bulletin van een instelling voor koorzang.

.

Palle Fuhr Jørgensen, exacte bron en datum onbekend

 

deens

De Deense bariton Palle Fuhr Jørgensen, sinds 1978 woonachtig in Nederland, ontving zijn zangopleiding aan het Sweelinck Conservatorium in Amsterdam en volgde daar ook de operaopleiding.
Hij vervolgde zijn zangstudie bij Maria Louise Hendrickx in Antwerpen en nam deel aan masterclasses bij o.a. Cathy Derberian, Guus Hoekman en Tom Krause. Zijn huidige coach is de Vlaamse altmezzo Lucienne Van Deijck. Sinds Palle in 1985 tot de laureaten behoorde op het internationale zangconcours Mina Bolotine in Antwerpen is zijn carrière in een stroomversnelling geraakt en verleende hij solistische medewerking aan vele concerten en opera’s in binnen- en buitenland. Zijn repertoire omvat Barok, oratorium, opera, lied en hedendaagse muziek.

In het Holland Festival van 1994 vertolkte Palle solorollen in de wereldpremière van twee Chinese kameropera’s en in datzelfde jaar was hij bij de KRO-radio te beluisteren als solist in An American Te Deum van Karel Husa – een première voor Nederland. In 1996 vertolkte Palle de rol van Willem van Oranje in de nieuwe opera Francois Guyon van Kees Olthuis. In 1998 zong hij meerdere rollen in Wim Stoppelenburgs nieuwe van Gogh-opera Het Uitstel. Hij is te beluisteren op meerdere cd-opnamen onder leiding van dirigenten als Jean Fournet, Ton Koopman, Reinbert de Leeuw en Edo de Waart.

Inleiding en een beetje geschiedenis

Samen met het IJslands, Faröisch (Faröer Eilands/ Færøsk), Zweeds en Noors behoort het Deens tot de Scandinavische talen. Van deze vijf talen zijn het (oud-) Noors (of riksmål) en het Deens het meest aan elkaar verwant, met name omdat Noorwegen nog tot in de eerste helft van de negentiende eeuw tot het Deense koninkrijk behoorde. In tegenstelling tot het zeer zangerige Noors heeft het Deens echter een tamelijk monotone intonatie. Wel heeft het gesproken Deens een in de hele wereld uniek kenmerk: het zogenaamde ‘stød’ (stoot). Dit is een hele kleine onderbreking in een klinker (bijv. får [fóó’ó], bijna als een klein kuchje. In het zingen verdwijnt echter de stoot en zijn we van dat probleem verlost.

Zoals men in Nederland het ABN kent (niet te verwarren met het Randstadplat met ‘Gooise r’ dat veel op radio en televisie te beluisteren valt) bestaat ook het Algemeen Beschaafd Deens: ‘rigsdansk’ (Rijksdeens) en dat is de taal die men in het zingen toepast,- behalve natuurlijk als er nadrukkelijk in dialect gezongen moet worden. Toch verschilt het achttiende of negentiende eeuwse rigsdansk van het hedendaagse rigsdansk. Tot 1948 schreef men in het Deens de zelfstandige naamwoorden met een hoofdletter, net als in het Duits en de letter å werd als ‘aa’ geschreven. Tegenwoordig echter worden oude teksten vaak in ‘nieuwe’ spelling afgedrukt en is het niet eenvoudig een tekst te dateren alleen op de spelling.

Uitspraak en een beetje theorie

Algemene uitspraakregels zijn bijna onmogelijk te geven want er zijn heel veel uitzonderingen en sommige woorden hebben door verschillende uitspraak ook verschillende betekenis, bijv. for [fò] (voor) en for [fóó’ó] (oude spelling foer; ijlde of voering) of ved [wé’δ ] (weet/weten) en ved [wéδ l (bij/naast, of het harde gedeelte van hout).

Net als in het Noors kent het Deens de onbepaalde lidwoorden en fé’én] en et [ét]; en is mannelijk en vrouwelijk (fælleskøn) en et is onzijdig. Het bepaalde lidwoord wordt als aanhangsel gebruikt -en (of -n) en -et (of -t). Bijv. et hus (een huis) en huset (het huis) of en løve (een leeuw) en løven (de leeuw). Ook in de meervoudsvormen is het bepaalde lidwoord een aanhangsel. Soms hebben Deense naamwoorden die veel op Nederlandse woorden lijken net het tegenovergestelde lidwoord, bijv. kortet (de kaart) of udsigten (het uitzicht). De werkwoorden zijn in alle persoomsvormen, enkel- en meervoud, hetzelfde, bijv.

Klinkers

Behalve de vijf internationale klinkers a, e, i, o en u kent het Deens (en het Noors) de klinkers y, æ, ø en å. De y is gelijk aan de Duitse ü, de æ is gelijk aan de Duitse (of Zweedse) å, de ø is gelijk aan de Duitse (of Zweedse) ö en de å is tussen een gesloten [óó] en een [òl in. De Deense klinkers hebben vele nuances en kunnen kort of lang zijn; hier een algemeen overzicht.

Diftongen

Een veel voorkomende diftong/tweeklank (in ieder geval in moderne spreektaal) ontstaat doordat achter een klinker een -v of een -g staat die dan als [oe] uitgesproken wordt: løv [ leuoe ] (loof) of og [òoe l (en). Ook de -r als afsluitende medeklinker veroorzaakt vaak een diftong, bijv. ler [ lé’éò] (lacht/lachen of klei).

Medeklinkers

Van de medeklinkers zijn er vooral twee die voor Nederlanders zeer moeilijk zijn: de zachte d [ δ ] en de r. Medeklinkers die hetzelfde zijn als in het Nederlands: b, f, h, j, m, n, s (behave dat de h in sommige woorden stom is, vooral in de combinatie hv-). De medeklinkers c, q, w, x en z komen alleen voor in buitenlandse leenwoorden. De medeklinkers k,p en t zijn vaak (vooral aan het begin van een woord) geaspireerd, zoals in het Engels.

Over het algemeen kun je zeggen dat de Denen hun taal zeer slordig uitspreken in hun dagelijkse spreektaal; veel van de lettergrepen worden ingeslikt. Een zin als de volgende zal op straat klinken als in 1 en in het rigdsdansk (zangtaal) als in 2:

“Vil du have fløde i kaffen og småkage till?”

1. [wé doe há fleuδ ie kàfn ò’n smòká té]

2. [wél die háwy fleuδy ie kaffyn òoe één smòkájy tél l
(Wil je room in de koffie en een koekje erbij?)

Uiteraard worden Deense teksten (proza of poëzie) meestal door Deense componisten gezet. Er zijn slechts een handvol Deense componisten die internationale bekendheid hebben verworven.

Van N.W. Gade (1817-1890) is een heel aantrekkelijk wereldlijk oratorium in Denemarken zeer populair: Elverskud (De dochter van de Elvenkoning) opus 30 uit 1854. Dit is een romantisch verhaal (à la Erlkönig) voor solisten (coloratuursopraan, altmezzo, en bariton), koor en orkest. In Nederland werd dit werk in het Deens uitgevoerd (Rijswijk 1998). Een koordeel daaruit is het zonsopgangs-ied (Morgensang), dat ook als los concertstuk gezongen kan worden. De eerste strofe (in oude spelling) luidt:

Carl Nielsen (1865-1931) schreef zeer veel liederen, zowel kunst(-concert)liederen als populaire liederen voor samenzang en ook christelijke gezangen. Eveneens schreef hij a capella koormuziek en een in Denemarken zeer populair wereldlijk oratorium Fynsk Forår (Voorjaar op Funen) voor solisten (sopraan, tenoren bas), gemengd koor, kinderkoor en groot orkest.

Per Nørgård (geb. 1932) is vooral bekend om zijn avantgardistische composities, die misschien niet bij het grote publiek zo in de smaak vallen. Bo Holten (geb. 1948) is behalve als componist ook als koordirigent zeer actief en is regelmatig te zien bij het Nederlands Kamerkoor en het Groot Omroepkoor. Hij schreef onder meer a capella koormuziek. Ook Vagn Holmboe (1909-1996) schreef veel mooie a capella koormuziek op Deense en Färöische (Færøske) teksten, een taal die slechts door ongeveer 40.000 mensen gesproken wordt.

.

Muziekalle artikelen

Menskunde en pedagogiealle artikelen

Vrijeschool in beeldalle beelden

.

2205

 

 

.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.