VRIJESCHOOL – Rudolf Steiner over euritmie – GA 301

.

RUDOLF STEINER OVER EURITMIE

GA 301

beknopte inhoud:
blz.93:
euritmie: bezielde gymnastiek – gymnastiek meer fysiek;
blz. 94: kinderen die niet graag euritmie doen; euritmie (ook op 95): zichtbare spraakklank, zichtbare beweging strottenhoofd, enz.; spreken als gevoels- en wilsactiviteit; tegengestelde van dromen;
blz. 95: gymnastiek: geen wilsinitiatieven; gevolgen voor maatschappij;
blz. 96: werking van euritmie voor aandacht voor de wereld; zangles, euritmie en gymnastiek door 1 leraar;
blz. 119: morele zwakte en euritmie vóór het 9e jaar
blz. 200: zie blz. 95
blz. 249: inleidende woorden bij een euritmieopvoering op 15 mei 1920 Dornach
euritmie vanuit gezichtspunt van iets puur kunstzinnigs; een pedagogisch-didactisch gezichtspunt en een hygiënisch gezichtspunt.
euritmie zichtbaar geworden studie van spraakklanken;(bij het vertalen heb je te maken met Sprache = taal en spraak, dus kun je voor spraak ook taal lezen);
blz. 250: taal is sociaal; wat een gedicht moet zijn;
blz. 251: euritmiebewegingen zijn niet willekeurig; reciteren;
blz. 252: pedagogische euritmie: bezielde gymnastiek
blz. 253: euritmie leidt tot wilsinitiatief, meer dan gymnastiek

blz. 256: inleidende woorden bij een euritmieopvoering op 16 mei 1920 Dornach
euritmie zichtbaar geworden studie van spraakklanken; (bij het vertalen heb je te maken met Sprache = taal en spraak, dus kun je voor spraak ook taal lezen);
blz. 257: wat is een gedicht; reciteren;
blz. 259: euritmie ontstaan door zintuiglijk-bovenzintuiglijke studie (Goethe)
ped. euritmie werkt op de wil; gymnastiek versterkt alleen het lichaam; voert terug tot ritme: hygiënisch aspect;

blz. 93

Nun haben wir die körperlichen Übungen so eingeteilt, daß wir teilen zwischen dem bloßen physiologischen Turnen und demjeni­gen, was wir die Eurythmie nennen. Dasjenige, was wir die Eurythmie nennen – Eurythmie kommt auch vom künstlerischen Standpunkte aus in Betracht, aber das werde ich ein anderes Mal auseinandersetzen, könnte ich vom pädagogisch-didaktischen Standpunkte nennen ein beseeltes Turnen. Das wird hinzugefügt zu dem bloßen physiologischen Turnen. Sehen Sie, das bloße physiologische Turnen – womit ich das Turnen meine, wie es heute getrieben wird -, das geht doch mehr oder weniger, wenn man es auch leugnet, von einem Studium der mensch­lichen Körperlichkeit aus. Gewiß, ich weiß, daß dagegen sich manches einwenden läßt. Aber im ganzen denkt man doch nur auch bei dem, was man Durchseelung des Turnunterrichts nennen könnte – die heu­tige Naturwissenschaft gibt ja auch keinen Anlaß mehr zu denken -, doch nur eigentlich an das Physiologische oder höchstens an das Psycho­logische. Die Eurythmie unterscheidet sich von dem dadurch, daß jede Bewegung, die das Kind macht, beseelt ist, daß jede Bewegung nicht

Nu hebben wij de lichamelijke oefeningen zo ingedeeld, dat we een verdeling maken tussen de puur fysieke gymnastiek en wat we euritmie noemen  – euritmie kan ook vanuit een kunstzinnig standpunt beschouwd worden – dat zou ik vanuit een pedagogisch-didactisch standpunt een bezielde gymnastiek willen noemen. Dat wordt toegevoegd aan de puur fysieke gymnastiek, waarmee ik de gymnastiek bedoel zoals die tegenwoordig gedaan wordt – die gaat toch min of meer uit, ook al wordt dat ontkend – van een bestuderen van het menselijk lichaam. Ik weet wel dat hiertegen nog veel ingebracht kan worden. Maar over het algemeen denkt men toch alleen maar bij wat je een bezieling van het gymnastiekonderwijs zou kunnen noemen, – de huidige natuurwetenschap geeft geen aanleiding om aan meer te denken – aan het fysieke, hoogstens aan iets psychologisch. Het verschil met euritmie is dat hierbij iedere beweging niet

blz. 94

nur eine körperliche Bewegung ist, sondern daß jede Bewegung ebenso der Ausdruck eines Seelischen ist, wie der Sprachlaut der Ausdruck eines Seelischen ist.       Eurythmie läuft zuletzt darauf hinaus, daß man, wenn man sie ver­steht, eurythmisierend, von Eurythmie ablesen kann genau ebenso ein Wort, einen Satz, wie durch die bloße Lautsprache. Es ist Eurythmie entstanden dadurch, daß – wenn ich den Goetheschen Ausdruck ge­brauchen darf – durch sinnlich-übersinnliches Schauen die Bewegungstendenzen des Kehlkopfes, des Gaumens, der Lippen studiert sind, und daß nach dem Goetheschen Metamorphosenprinzip die Bewegung eines Organs übertragen ist auf den ganzen Menschen.Bei Goethe herrschte die Anschauung, daß die ganze Pflanze nur ein kompliziertes Blatt sei. Wir sagen:

alleen een lichamelijke beweging is, maar dat iedere beweging ook een uitdrukking is van een gevoel, zoals een spraakklank een uitdrukking is van een gevoel.
Nu bleek ook dat er onder de 280 kinderen in acht klassen, die we op de vrijeschool hebben, er drie waren die niet aan deze lessen wilden meedoen. Ze wilden die les niet. De anderen beleefden er het grootste plezier aan. Toen dit bekeken werd, bleek dat deze drie niet hielden van actief bezig zijn. Ze zijn er te traag voor; ze willen liever bewegingen maken die de mens alleen passief aanspreken. Zij willen in de bewegingen geen bezieling leggen.
Het gaat met euritmie uiteindelijk zo dat je, wanneer je het begrijpt, euritmiserend, door euritmie net zo precies een woord, een zin kan lezen, als door alleen maar de spraakklanken. Euritmie is ontstaan – wanneer ik de uitdrukking van Goethe mag gebruiken – door het zintuiglijk-bovenzintuiglijk waarnemen van de bewegingsimpulsen van het strottenhoofd, het verhemelte, de lippen te bestuderen en dat dan volgens het metamorfoseprincipe van Goethe de beweging van een orgaan overgaat op de hele mens. Goethe was van mening dat heel de plant alleen maar één gecompliceerd blad is. Wij zeggen:

Alles das, was der Mensch an Bewegungen nach seinem Willen vollziehen kann, ist ein Nachbilden dessen, was nicht die wirklichen Bewegungen, aber die Bewegungstendenzen sind in den Sprachorganen, so daß immer der ganze Mensch zu einem lebendig bewegten Kehlkopfe wird.Das ist etwas, was ungeheuer selbstverständlich auf die kindliche Natur wirkt; denn man muß nur bedenken, daß das Sprechen in Lau­ten ein Lokalisieren der menschlichen Gesamttätigkeit ist. Es fließt zu­sammen in dem Sprechen die Vorstellungstätigkeit und die Willens-tätigkeit, und indem sie sich begegnen, werden sie Gefühlstätigkeit, Vorstellungstätigkeit und Willenstätigkeit. Die vorstellende Tätigkeit, die in unseren zivilisierten Sprachen zum größten Teile eine sehr ab­strakte ist, die wird nun gelassen bei der Eurythmie, und es fließt alles aus dem ganzen Menschen aus dem Willen heraus, so daß der Wille eigentlich bei der Eurythmie in Anspruch genommen wird. Eurythmie ist das Gegenteil vom Träumen. Träumen bringt den Menschen in das Erleben der Vorstellungswelt. Er liegt ruhig da, und die Bewegungen, die er sich vorstellt, die sind nicht in Wirklichkeit da. Er mag große

alles wat de mens aan bewegingen wil en kan maken, is het nadoen van wat niet de echte bewegingen zijn, maar bewegingsimpulsen zijn in de spraakorganen, zodat steeds de hele mens een levend bewegend strottenhoofd wordt.
Zoiets werkt ongelooflijk als vanzelf op de natuur van het kind; want je hoeft maar te bedenken dat het spreken in klanken een activiteit is van de hele mens die gelokaliseerd is. In het spreken komen samen voorstellen en willen en wanneer die elkaar ontmoeten worden ze een gevoelsactiviteit, een voorstellings – en wilsactiviteit. Het zich voorstellen dat in onze gecultiveerde talen voor het grootste deel zeer abstract is geworden, wordt bij euritmie minder en alles stroomt uit de totale mens vanuit zijn wil, zodat bij de euritmie eigenlijk de wil aangesproken wordt. Euritmie is het tegendeel van dromen. Dromen brengt de mens tot het beleven van de wereld van de voorstellingen. Hij ligt rustig stil en de bewegingen die hij zich voorstelt, zijn er in werkelijkheid niet. In zijn dromen

blz. 95

Landpartien unternehmen im Traume – er bewegt sich in der Wirk­lichkeit nicht. Das ist alles in seiner Vorstellung vorhanden. Bei der Eurythmie ist das Umgekehrte da. Beim Traum ist der Mensch halb eingeschlafen, bei der Eurythmie stärker aufgewacht, als er im ge­wöhnlichen Leben aufgewacht ist. Er führt dasjenige aus, was gerade im Traume unterschlagen wird; er unterdrückt dasjenige, was im Traume die Hauptsache ist; er führt für alles, was Vorstellen ist, zu­gleich eine Bewegung aus. Diese Aktivität, sie paßt allerdings manchen Kindern nicht. Also, ich bin fest überzeugt davon, und ich muß sagen, die kurze Zeit, in der wir in dieser Weise die sonst für das Turnen vor­geschriebene Zeit zwischen Turnen und Eurythmie teilen, sie hat mich doch schon überzeugt davon – natürlich dem Grade nach, die Sache muß erst weiter ausgeprüft werden -, daß das bloße physiologische Turnen gewiß diejenigen Dinge teilweise erreicht, die man anstrebt, aber es trägt dieses physiologische Turnen nichts bei zu der Stärkung der von der Seele ausgehenden Willensinitiative, höchstens indirekt, dadurch, daß man lernt, gewisse körperliche Ungeschicklichkeiten leichter zu überwinden. Aber in positiver Weise trägt das bloße physiologische Turnen nichts zur Willensinitiative bei. Und ich kann nicht anders, als dieser Frage auch eine große soziale Bedeutung beilegen.

mag hij dan wel uitstapjes op het platteland maken – in werkelijkheid beweegt hij zich niet. Het zit allemaal in de voorstelling. Bij euritmie is het omgekeerde het geval. In de droom is de mens half ingeslapen, bij euritmie sterker wakker dan dat hij in het dagelijks leven is. Hij doet dan, wat bij het dromen achterwege blijft; hij onderdrukt wat bij de droom de hoofdzaak is; hij voert voor alles wat voorstelling is, tegelijkertijd een beweging uit. Deze activiteit vinden sommige kinderen beslist niet fijn. Maar, daar ben ik vast van overtuigd en ik moet zeggen, de korte tijd waarin we op deze manier de tijd die anders voor de gymnastiek verplicht is, tussen gymnastiek en euritmie verdelen, heeft me toch de overtuiging gebracht – natuurlijk in verhouding, de zaak moet eerst nog verder geëxperimenteerd worden  – dat de uitsluitend fysieke gymnastiek zeker wel de dingen die nagestreefd worden voor een deel bereikt, maar deze fysieke gymnastiek draagt niets bij aan de versterking van de vanuit de ziel uitgaande wilsinitiatieven, hoogstens indirect bij het leren om bepaalde lichamelijke onvermogens makkelijker te overwinnen. Maar in positieve zin draagt de puur fysieke gymnastiek niets bij aan wilsinitiatieven. En ik kan niet anders dan aan dit vraagstuk ook een grote sociale betekenis te hechten.

Sehen Sie, ich frage mich heute: Woher kommt es denn, daß wir, trotzdem wir durch die Not der letzten Jahre gegangen sind, heute vor einer Menschheit stehen, welche so wenig Verständnis hat für die um sich greifende Willenslähmung? Diejenigen, die hier in der Schweiz leben und niemals sich zum Beispiel Gegenden anschauen, wie man sie heute in Deutschland finden kann, die haben doch kein rechtes Ver­ständnis für eine solche Erscheinung. Sie werden dieses Verständnis in fünf bis sechs Jahren oder vielleicht etwas später erwerben; denn das­jenige, was sich in einzelnen Gegenden Europas ergibt, wenn nicht Re­medur geschaffen wird, wird sich über ganz Europa verbreiten – man hat in Gegenden, die noch wenig davon betroffen sind, keine Vorstel­lung davon, wie gelähmt gerade der seelische Wille zum Beispiel der mitteleuropäischen Bevölkerung ist. Das ist etwas Furchtbares. Wenn man sich Mühe gegeben hat, durch Wochen und Monate die Leute auf das oder jenes hinzuweisen und man dann mit dem einen oder anderen spricht hinterher, sagt er: Das mag ja alles recht sein, aber es ist schon alles ganz gleich! Das ist eine Rede, die ich oft und oft gehört habe im Verlaufe eines Jahres. Und ich kann nicht anders – ich habe mir viel

Kijk, ik vraag mij tegenwoordig af: hoe komt het toch dat wij, ondanks dat we de ellende van de laatste jaren hebben meegemaakt, tegenwoordig naar een mensheid kijken die zo weinig begrip heeft voor de om zich heen grijpende wilsverlamming. Wie hier in Zwitserland woont en nooit gebieden ziet zoals je die tegenwoordig in Duitsland kan vinden, heeft toch geen echt begrip voor zo’n verschijnsel. Die zal dit begrip wel over vijf of zes jaar of misschien nog wat later krijgen; want wat zich afspeelt in enkele gebieden van Europa, zal zich ook, wanneer er geen remedie tegen wordt ontwikkeld, over heel Europa verspreiden – men heeft er in gebieden die er nog weinig door getroffen zijn, geen voorstelling van hoe verlamd de wil al is van bijv. de bevolking van Midden-Europa. Dat is iets vreselijks. Wanneer je je de moeite hebt getroost, weken, maanden lang de mensen op het een en ander te wijzen en als je dan later met deze of gene spreekt, zegt die: dat kan allemaal wel zijn, maar het is allemaal een pot nat! Dat is een reden die ik in de loop van het jaar telkens en telkens weer heb gehoord. En ik kan niet anders – ik heb er veel

blz. 96

Mühe gegeben, auf die Gründe für solche Dinge zu kommen – als auch das als eine Folge der großen Lobhudelei – wenn ich mich des Aus­druckes bedienen darf, ich bitte aber, daß Sie mir ihn nicht übelneh­men – des bloßen physiologischen Turnens anzusehen. Das stärkt nicht die Initiative des Willens! Die Initiative des Willens wird gestärkt, wenn man Bewegungen ausführt als Kind, wo jede einzelne Bewegung eine seelische zu gleicher Zeit ist, wo Seele sich hineingießt in jede ein­zelne Bewegung.
Wenn man in dieser Weise versucht, künstlerisch und – wenn ich mich des Ausdrucks bedienen darf – künstlerisch-menschlich an die Dinge heranzukommen, da sieht man, was gerade die jüngsten Kinder von einer solchen künstlerischen Führung des Unterrichts in Wirklich­keit haben. Durch dasjenige, was sie als beseeltes Turnen durchmachen
– das kann man ganz deutlich sehen -, wächst ihr Interesse für die Außenwelt. Es ergibt sich als eine ganz notwendige Folge, daß das Interesse für die Außenwelt wächst. – Herman Grimm, der Kunst­historiker, hat mir in verschiedenen Gesprächen seine Verzweiflung darüber ausgesprochen, daß die Gymnasiasten, die an die Universität kommen und denen er Kunstgeschichte vortragen sollte, bei der Vor­führung eines Bildes von Raffael nicht unterscheiden konnten, welche Gestalten hinten und welche vorne stehen, daß sie gar nicht den ge­ringsten Begriff haben von irgend etwas, was im Hintergrunde, im Vordergrunde ist.

moeite voor gedaan om de oorzaken van deze dingen te vinden – als ook dat als een gevolg te zien van het grote ophemelen – wanneer ik dit zo zeggen mag en ik vraag u mij dat niet kwalijk  te nemen – van de puur fysieke gymnastiek. Die versterkt de wilsinitiatieven niet! De wilsinitiatieven worden sterker wanneer je de bewegingen die je als kind uitvoert, waarbij iedere aparte beweging tegelijkertijd iets van de ziel is, waarbij de ziel in iedere beweging naar buiten komt.
Wanneer je op deze manier probeert, kunstzinnig en – wanneer ik het zo zeggen mag – kunstzinnig-menselijk de dingen te benaderen, zie je wat met name de jongste kinderen aan zo’n kunstzinnig uitvoeren van het onderwijs daadwerkelijk hebben. Door wat zij beleven aan de bezielde gymnastiek – dat kun je heel duidelijk zien – neemt hun belangstelling voor de buitenwereld toe. Het onvermijdelijke gevolg is, dat de belangstelling voor de buitenwereld toeneemt.

Herman Grimm sagte mir oft: Ich bin ganz ver­zweifelt, wenn ich diese Schüler bekomme und ihnen dann Kunst­geschichte vortragen soll. – Bei solchen Kindern, die nun in den ersten Jahren schon lernen, mit bewußtem Seelenleben ihre eigenen Bewegun­gen zu durchdringen, würde dies, wie ich glaube, ganz und gar nicht möglich sein. Sie bekommen ein solches Interesse für die Beobachtung der Außenwelt, daß das ganz erstaunlich ist. Zu dieser Kultur des Willens hat man in der entsprechenden Weise hinzuzufügen die Kultur der Innerlichkeit, die entsteht, wenn man richtiges Musikalisches und Gesangliches an die Kinder heranbringt. Und beides muß im Einklang gehalten werden. Wir haben, um diesen Einklang zu erreichen, eben den Versuch gemacht, daß der Gesangs-, der Eurythmie- und der Turnunterricht durch dieselbe Lehrkraft erteilt werden. Wenn man dieses versucht, so findet man, daß durch das Eurythmisch-Turnerische das Verhältnis zur Außenwelt in bezug namentlich auf das, was vom Willen ausgeht, gestärkt wird, mit Initiative durchdrungen wird, und

Hermann Grimm, de kunsthistoricus, uitte tegen mij in verschillende gesprekken, zijn twijfel over de gymnasiasten die naar de universiteit komen en voor wie hij lezingen over kunstgeschiedenis wilde geven, en die bij het vertonen van een schilderij van Rafael niet konden onderscheiden welke figuren vooraan en welke achteraan staan; dat ze niet het minste begrip hebben voor iets wat op de achtergrond staat of op de voorgrond treedt. Hermann Grimm zei me dikwijls: ‘Ik ben vaak vertwijfeld, wanneer ik deze studenten krijg en hun dan kunstgeschiedenis moet doceren.’- Bij zulke kinderen, die in de eerste jaren al leren met bewust gevoel hun eigen bewegingen te doordringen, zou dit, geloof ik, helemaal niet mogelijk zijn. Zij krijgen zo’n interesse voor het waarnemen van de buitenwereld, dat dat heel verbazingwekkend is. Aan deze wilscultuur moet je op een adequate manier de cultuur van het innerlijk toevoegen, die ontstaat, wanneer je op een goede manier muziekles geeft en met de kinderen zingt. En dat moet elkaar in evenwichthouden. We hebben, om dit evenwicht te bereiken, ook een poging gedaan, dat het zingen, de euritmie en de gymnastiek door dezelfde leerkracht worden gegeven. Wanneer je dit probeert, vind je dat door de euritmisch-gymnastische activiteit de verhouding tot de buitenwereld wat de wil betreft, sterker wordt, inititatiefkracht krijgt en

blz. 97

daß vom Musikalischen in jeder Form ausgeht die gemüthafte Ver­innerlichung. Das ist etwas, was außerordentlich bedeutsam ist. Dann aber, wenn man in dieser Weise versucht, das werdende Kind zu stu­dieren, dann wird man eben aufmerksam, wie namentlich beim wer­denden Kinde Dinge, die einheitlich zu sein scheinen, aus zwei Quellen des menschlichen Erlebens hervorgehen.

dat van het muzikale in elke vorm uitgaat het verinnerlijken van het gevoel. Dat is iets heel belangrijks. Want, wanneer je op deze manier probeert het wordende kind te bestuderen, leer je zien hoe met name bij het wordende kind de dingen die ogenschijnlijk een eenheid lijken, uit twee bronnen van de menselijke beleving stammen.
GA 301/93-97
eigen vertaling van GA 301

Steiner spreekt hier over een kind. Voor een goed begrip is het nodig meer in de betreffende voordracht te lezen:

blz. 119

Da möchte ich darauf hinweisen, daß gerade auf solche Kinder, die in dieser Art moralische Schwäche zeigen, ein beseeltes Turnen, wie ich es als Eurythmie geschildert habe, gesundend wirkt, vorausgesetzt, daß diese Eurythmie’ bei welcher der Mensch nicht nur mit der Hand zeich­net, sondern sich selber in den Raum hineinzeichnet, den Kindern in der Zeit bis zum 9. Lebensjahr beigebracht wird.

Dan wil ik er nog op wijzen dat juist op zulke kinderen die op deze manier een morele zwakheid vertonen, een bezielde gymnastiek zoals ik die als euritmie heb geschetst, gezondmakend werkt, vooropgesteld dat deze euritmie waarbij de mens niet alleen maar met de hand tekent, maar zichzelf in de ruimte tekent, kinderen in de tijd tot het 9e jaar bijgebracht wordt.
GA 301/119
eigen vertaling van GA 301

blz. 200

Es ist schon notwendig, in die geistige Welt hineinzuschauen, wenn man einen Begriff haben will von dem, wie namentlich in dem Kind stark wirkt das Geistig-Seelische zu gleicher Zeit mit dem Leiblich-Physischen. Aus dem Grunde muß ich mir so viel von der Eurythmie hauptsächlich in der Kindererziehung versprechen, und zwar weil die Eurythmie eine beseelte Bewegung ist und dadurch die Aktivität des Willens gehoben wird gegenüber der bloßen Passi­vität des Willens, die doch im wesentlichen erzogen wird gerade durch das bloß physiologische Turnen.

Het is wel nodig in de geestelijke wereld te schouwen, wanneer je een begrip wil krijgen, met name voor de manier waarop in het kind wat geest en ziel is, tegelijkertijd sterk werkzaam is in het levend-lichamelijke. Vandaar dat ik zoveel van de euritmie verwacht juist bij de opvoeding van het kind en wel omdat de euritmie een bezielde beweging is en dat daardoor de activiteit van de wil bevorderd wordt in vergelijking met wat alleen maar passiviteit van de wil is, die naar zijn wezen alleen maar ontwikkeld wordt door de puur fysieke gymnastiek.
GA 301/200-201
eigen vertaling van GA 301
.

blz 249

Einleitende Worte zur Eurytbmie-Aufführung am 15. Mai 1920 in Dornach

Meine sehr verehrten Anwesenden, mit der eurythmischen Kunst, von der wir Ihnen audi heute wiederum eine Probe vorführen dürfen, möchten wir in die Geistes-Entwickelung der Mensdiheit etwas hinein­stellen, das sidi von drei Gesiditspunkten aus beurteilen läßt: erstens vom rein künstlerisdien Gesiditspunkte aus; zweitens von einem päd­agogisch-didaktischen, und drittens von einem hygienischen Gesichts-punkte aus.
Als Kunst ist die Eurythmie etwas, was eine Art von stummer, sichtbarer Sprache darstellt – was aber, trotzdem sie auftritt in Form von Gebärden, in Form von Bewegungen des menschlichen Organis­mus in Gruppen oder im einzelnen Menschen, was aber doch nicht verwechselt werden darf mit Mimischem oder etwas Pantomimischem, auch nicht mit einer bloßen Tanzkunst. Sondern als Sprache bedient sich die Eurythmie des ganzen Menschen als ihres Ausdrucksmittels, und zwar so, daß diese sichtbare stummeSprache eben gewonnen wor­den ist durch das Studium der Gesetze der Lautsprache.

Inleidende woorden bij een euritmie-opvoering op 15 mei 1920 te Dornach

Zeer geachte aanwezigen,
met de euritmische kunst waarvan we u ook nu weer een voorbeeld mogen laten zien, willen wij in de geestelijke ontwikkeling van de mensheid iets brengen wat je van drie gezichtspunten uit kan beoordelen:
ten eerste: vanuit het gezichtspunt van iets puur kunstzinnigs;
ten tweede: vanuit een pedagogisch-didactisch gezichtspunt en
ten derde: vanuit een hygiënisch gezichtspunt.

Als kunst is euritmie iets wat een vorm van zichtbare spraak voorstelt, zonder dat de euritmist spreekt – wat echter ondanks dat het uitgevoerd wordt met gebaren, met bewegingen van het lichaam, groepsgewijs of individueel, toch niet verward moet worden met mime of pantomime, ook niet met zo maar een danskunst. Maar als spraak maakt de euritmie gebruik van de hele mens als middel tot uitdrukking en wel zo dat deze zichtbare, verstomde spraak nu juist ontwikkeld is door het bestuderen van de wetten van de spraakklanken.

Die Lautsprache ist ja eine Art von Ausdrucksmittel für dasjenige, was im Menschen selber liegt. Es ist zwar durchaus richtig, wenn Schiller gesagt hat: «Spricht die Seele, so spriche, ach, schon die Seele nicht mehr.« In gewissem Sinne ist das richtig. Die Sprache ist neben dem, daß sie die Seele des Menschen an die Außenwelt heranträgt, herantragen soll, zugleich ein Verständigungsmittel von Mensch zu Mensch, und dadurch etwas Konventionelles; sie ist auch der Träger der Gedanken, durch die sich die Menschen verständigen sollen. Die Sprache ist in gewissem Sinne eine soziale Erscheinung. Und je mehr die Sprache als Verständigungsmittel und als Ausdrucksmittel der Gedanken dienen muß, desto weniger ist eigentlich die Sprache dann noch künstlerisches Ausdrucksmittel. Denn das Künstlerische muß ja

De spraakklank is een uitdrukkingsmiddel voor wat in de mens zelf aanwezig is. Het is helemaal waar wat Schiller zei: ‘Spreekt de ziel, dan spreekt helaas de ziel al niet meer.’ In zekere zin is dat waar. De spraak is, naast dat zij de ziel van de mens naar buiten brengt, naar buiten moet brengen, tegelijkerijd een middel dat er van mens tot mens begrip is en daardoor iets conventioneels; ze is ook de drager van gedachten waardoor de mensen elkaar moeten begrijpen. De spraak is in zekere zin een sociaal verschijnsel. En hoe meer de spraak als middel tot begrijpen en als middel om gedachten onder woorden te brengen moet functioneren, des te minder is de spraak dan eigenlijk nog een kunstzinnig uitdrukkingsmiddel. Want het kunstzinnige moet wel

blz. 250

aus dem Menschen, aus dem ganzen Menschen heraus kommen, heraus entspringen.
Die Sprache hat zwei Seiten: erstens die soziale Seite. Der Mensch muß sich hingeben an die soziale Welt, indem er spricht. Und nur da­durch behält die Sprache etwas, was mit der ganzen menschlichen We­senheit eine intime, eine innerliche Beziehung hat, daß ja vom auf­wachsenden Menschen die Sprache nicht gelernt wird, ich möchte sagen, aus den Kinderträumen heraus, sondern sie wird gelernt in der Zeit, in der der Mensch mit all dem, was er ist, sich anpassen will an die Umgebung. Und dadurch wird – durch dieses Sich-selbstverständliche-Anpassen an die Umgebung, die Sprache bewahrt davor, ein bloßes Verständigungsmittel zu sein.
Wenn aber dann der Dichter, der Künstler in Worten sich aus­drücken will, dann bedarf er, ich möchte sagen, all desjenigen, was hin­ter der Sprache dann immer schwebend ist, er bedarf des Bildes, und vor allen Dingen des musikalischen Elements. Es ist gar nicht dasjenige das eigentlich Dichterische, das eigentlich Künstlerische des Gedichtes, was wortwörtlicher Inhalt ist, sondern es ist die Art der Gestaltung des Inhaltes das Wesentliche der Dichtung.

uit de mens, uit de hele mens komen, ontspringen.
De spraak heeft twee kanten: ten eerste een sociale kant. De mens moet zich richten op de sociale wereld, wanneer hij spreekt. En alleen daardoor behoudt de spraak iets wat met heel het mensenwezen een fijnzinnige, innerlijke relatie heeft, dat de spraak door de opgroeiende mens niet geleerd wordt, zou ik willen zeggen, vanuit de kinderdromen, maar ze wordt geleerd in de tijd, waarin de mens met alles wat hij is, zich wil aanpassen aan de omgeving. En daardoor wordt – door dit vanzelfsprekende aanpassen aan de omgeving de spraak ervoor behoed om louter een middel tot begrip te moeten zijn.
Wanneer echter dan de dichter, de kunstenaar met woorden, zich wil uitdrukken, heeft hij, zou ik willen zeggen, alles wat achter de spraak steeds latent aanwezig is nodig; hij heeft het beeld nodig en vooral het muzikale element. Het eigenlijk dichterlijke, het eigenlijk kunstzinnige van het gedicht is helemaal niet wat woord voor woord de inhoud is, maar het wezenlijke van het dichten is de manier hoe de inhoud vorm krijgt.

Mehr als bei irgend etwas anderem, muß man gerade bei der Dichtung darauf Rücksicht nehmen, was Goethe in das schöne Faust-Wort prägte: «Das Was bedenke, mehr bedenke Wie.« Die Art, wie der Dichter den Stoff formt, das ist es, worauf es ankommt, ganz besonders in der Dichtung.Das kann man viel mehr herausbekommen, wenn man sich nicht desjenigen Ausdrucksmittels bedient, das eben zu stark den Gedanken aufnehmen muß, um rein kunstgemäß sich offenbaren zu können, sondern wenn man sich des ganzen Menschen bedient – des ganzen Menschen als eines Ausdrucksmittels! Zu diesem Zwecke wurde studiert durch sinnlich-übersinnliches Schauen, in welchen Bewegungstendenzen der menschliche Kehlkopf, die menschliche Zunge, die anderen Sprach-organe sind, wenn der Mensch in der Lautsprache sich offenbart. Diese Bewegungstendenzen, die sich dann beim wirklichen Sprechen umset­zen durch die Laute, in die Zitterbewegung, in die Schwingungsbewe­gung der Luif, diese Bewegungstendenzen werden studiert. Sie werden dann übertragen auf andere Organe des Menschen, vor allen Dingen auf diejenigen Organe auch, welche am besten sich vergleichen lassen mit den primitiven Bewegungsorganen des Sprachorganismus: sie wer­den übertragen auf Arme und Hände.

Meer dan bij wat dan ook moet juist bij het dichten gelet worden op wat Goethe in het mooie Faustwoord uitdrukte: ‘Bedenk het wat, bedenk vooral het hoe‘. De manier waarop de dichter zijn stof vormt, daar komt het op aan, vooral bij het dichten.
Dat kun je er nog veel meer uit laten komen, wanneer je geen gebruik maakt van dat middel waarmee je om je uit te drukken teveel gedachten nodig hebt om puur kunstzinnig over te kunnen komen, maar wanneer je van de hele mens gebruik maakt – de hele mens als uitdrukkingsmiddel! Voor dit doel werd door zintuiglijk-bovenzintuiglijk waarnemen bestudeerd wat de bewegingsimpulsen van het menselijk strottenhoofd, de tong en de andere spraakorganen zijn, wanneer de mens zich met de spraakklanken uit. Deze bewegingsimpulsen die wanneer er daadwerkelijk gesproken wordt, door de klank omgevormd worden tot trillingen, tot golfbewegingen in de lucht, deze bewegingsimpulsen werden bestudeerd. Dan werden ze overgebracht op de andere organen van de mens, met name op de organen die zich het beste laten vergelijken met de basale bewegingsorganen van het spraakorganisme: ze werden overgebracht op de armen en de handen.

blz. 251

Es überrascht manchmal beim ersten Ansehen der eurythmischen Kunst, daß der einzelne Mensch sich mehr als anderer Glieder, der Hände, der Arme bedient. Man würde verstehen, daß dies eine Selbst­verständlichkeit ist, wenn man bedächte, daß ja schon im gewöhnlichen Sprechen dann, wenn der Mensch mehr als das Konventionelle geben will in der Sprache, wenn er seine Individualität, sein Empfinden, sein Gefühl mit der Sprache zugleich zum Ausdrucke bringen will, daß er ja dann schon sich genötigt fühlt, in diese frei beweglichen Organe, in diese geistigeren Organe, möchte ich sagen, hineinzugehen. Nun wird ja natürlich in der Eurythmie der ganze Mensch, nicht bloß Arme und Hände, berücksichtigt. Es werden vor allen Dingen Ausdrucksbewe­gungen im Raume zu Hilfe gezogen, namentlich bei Gruppen, aber auch bei einzelnen Menschen.
Aber das Wesentliche dabei ist, daß diese Bewegungen am Men­schen und in Gruppen nichts Willkürliches sind, sondern dieselben Be­wegungen, die sonst dem zugrunde liegen, was die Lautsprache hervor­bringt, sind auf den ganzen Menschen übertragen.
Ich muß daher immer wieder und wiederum sagen: wir sehen auf der Bühne im Grunde genommen einen Gesamtkehlkopf, dargestellt durch den ganzen Menschen. Das gestaltet Ordnung, Rhythmus, Takt, das gestaltet das Musikalische, aber auch das Bildhafte sowohl als das eigentlich Dichterische, wo das Dichterische Kunst ist.

Bij een eerste kennismaking met euritmie is het soms verrassend te zien dat de individuele mens meer zijn handen en armen gebruikt dan de andere ledematen. U zal begrijpen dat dit vanzelfsprekend is, als je bedenkt dat alleen bij het gewone spreken al wanneer de mens meer dan het conventionele in zijn spreken wil meegeven, als hij zijn individualiteit, wat hij beleeft, zijn gevoel tegelijkertijd met het spreken wil uitdrukken en dat hij zich dan gedwongen voelt met deze vrij beweeglijke organen, dat te doen met deze meer geestelijke organen. zoals ik zou willen zeggen. Natuurlijk wordt in de euritmie naar de hele mens gekeken, niet alleen naar zijn armen en handen. Vooral wordt ook de ruimte bij de uitdrukking van de bewegingen betrokken, in groepsverband en individueel.
Maar het wezenlijke daarbij is dat deze bewegingen van de mens niet willekeurig zijn, maar dezelfde bewegingen die anders ten grondslag liggen aan wat de spraakklank vormt, die zijn nu overgebracht op de totale mens.
Vandaar dat ik telkens weer moet zeggen: op het toneel zien we in de grond der zaak een strottenhoofd als totaliteit, vorm gegeven door de hele mens. Dat vormt ordening, ritme, maat, dat vormt het muzikale, maar ook het beeldende, alsmede wat eigenlijk het dichterlijke, de dichterskunst is. Dat wordt daadwerkelijk door de hele mensengroep naar buiten gebracht.

Das wird wirk­lich aus der ganzen Menschengruppe herausgeholt.
Wir begleiten dann durch Musik oder durch Rezitation dasjenige, was in stummer und sichtbarer Sprache in der Eurythmie dargestellt wird. Dabei sind wir genötigt – Musik und Sprache sind ja nur andere Aus­drucksmittel für das menschliche Seelenleben als die Eurythmie -, ins­besondere bei der Rezitationskunst wiederum zurückzugreifen zu dem guten, alten Rezitieren, das Goethe im Auge hatte, als er nicht bloß den wortwörtlichen Inhalt, selbst im Drama, einstudierte mit seinen Schauspielern, sondern wie ein Kapellmeister mit dem Taktstock in der Hand, den Gang des Jambus mit ihnen einstudierte. Wir sind ge­nötigt, abzusehen von dem, was eine unkünstlerische Zeit, wie es die unsrige ist, gewohnt ist als Bedeutsames anzusehen in der Rezitation, nämlich das Hervorkehren des wortwörtlichen Inhaltes. Wir sind ge­notigt, zurückzugehen auf dasjenige, was ja noch im primitiven Rezi­tieren sich als das Künstlerische zeigt. Man sieht das heute kaum noch, insbesondere Stadtmenschen sehen das heute kaum noch; aber es hat

We begeleiden dan met muziek of met recitatie wat in verstomde en zichtbare spraak in de euritmie getoond wordt. Daarbij moeten we – muziek en spraak zijn alleen maar andere uitdrukkingsmiddelen voor de menselijke ziel dan de euritmie -, vooral bij de kunst van het reciteren opnieuw teruggrijpen op het goede, oude reciteren dat Goethe voor ogen stond, toen hij niet alleen maar letterlijk de inhoud, zelfs in het drama, instudeerde met zijn toneelspelers, maar als een kapelmeester met de dirigeerstok in de hand, de loop van de jambe met hen instudeerde. Wij moeten afzien van wat een onkunstzinnige tijd als de onze, waarin het gewoonte is bij het reciteren als het belangrijkste te beschouwen, het op de voorgrond plaatsen van de letterlijke inhoud. Wij moeten teruggaan naar wat in het nog meer elementaire reciteren zich als het kunstzinnige toont. Dat zie je tegenwoordig nauwelijks nog, vooral stadsmensen zien dat tegenwoordig nauwelijks nog; maar er is

blz.252

sich noch manches erhalten an Lebendigem von Leuten meines Alters aus ihren Kinderjahren an Erinnerungen an herumziehende Rezitato­ren, die zu sehen waren, die solche «Moritaten« rezitierten; die hatten sie auf Tafeln aufgezeichnet, und dann sprachen sie den Text dazu. Sie sprachen ihn aber nie anders, als daß sie zugleich mit dem Fuße den Takt anklingen ließen, bei einer temperamentvollen Stelle hin und her marschierten, damit andeutend, daß es ihnen gar nicht darauf an­kam, bloß den Inhalt zu erklären, sondern daß es ihnen darauf ankam, den Schritt des Verses, die innere Gestaltung besonders ins Auge zu fassen.
Sie werden sehen, daß wir daher überall versuchen, dieses tiefer Künstlerische wiederum hervorzuheben. Da, wo wir selbst im Humo­ristischen, im Grotesken, im Possierlichen das Dichterische wiederzu­geben versuchen durch Eurythmie, geben wir nicht etwa in Gebärden-sprache oder durch Pantomimen den wortwörtlichen Inhalt wieder. In den Formen, die als musikalische, dichterische Formen nur eben im Raume, nicht in der Zeit, ausgebildet werden, da geben wir also nicht den Inhalt des Gedichtes, sondern dasjenige wieder, was der Dichter, der Künstler, aus dem Inhalt gemacht hat.

nog veel bewaard gebleven aan levendigheid bij de mensen van mijn leeftijd uit hun kinderjaren aan herinneringen van rondreizende voordrachtskunstenaars die te zien waren en die bepaalde liederen, op één toon gezongen, [Moritaten] reciteerden; die hadden ze op borden geschreven en dan spraken ze de tekst erbij. Zij deden dat echter nooit anders dan dat ze tegelijkertijd met hun voet de maat aangaven en bij een temperamentsvol gedeelte op en neer liepen om aan te geven dat het hun helemaal niet ging om alleen de inhoud, maar voor hen kwam het erop aan vooral de gang van het vers, de innerlijke vormgeving te benadrukken.
U zal zien dat wij daarom overal proberen om dat dieper gelegen kunstzinnige weer naar voren te halen. Zelfs bij wat we van humoristische, groteske, potsierlijke dichtkunst door euritmie proberen te laten zien, geven we niet de letterlijke inhoud weer met zoiets als gebarentaal of pantime. In de vormen die als muzikale, dichterlijke vormen alleen maar ruimtelijk, niet als tijdsduur vertoond worden, geven we dus niet de inhoud van het gedicht weer, maar wat de dichter, de kunstenaar aan inhoud heeft gemaakt.

Das sind so einige Andeutungen, die ich über das künstlerische Ele­ment in der Eurythmie geben möchte. – Dadurch, daß der Mensch selbst das Werkzeug ist – nicht die Violine, nicht das Klavier, nicht Farben und Formen und so weiter -, dadurch ist diese Eurythmie in ganz besonderem Maße geeignet, wirklich, ich möchte sagen, aus den treibenden Weltenkräften heraus dasjenige zu gestalten, was im Men­schen selbst wieder durch diese treibenden Weltenkräfte wie in einer kleinen Welt veranlagt ist.
Die zweite Seite der Eurythmie ist die didaktisch-pädagogische Seite. Es ist meine Uberzeugung, daß das bloße Turnen, das sich in einer materialistischen Zeit herausgebildet hat in bezug auf seine Gesetze, zu stark Rücksicht nimmt auf das bloße Anatomisch-Physiologische im Menschen. Man wird später, wenn man einmal objektiver diesen Din­gen gegenübersteht, erkennen, daß dadurch ja der Mensch in einer ge­wissen Weise gekräftigt wird, aber daß diese Kräftigung nicht zu glei­cher Zeit eine Kräftigung ist der Seelen- und Willensinitiative.
In didaktisch-pädagogischer Beziehung wurde die Eurythmie zu­gleich ein beseeltes Turnen, ein beseeltes Bewegungsspiel. Und in den kleinen Anfängen, die wir Ihnen mit Kindern heute vorführen können,

Dat zijn een paar van die aanwijzingen die ik over het kunstzinnige element van de euritmie wilde geven. – Omdat de mens zelf het instrument is – niet de viool, niet de piano, niet de kleur en de vorm enz., – is deze euritmie heel bijzonder geschikt, werkelijk, ik zou willen zeggen, vanuit de drijvende wereldkracht iets vorm te geven wat in de mens zelf door deze drijvende wereldkracht als een kleine wereld in aanleg gegeven is.

De tweede kant van de euritmie is de didactisch-pedagogische kant. Ik ben ervan overtuigd dat de gymnastiek op zich, in een materialistische tijd, wat haar principes betreft, te sterk bezig is met alleen maar het anatomisch-fysieke van de mens. Men zal later, wanneer men objectiver naar deze dingen kijkt, toegeven dat daardoor de mens wel op een bepaalde manier krachtiger wordt, maar dat dit sterker worden niet tegelijkertijd een sterker worden is van de ziel- en wilsinitiatieven.
In didactisch-pedagogisch perspectief werd de euritmie ook een bezielde gymnastiek, een bezield bewegingsspel. En wat nog in de kinderschoenen staat, wat we hier vandaag met de kinderen

blz. 253

werden Sie sehen, wie jede Bewegung dann auch von den Kindern so ausgeführt wird, daß sie Seele-getragen ist.
Dadurch wird zu der Ausbildung des Körperlichen hinzu entwickelt dasjenige, was ich nennen möchte: Initiative des Seelenlebens, Initia­tive des Willens – dasjenige, was wir so sehr brauchen und was die bloße Turnerei nicht ausgebildet hat in dem heranwachsenden Men­schen! Es ist schon außerordentlich wichtig, daß das erkannt wird.
Wir sind ja hier genötigt, wenn wir Ihnen Kinderübungen vorfüh­ren, dazu zu sagen: die Kinder werden in den spärlichen Stunden, die ihnen übrigbleiben von der Schulzeit, zur Eurythmie angeleitet; aber das ist gar nicht richtig. Gerade jene Pädagogik, welche zugrunde liegt diesen Bestrebungen, die hier von Dornach ausgehen, die bis zu einem gewissen Grade in Stuttgart in der Waldorfschule verwirklicht werden konnten, diese Bestrebungen, die laufen alle gerade darauf hinaus, an die Kinder gerade nichts außerhalb der eigentlichen Schulzeit von Ler­nen heranzubringen!
Deshalb ist es von solcher Wichtigkeit, daß die Eurythmie in ihrer Bedeutung so durchschaut wird in Hinsicht auf ihre pädagogisch-didaktische Seite, daß man sie einfach in den Lehrplan der Schule hin­einwebt.

kunnen opvoeren, kunt u zien hoe iedere beweging door de kinderen dan ook uitgevoerd wordt als door het gevoel gedragen.
Daardoor wordt bij de vorming van het lichaam tevens ontwikkeld, wat ik zou willen noemen: initiatieven van het zielenleven, initiatieven van de wil – wat we zo nodig hebben en wat de gymnastiek op zich niet ontwikkeld heeft in de opgroeiende mens! Het is nu wel buitengeoon belangrijk om dat te erkennen.
We moeten, wanneer we voor u de kinderoefeningen opvoeren, daarbij zeggen: die kinderen doen in die spaarzame uren die er voor hen van de schooltijd overblijven, euritmie; maar dat is helemaal niet goed. Juist die pedagogie waaraan het streven dat hier van Dornach uit ten grondslag ligt en dat tot op zekere hoogte in Stuttgart op de vrijeschool gerealiseerd wordt, dit streven mondt nu juist daarin uit aan de kinderen niets buiten de schooltijd aan leren aan te bieden!
Daarom is het zo belangrijk dat de betekenis van de euritmie goed doorzien wordt wat betreft de pedagogisch-didactische kant en dat er eenvoudigweg in het lesrooster van de school een plaats voor ingeruimd wordt.

Dann wird es eben so sein, daß die Kinder alles dasjenige haben, was einer normalen geistig-seelisch-körperlichen Entwickelung dienstbar sein kann, gerade auch von diesem eurythmischen Gesichts­punkte aus.
Und das Dritte ist ein hygienisches Element. Der Mensch ist ja eine kleine Welt, der Mensch ist ein Mikrokosmos. Und im Grunde genom­men beruht alles Ungesundsein darauf, daß sich der Mensch heraus-reißt aus den großen Gesetzen des Weltenalls. Alles Ungesundsein -man möchte es bildhaft darstellen, indem man sagt: Wenn ich meinen Finger von meinem ganzen Organismus wegnehme, ist es nicht mehr ein Finger: er verdorrt; er hat nur seine innere Gesetzmäßigkeit im Zusammenhange mit dem ganzen Organismus. So hat der Mensch auch nur seine innere Wesenheit im Zusammenhange mit der ganzen Welt erlangt. Er hängt ja wirklich mit dem, was in ihm geschieht, mit der ganzen Welt zusammen! Bedenkt man nur das Alleräußerste, was zeigt, wie der Mensch mit der Welt zusammenhängt, wie er nicht bloß dieses Wesen ist, das innerhalb der Grenzen seiner Haut eingeschlossen ist; bedenken Sie nur einmal: dieselbe Luft, die Sie jetzt unmittelbar in sich haben, war vorher noch außer Ihnen. Aber jetzt, nachdem Sie

Dan zal het zo zijn dat de kinderen alles krijgen wat voor een normale ontwikkeling van geest, ziel en lichaam dienstbaar kan zijn, juist door dit euritmische gezichtspunt.

En het derde is een hygiënisch element. De mens is een kleine wereld, de mens is een microkosmos. En uit de aard der zaak berust alles wat ongezond is op het feit dat de mens zich buiten de grote kosmische wetten plaatst. Alles wat ongezond is – je zou het je beeldend kunnen voorstellen als je zegt: wanneer ik mijn vinger van mijn hele organisme verwijder, is het geen vinger meer: die vergaat; hij heeft slechts zijn innerlijke wetmatigheid in samenhang met heel het organisme. Zo heeft de mens ook slechts zijn innerlijk wezen in samenhang met de hele wereld verkregen. Hij hangt daadwerkelijk met alles wat er in hem plaatsvindt, samen met de totale wereld! Denk maar eens aan het meest uiterlijke wat laat zien hoe de mens met de wereld samenhangt, hoe hij niet alleen dat wezen is dat binnen de begrenzing van zijn huid vastzit; denk dus eens: dezelfde lucht die nu binnenin me je, die was hiervoor nog buiten je. Maar nu, nadat je

blz. 254

sie eingeatmet haben, bildet sie in ihrer Gesamtheit drinnen einen Teil Ihres Organismus. Und dasjenige, was Sie in sich haben, wird wieder ausgeatmet, ist wiederum draußen, sobald Sie es ausgeatmet haben; Sie können sich nicht herausschälen, als ob wir bloß innerhalb unserer Haut lebten, nur das hätten, was innerhalb unserer Haut eingeschlos­sen ist. Wir leben in unserer Umgebung nicht bloß mit der Luft, son­dern wir leben mit allem, was das Weltenall erfüllt.
Nun kann man alles Ungesunde im Menschen gerade daherleiten, daß dasjenige, was vom Menschen selbst getrieben wird, wenn es nicht angepaßt wird, wenn es dem Zeitalter oder der ganzen menschlichen Wesenheit nicht angemessen ist, durchaus nicht beitragen kann zur Harmonie und Ergänzung, die zwischen dem Menschen und der ganzen übrigen Welt herrschen muß. Aber gerade dadurch, daß jede Be­wegung in der Eurythmie so natürlich aus dem ganzen Menschenorga­nismus herausgeholt ist, wie die Bewegungen des Kehlkopfes und sei­ner Nachbarorgane für das gewöhnliche Lautsprechen, für die Laut­sprache, dadurch ist dasjenige, was in der Eurythmie ausgeführt wird, etwas, was den Menschen in einen Einklang bringen wird und bringen kann mit der ganzen Welt, mit dem ganzen Makrokosmos.

die ingeademd hebt, vormt die als totaliteit een deel van jouw totaliteit. En wat je in je hebt, adem je weer uit, dat is weer buiten je, zodra je het uitgeademd hebt; je kan je er niet aan onttrekken, doen alsof je alleen maar binnen je huid leeft, alleen maar dat hebben, wat binnen onze huid besloten ligt. We leven in onze omgeving niet alleen maar met de lucht, maar met alles wat de wereldruimte vult.
Nu kan je al het ongezonde in de mens herleiden naar wat door de mens zelf gedaan wordt, wanneer het niet wordt aangepast, wanneer het niet opgewassen is tegen de tijd of tegen heel het mensenwezen doordat het niet kan bijdragen aan de harmonie en vervolmaking die tussen de mensen en heel de rest van de wereld moet heersen. Maar juist omdat iedere beweging in de euritmie zo natuurlijk uit het hele menselijk organisme gehaald is, zoals de bewegingen van het strottenhoofd en de organen die erbij horen voor het gewone spreken, voor de spraakklanken, daarom is wat in de euritmie wordt uitgevoerd iets wat de mens in harmonie zal brengen en brengen kan met de hele wereld, met de hele kosmos.

Es ist also im wesentlichen ein gesundendes Element, das kann man schon so sagen, was der Mensch haben kann, was er erwerben kann auch als Kind von den eurythmischen Bewegungen, die nur natürlich sachgemäß und nicht dilettantisch ausgeführt werden dürfen. Das ist etwas, was durchaus unter einem solchen Gesichtspunkt einer seelisch-geistig-körperlichen Gesundheitspflege betrachtet werden kann.
Das sind also die drei Gesichtspunkte, von denen aus man Eurythmie ins Auge fassen kann, und von denen aus sie sich in ehrlicher Weise hineinstellen wird in unsere Geistesbewegung.
Trotzdem muß natürlich immer gesagt werden – wenn auch viel­leicht Zuschauer da sind, die schon öfter da waren, und gesehen haben werden, wie wir uns in der Formengebung, in der Raumesgestaltung der Gruppen in ihrem Verhältnis zueinander, wie wir uns bemüht haben in der letzten Zeit, vorwärtszukommen -, trotzdem muß betont werden, daß die Eurythmie trotz allem an die Nachsicht appellieren muß in bezug auf alles das, was wir heute schon bieten können. Die Eurythmie steht erst im Anfange, ist ein Versuch eines Anfanges, aber sie stellt einen Versuch dar, der nach unserer Uberzeugung immer wei­ter wird vervollkommnet werden können; wenn auch vielleicht andere

Het is in wezen dus een gezondmakend iets, dat kun je zo wel zeggen, wat de mens kan hebben, wat hij verwerven kan, ook als kind, door de euritmische bewegingen die natuurlijk adequaat en niet amateuristisch uitgevoerd moeten worden.
Dat is iets wat zeer zeker vanuit een dergelijk gezichtspunt van gezondheidsverzorging wat ziel, geest en lichaam aangaat, beschouwd kan worden.
Dat zijn dus de drie gezichtsputen van waaruit men naar de euritmie kan kijken en van waarmee deze op een eerlijke manier een plaats kan krijgen in onze geestesbeweging.
Ondanks dat moet natuurlijk steeds worden gezegd – ook als er misschien toeschouwers zijn die er al vaker bij waren en gezien hebben hoe wij ons met de vormgeving, met de ruimtetlijke vormgeving van de groepen in relatie tot elkaar, moeite hebben gedaan de afgelopen tijd verder te komen -, ondanks dat moet er de nadruk op worden gelegd dat de euritmie ondanks alles een beroep moet doen op het hebben van begrip dat nog niet alles volmaakt is van wat we vandaag al kunnen geven. De euritmie staat pas aan het begin, is een poging van een begin, maar ze doet die poging die naar onze overtuiging steeds verder vervolmaakt zal kunnen worden; ook al moeten misschien anderen

blz. 255

kommen müssen, um dasjenige, was wir mit unseren schwachen Kräften aufnahmen, weiter auszubilden. Trotz allem aber könnte man heute doch schon sehen bei dem, was dem Wollen nach gezeigt wird, daß diese Eurythmie, weil sie künstlerische Quellen in ihrer Ursprünglich­keit eröffnet, weil sie sich des ganzen Menschen als eines Ausdrucks­mittels bedient, und weil sie didaktisch-pädagogisch für die Entwicke­lung des Seelisch-Geistig-Körperlichen des Kindes arbeitet – weil sie den Menschen in eine Bewegung hineinversetzt oder in Bewegungs­systeme hineinversetzt, was wesentlich ein Gesundendes ist, daß sie in der Tat als Schwesterkunst neben die anderen, zum Teil älteren Schwesterkünste sich einmal voll berechtigt wird hinstellen können, besonders wenn die Zeitgenossen ihr Interesse der Eurythmie werden entgegenbringen.

komen om wat wij met onze geringe kracht op ons namen, verder vorm te geven. Ondanks alles echter kun je vandaag toch al zien aan wat we willen laten zien dat deze euritmie, omdat ze kunstzinnige bronnen in hun oorspronkelijkheid ontsluit, omdat ze de hele mens gebruikt om zich uit te drukken en omdat ze didactisch-pedagogisch voor de ontwikkeling van ziel, geest en lichaam van het kind werkt – omdat ze de mens in een beweging plaatst of in bewegingsvormen plaats wat in wezen iets gezondmakends heeft, dat ze inderdaad als zusterkunst naast de andere, voor een deel oudere zusterkunsten eens volwaardig zal kunnen presenteren in het bijzonder als de tijdgenoten hun interesse voor de euritmie laten blijken.
GA 301/249-255
eigen vertaling van GA 301

blz. 256

Einleitende Worte zur Eurythmie-Aufführung am 16. Mai 1920 in Dornach

Meine sehr verehrten Anwesenden! Gestatten Sie, daß ich auch heute, wie ich das immer vor diesen eurythmischen Versuchen getan habe, ein paar einleitende Worte voraussende. Dies geschieht nicht, um irgend etwas von dem Dargestellten zu erklären – denn natürlich muß Künstlerisches durch seine unmittelbare Offenbarung selbst wirken, und es wäre unkünstlerisch, einen solchen Versuch auf irgendeine theoretische Erklärung oder irgendeine ideelle Erklärung zu stützen; aber ich darf wohl sagen, daß diese eurythmische Kunst ein Versuch ist, zu gewissen, im Menschen selbst liegenden Kunstquellen hinabzu­steigen und nach gewissen künstlerischen Ausdrucksformen zu suchen, welche es besonders gut möglich machen, die Anforderungen aller Kunst zu enthüllen: das Künstlerische zu holen in das Sinnlich-Über-sinnliche.
Dieser Ausdruck «sinnlich-übersinnliches Schauen« ist ja von Goethe geprägt, aus allen Tiefen seiner Weltanschauung und seiner künst­lerischen Gesinnung heraus. Der ganzen Gestaltung unserer eurythmi­schen Kunst liegt dieses Sinnlich-Übersinnliche zugrunde.

Inleidende woorden bij de euritmieopvoering van 16 mei 1920 in Dornach

Zeer geachte aanwezigen,

Staat u mij toe, dat ik ook vandaag, zoals ik dat steeds voor deze euritmische try-outs gedaan heb, er een paar inleidende woorden aan vooraf laat gaan. Dat is niet om iets van wat ten tonele wordt gevoerd, uit te leggen – want vanzelfsprekend moet het kunstzinnige door wat het direct toont, zelf werkzaam zijn en het zou onkunstzinnig zijn een dergelijke opvoering met een of andere theoretische basis of een of andere ideële verklaring te onderbouwen; maar ik mag wel zeggen dat deze euritmische kunst een poging is om bepaalde kunstzinnige bronnen te vinden die in de mens zelf aanwezig zijn en naar bepaalde uitdrukkingsvormen te zoeken die het vooral goed mogelijk maken de eis aan elke kunst zichtbaar te maken: het kunstzinnige uit het zintuiglijk-bovenzintuiglijke te halen.
Deze uitdrukking ‘zintuiglijk-bovenzintuiglijk’ is door Goethe uitsproken vanuit de diepte van zijn wereldbeschouwing en zijn kunstzinnige aard. Aan heel de vormgeving van onze euritmische kunst ligt dit zintuiglijk-bovenzintuiglijke ten grondslag.

Sie werden auf der Bühne allerlei Bewegungen sehen, die durch den einzelnen Menschen ausgeführt werden, die ausgeführt werden durch Menschengruppen. Und man könnte zunächst den Eindruck haben, als ob da der Versuch gemacht würde, Dichterisches oder Musikalisches, von dem ja die eurythmische Darstellung begleitet werden muß, für die die eurythmische Darbietung nur ein anderer Ausdruck ist – man könnte den Eindruck haben, als ob willkürliche Gesten, erfundene Gesten, Mimisches zu dem Dichterischen, zu dem Musikalischen hinzu-kämen. Das ist durchaus nicht der Fall. Sondern es ist abgelauscht eben durch ein sorgfältiges sinnlich-übersinnliches Studium wirklich dem menschlichen Laut-Sprechen dasjenige, was als Bewegungstendenz zu­grunde liegt den Sprachorganen selber.
Im gewöhnlichen Sprechen werden ja die Lippenbewegungen, die Bewegungstendenzen des Gaumens und so weiter unmittelbar auf die

U zal op het toneel allerlei bewegingen zien die door mensen alléén uitgevoerd worden; en die uitgevoerd worden door een groep. En je zou in het begin de indruk kunnen krijgen dat er een poging wordt gedaan om gedichten of muziek die met de euritmische voorstelling samen moeten gaan, waarvoor de euritmische voorstelling slechts een andere manier van uitdrukken is – je zou de indruk kunnen krijgen alsof er bij de gedichten of de muziek willekeurige gebaren, uitgedachte gebaren, mimiek bij komen. Dat is zeer zeker niet het geval. Echter, door een zorgvuldige studie van het zintuiglijk-bovenzintuiglijke is er aan het spreken van menselijke klanken afgelezen wat er in werkelijkheid als bewegingstendens aan de spraakorganen zelf ten grondslag ligt.
Bij het gewone spreken worden de bewegingen van de lippen, de bewegingstendens van het gehemelte enz. meteen aan de lucht

blz. 257

Luft übertragen und gehen da über in feine Zitterbewegungen, die dem Hören zugrunde liegen. Diese Zitterbewegungen sind es selbstver­ständlich nicht, um die es sich handelt, sondern um dasjenige, was ge­wissermaßen als die Resultierende einem ganzen System von solchen Zitterbewegungen zugrunde liegt.
Das wurde studiert und ist von den Sprachorganen übertragen auf den ganzen Menschen, nach dem Goetheschen Metamorphosenprinzip, wonach zum Beispiel die ganze Pflanze nur ein kompliziertes aus­gestaltetes Blatt ist.
So könnte man sagen: Dasjenige, was Sie auf der Bühne sehen, das sind ganz und gar nicht willkürliche Bewegungen, sondern es sind streng gesetzmäßige Bewegungen, so gesetzmäßig namentlich auch in ihrer Auf­einanderfolge, wie die Bewegungen der Sprachorgane selbst beim Spre­chen sind durch Töne, durch Laute oder beim Singen und dergleichen.
Dadurch ist diese bewegte Plastik in der Tat etwas, dem eine innere Notwendigkeit innewohnt, so wie der Aufeinanderfolge der Töne im musikalischen Schaffen. Und es handelt sich hier tatsächlich um eine sichtbare Sprache, um eine ganz gesetzmäßige sichtbare Sprache, die als Eurythmie dargeboten wird.

overgedragen en gaan daar over in trilbewegingen die aan het horen ten grondslag liggen. Het gaat natuurlijk niet om deze trillingen, maar in zekere zin om wat er voortvloeit uit wat aan zo’n systeem van dergelijke trillingen ten grondslag ligt.
Dat werd bestudeerd en is vanaf de spraakorganen overgebracht op de hele mens, volgens het principe van Goethes metamorfose, waarbij bijvoorbeeld de plant slechts een gecompliceerd geworden blad is.
Je zou dus kunnen zeggen: wat je op het toneel ziet zijn helemaal geen willekeurige bewegingen, maar streng wetmatige bewegingen, vooral ook wetmatig in hoe ze na elkaar komen, zoals de bewegingen van de spraakorganen bij het spreken zelf, door tonen, door klank en ook bij het zingen enzo.
Daardoor is deze bewegingsplasticiteit inderdaad iets waar innerlijk iets in vast ligt, zoals de opeenvolging van tonen bij het creëren van muziek. En het gaat hier daadwerkelijk om zichtbare spraak, om een heel wetmatige zichtbare spraak die als euritmie vertoond wordt.

In diese sichtbare Sprache wird sich allerdings erst das gegenwärtige Zeitalter hineinfinden müssen. Denn das gegenwärtige Zeitalter, das hat ja wirklich sehr viel Unkünstlerisches in sich. Dasjenige, was zum Beispiel noch zur Zeit der Romantik üblich war, daß man auch mit einer großen Hingabe lauschte Dichtungen, die man gar nicht wort­wörtlich verstand, sondern die man anhörte bloß auf den Rhythmus, auf den Takt, auf die innere Gestaltung des Lautwortes, das ist ja wesentlich heute zurückgegangen.
Wir werden selbst bei der Rezitation, die ebenso wie die Musik zu begleiten hat die eurythmischen Darbietungen, wir werden sehen in der Rezitation, weil man anders gar nicht hervorheben könnte dieses künstlerisch-eurythmische Element, daß das eigentlich künstlerische Element ja schon in der Dichtung selbst ist; denn nicht der wortwört­liche Prosainhalt ist ja das Wesentliche der Dichtung, sondern das­jenige, was die formale Gestaltung ist, die der Künstler eben selbst hervorbringt. So werden Sie namentlich sehen, daß überall da, wo, wie wir das jetzt in ausgiebigem Maße versuchen, wo Formen, Raum­formen durch Gruppen hervorgebracht werden, daß da überall etwas zum Ausdrucke kommt, was nicht etwa ein mimischer Ausdruck des

Maar de tegenwoordige tijd zal eerst nog vertrouwd moeten raken met deze zichtbare spraak. Want in de tegenwoordige tijd is echt nog veel onkunstzinnigheid aanwezig. Wat bijvoorbeeld in de Romantiek nog gebruikelijk was, dat men met grote aandacht luisterde naar gedichten die men niet eens letterlijk begreep, maar waarbij men luisterde naar het ritme, de maat, naar hoe een woord verklankt was; dat is tegenwoordig sterk teruggelopen.
We zullen zelfs bij het reciteren dat net zo als muziek de euritmie moet begeleiden, bij het reciteren zullen we zien, omdat je anders het kunstzinnig euritmische element er helemaal niet uitkrijgt, dat het eigenlijke kunstzinnige element al in het gedicht zelf aanwezig is; want de letterlijke proza-inhoud is niet het wezenlijke van het gedicht, maar de vormcompositie die de kunstenaar zelf schept. U zult dus zien dat overal waar wij dit uitgebreid proberen wanneer er door de groepen vormen, vormen in de ruimte gemaakt worden, er overal iets tot uitdrukking komt wat niet zoiets is als de inhoud van het gedicht met

blz. 258

Inhaltes der Dichtung ist, sondern was aus dem Charakter der Be­handlung des Gedichtes folgt, die der Dichter dem wortwörtlichen Inhalte hat angedeihen lassen. Selbst wenn es sich um Groteskes, Pos­sierliches handelt, wie wir es ja versuchen zur Darstellung zu bringen im zweiten Teil heute, da werden Sie sehen, daß es uns wirklich nicht um eine naturalistische Darstellung, nicht um die Nachahmung von irgendeinem Inhalte geht, sondern darum, den Zusammenhang, den harmonischen Zusammenhang zu gestalten, daß das Einzelne nicht durch seinen Inhalt wirken, sondern das Ganze durch die in sich zu­sammenstimmende Form wirken will.
Im ganzen darf man sagen, daß deshalb hier in der Eurythmie zu­rückgegangen wird auf die Quellen des Künstlerischen, weil ja dieses Künstlerische beruhen muß darauf, daß nicht etwa Gedanken auf uns wirken. Wenn wir Wissenschaft pflegen im heutigen materialistischen Sinne, dann wirken bloß Gedanken auf uns. Dadurch können wir aber auch nur in den sinnlichen Gehalt der Welt eindringen. Hier aber han­delt es sich darum, daß in der Eurythmie das Künstlerische insoferne wirkt, zum Beispiel als sinnlich-übersinnlicher Charakter, als ja der ganze Mensch das Werkzeug ist oder Gruppen von Menschen das Werk­zeug sind für dasjenige, was zum Ausdrucke gebracht werden soll.

mimiek uitdrukken, maar wat het gevolg is van het karakter van het gedicht waaraan de dichter de letterlijke woordinhoud gegeven heeft. Zelfs wanneer het gaat om iets grotesk of iets potsierlijks wat we in het tweede deel willen laten zien, zult u zien dat het ons niet gaat om een naturalistische opvoering, niet om de een of andere inhoud na te bootsen, maar om de compositie, de harmonische samenhang vorm te geven, zodat niet de details als inhoud werken, maar het geheel  door de vorm die op zich een compositie is.
In het algemeen kun je zeggen dat we daarom hier in de euritmie teruggaan naar de bronnen van het kunstzinnige, omdat het zo moet zijn, dat niet zoiets als gedachten op ons moeten werken. Wanneer we wetenschap bedrijven in de materialistische betekenis, dan werken alleen gedachten op ons in. Daardoor kunnen we echter ook alleen maar doordringen tot de zintuiglijke inhoud van wat de wereld is. Hier gaat het er echter om, dat in de euritmie het kunstzinnige in zoverre werkt, als bijvoorbeeld iets van zintuiglijk-bovenzintuiglijke aard, wanneer de hele mens het instrument is of groepen mensen de instrumenten zijn voor wat tot uitdrukking gebracht moet worden.

So daß man sagen kann: Der Mensch, der beseelte Mensch, der durch­geistigte Mensch legt Seele und Geist in jede Bewegung hinein – solche Seele und Geist, wie wir sie noch aus der wahrklingenden Dichtung heraushören. Das alles zeigt uns, wie das Sinnliche, als das wir ja den Menschen in seinen Gliedern sehen, zugleich auf seinen Flügeln das Geistige trägt. Es ist also wirklich Sinnlich-Übersinnlich. Und es kommt so schön dann zum Ausdrucke, was Goethe im Grunde von jeder Kunst verlangt, indem er sagt: «Wem die Natur ihr offenbares Geheimnis zu enthüllen beginnt, der empfindet eine tiefe Sehnsucht nach ihrer wür­digsten Auslegerin, der Kunst.«
Die Kunst ist für Goethe in gewissem Sinne ein Gemütserlebnis der Natur. Und wie könnte man dieser Natur besser entsprechen, als in­dem man die im Menschen liegenden Bewegungsmöglichkeiten selbst zur Offenbarung bringt, den ganzen Menschen aus seinem Willen her­aus so sich bewegen läßt, daß durch ihn eine sichtbare Sprache zum Ausdrucke kommt. Das Gedankliche, das sonst die Kunst ablehnt, wird ja gerade dadurch ausgeschlossen: es kommt nur Wille in den Be­wegungen zum Ausdrucke. Und dadurch, daß die Persönlichkeit des

Zodat je zou kunnen zeggen: de mens, de bezielde mens, de mens van geest vervuld legt ziel en geest in iedere beweging – die ziel en geest die we nog horen uit een gedicht dat ons als waar in de oren klinkt. Dat laat ons allemaal zien hoe het zintuiglijke wat we als ledematen bij de mens zien, tegelijkertijd bevleugeld de geest draagt. Het is daadwerkelijk zintuiglijk-bovenzintuiglijk. En dan komt zo mooi tot uitdrukking wat Goethe in feite van iedere kunst vraagt, als hij zegt: ‘Degene aan wie de natuur haar openbare geheim begint te onthullen, voelt een onweerstaanbaar verlangen naar haar waardigste vertolkster: de kunst.’
Kunst is voor Goethe in zekere zin een gevoelsbeleving van de natuur. En hoe zou je deze natuur beter tegemoet kunnen komen dan door de mogelijkheid te kunnen bewegen, die in de mens zelf ligt, tot uitdrukking te brengen, de hele mens vanuit zijn wil zich zo te laten bewegen dat door hem een zichtbaar spreken tot uitdrukking komt. Gedachtespinsels die anders de kunst afwijzen, worden daardoor buitengesloten: nu komt de wil in de bewegingen tot uitdrukking. En doordat de persoonlijkheid van de

blz. 259

Menschen, aber auf unpersönliche Art, in diese Bewegungen übergeht, dadurch kommt gerade ein eminent Künstlerisches, ein Sinnlich-Über-sinnliches in den Darstellungen zum Ausdrucke.
Dann hat ja diese unsere Eurythmie auch einen bedeutsamen päd­agogisch-didaktischen Effekt, indem sie ja tatsächlich zu gleicher Zeit ein beseeltes Turnen ist. Wenn man einmal objektiver über diese Dinge denken wird, dann wird man einsehen, daß dasjenige, was seit langer Zeit als Turnen geschätzt wird – was wir durchaus nicht missen wol­len -, daß das eine besondere Förderung erfährt, wenn wir ihm an die Seite stellen, wie wir es für die Kinder in der Waldorfschule in Stutt­gart tun – dieses beseelte Turnen.
Einiges von dieser Kinder-Eurythmie werden Sie ja heute im zwei­ten Teil unserer Darbietungen auch sehen können.
Es ist das gewöhnliche Turnen allerdings körperstärkend; wir wol­len es deshalb auch nicht entbehren für die Körperstärkung; aber das beseelte Turnen, das nicht bloß auf den Körper geht, sondern auf Leib, Seele und Geist geht, das ist insbesondere erzieherisch wirkend auf den Willen, auf die Willensenergie. Und die Willensenergie, das ist etwas, was künftige Generationen in dem immer schwerer werdenden Leben wahrhaftig brauchen werden!

mens, maar op een onpersoonlijke manier in deze bewegingen opgaat, komt er juist iets geweldig kunstzinnigs, iets zintuiglijk-bovenzintuiglijks in de uitvoering tot uitdrukking.
Daarnaast heeft onze euritmie ook nog een pedagogisch-didactische werking, omdat ze tegelijkertijd een bezielde gymnastiek is. Wanneer je eens objectiever over deze dingen nadenkt, zul je inzien dat wat al lange tijd als gymnastiek gewaardeerd wordt – wat we zeer zeker niet willen missen – wat een bijzondere meerwaarde krijgt, wanneer we deze bezielde gymnastiek, zoals we dat doen voor de vrijeschoolkinderen in Stuttgart, erbij nemen.
Iets van deze euritmie voor kinderen zult u vandaag in het tweede deel van onze voorstelling kunnen zien.
De gewone gymnastiek versterkt zeer zeker het lichaam; we willen dan ook niet zonder, voor de versterking van het lichaam; maar de bezielde gymnastiek die niet alleen op het lichaam werkt, maar op lichaam, ziel en geest, werkt in het bijzonder opvoedkundig op de wil, op de wilsenergie. En wilsenergie is iets wat toekomstige generaties in de steeds moeilijker wordende tijden heel erg nodig zullen hebben!

Dann hat unsere Eurythmie eine wichtige hygienische Seite. Es sind ja die Bewegungen des Menschen, wie sie hier hervorgeholt werden aus seinen Bewegungsmöglichkeiten, zugleich diejenigen, durch die sich der Mensch am besten einordnet in den ganzen Rhythmus, in die ganze Harmonie der Welt. Alles Ungesunde beruht ja im Grunde genommen darauf, daß der Mensch sich aus diesem Rhythmus herauslöst. – Hier wird nichts Reaktionäres getrieben, daher bitte ich, das, was ich sage, nicht aufzufassen, wie wenn ich mich auflehnen wollte gegen notwen­dige Kulturerscheinungen. Wir haben vieles in unserer Zeit, was selbst­verständlich notwendig ist, was wir brauchen, was wir durchaus nicht beseitigen können -, wenn wir dies ins Auge fassen, da müssen wir sagen: Es ist viel Veranlassung für die gegenwärtigen Menschen, sich herauszugliedern aus dem notwendigen Rhythmus, aus der notwen­digen Harmonie der Welt; im Grunde genommen jedesmal, wenn wir in der Eisenbahn fahren oder gar wenn wir im Auto sitzen, nicht zu reden von anderen Dingen, die in unserer Zeit geschehen und uns her­ausbringen aus dem Rhythmus der Welt: sie schleichen sich nach und nach in des Menschen Gesundheit hinein, sie untergraben sie in einer

Dan heeft onze euritmie nog een belangrijke hygienische kant. Juist de bewegingen van de mens die hier naar boven worden gehaald uit de mogelijkheden die hij tot bewegen heeft, zijn tegelijkertijd bewegingen waardoor de mens het beste in het totale ritme komt, in de totale harmonie met de wereld.
Alles wat ongezond is, berust in feite erop dat de mens zich buiten die ritmen plaatst. – Hier wordt niets revolutionairs gedaan, vandaar dat ik u vraag wat ik zeg niet op te vatten alsof ik me zou willen afzetten tegen noodzakelijke verschijnselen in de cultuur. In onze tijd hebben we veel wat vanzelfsprekend nodig is, wat we nodig hebben, waaraan we zeer zeker niet voorbij kunnen gaan -, en wanneer we dit beseffen, moeten we zeggen: voor de huidige mens is er veel aanleiding om zich buiten het noodzakelijke ritme, buiten de noodzakelijke harmonie met de wereld te plaatsen; in feite iedere keer, wanneer we met de trein reizen of wanneer we in de auto zitten; om maar niet te spreken van andere dingen die in onze tijd plaatsvinden, die in onze tijd gebeuren en ons buiten het ritme van de wereld plaatsen: langzaam maar zeker sluipt dat binnen in de gezondheid van de mensen; het ondergraaft hen op een manier

blz. 260

Art, die gar nicht bemerkt wird. Nur von dem, der den intimeren Zu­sammenhang des Menschen mit der Welt kennt, wenn er dies alles ins Auge faßt, kann es gesehen werden. Die Welt drängt heute danach, dem Menschen wiederum etwas Gesundendes zu geben.
Wo sucht man oftmals das Gesunde? Ja, meine sehr verehrten An­wesenden, ich weiß, daß ich damit sehr vielem entgegenrede; aber das sind Dinge, über die man schon objektiver denken wird: Man versuchte
– und das ist ja geschehen, schon bevor diese schreckliche Weltkata­strophe hereinbrach -, man versuchte zum Beispiel »Olympische Spiele« da oder dort aufzuführen. Das ist ein schrecklicher Gedanke, der ganz außerhalb jedes wirklichen Verständnisses steht! Olympische Spiele gehörten für den griechischen Körper. Man beachtet bei solchen Dingen nicht, daß ein jedes Zeitalter seine besonderen Anforderungen hat.
Das ist es aber, was wir gerade versuchen in unserer eurythmischen Kunst: nicht aus der abstrakten Theorie heraus irgend etwas Altes wiederum vor die Menschheit hinzustellen oder für die Menschheit zu fordern, sondern wir müssen dasjenige, was das gegenwärtige Zeitalter fordert, aus der Menschennatur heraus bekommen, müssen für den Menschen etwas finden, was gerade für die gegenwärtige Menschheits­organisation geeignet ist.

die helemaal niet opgemerkt wordt. Alleen door degene die de intiemere samenhang van de mens met de wereld kent, wanneer hij dat allemaal opmerkt, kan het worden gezien. De wereld verlangt er dringend naar dat de mens weer iets gezonds wordt gegeven.
Waar wordt dit gezonde vaak gezocht? Ja, geachte aanwezigen, ik weet dat ik hiermee tegen velen inga; maar dat zijn dingen waarover je objectiever kan nadenken: men probeerde – en dat gebeurde al voor deze verschrikkelijke wereldcatastrofe plaatsvond – men probeerde bijvoorbeeld hier of daar ‘Olympische Spelen’ te houden. Dat is een vreselijke gedachte, die geheel buiten ieder reëel begrip valt! Olympische Spelen hoorden bij het Griekse lichaam. Men denkt er bij zulke dingen niet aan, dat ieder tijdsgewricht zijn eigen bijzondere eisen stelt.
Maar dat is nu juist wat wij proberen met onze euritmiekunst: niet vanuit een abstracte theorie opnieuw iets ouds voor de mensen te brengen of voor de mensheid te eisen, maar we moeten wat de tegenwoordige tijd eist, uit de natuur van de mens halen, moeten voor de mens iets vinden wat juist voor de mens van nu geschikt is.

Gewiß, solche Dinge lassen sich nicht anatomisch oder physiologisch nachweisen, weil man heute nicht alte Griechen sezieren kann; aber derjenige, der geisteswissenschaftlicheMittel hat, um in dieZeitentwik­kelung hineinzuschauen, der weiß, daß der heutige Mensch schon seiner physischen und dann besonders seiner seelisch-geistigen Organisation nach etwas anderes fordert. Die Anfänge solcher Forderungen, die das Zeitalter selbst stellt, sollen mit der Eurythmie aufgefunden wer­den; ihnen soll mit Eurythmie entsprochen werden.
Sie wissen, sehr verehrte Anwesende, daß dasjenige, was wir bieten können, heute erst im Anfange steht, daß es ein Versuch ist, vielleicht nur der Anfang eines Versuches. Wir sind auch überzeugt davon, weil wir ehrlich bestrebt sind, aus den Anforderungen des Zeitalters heraus zu wirken, daß, wenn vielleicht nicht mehr wir, sondern andere das­jenige, was heute als ein Versuch hingestellt werden muß, ausbauen, daß eine vollkommenere Kunstrichtung entsteht, die sich würdig wird hinstellen können neben die älteren Schwesterkünste.
In diesem Sinne bitte ich Sie, mit Nachsicht diese unsere Vorstellung anzuschauen.

Zeker, die dingen kun je niet anatomisch of fysiologisch bewijzen, omdat je nu geen Oude Grieken meer ontleden kan, maar degene die geesteswetenschappelijke middelen heeft, om in de ontwikkeling der tijden te schouwen, weet dat de mens van nu reeds, wat zijn fysieke en dan nog in het bijzonder zijn organisatie, wat betreft zijn ziel en geest, iets anders nodig heeft. Het begin van dergelijke eisen die de tijd zelf stelt, moeten met de euritmie gevonden worden; euritmie moet daarop antwoorden.
U weet, geachte aanwezigen, dat wat wij u hier kunnen bieden, staat vandaag nog in de kinderschoenen, het is een pogen, misschien pas het begin van een proberen. Wij zijn er ook van overtuigd, omdat we er eerlijk naar streven vanuit de vragen van de tijd te werken, dat misschien wij niet meer, maar anderen moeten ontwikkelen, wat nu als een pogen wordt getoond, dat er een meer volmaakte kunstrichting ontstaat die zich met waardigheid naast de oudere zusterkunsten kan opstellen.
In dit opzicht vraag ik u welwillend naar onze voorstelling te kijken.
GA 301/256-260
eigen vertaling van GA 301

.

Rudolf Steiner over euritmie

Rudolf Steineralle artikelen

VRIJESCHOOL in beeldklankfiguren

.

1392

 

 

 

 

 

 

 

 

 

.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.