VRIJESCHOOL – Menskunde en pedagogie (17-1)

.

DE WERKZAAMHEID VAN HET IJZER IN HET MENSELIJK ORGANISME

P. kwam bij ons toen hij 3 maanden oud was. Van begin af aan had hij geen gemakkelijke weg op aarde gekozen. Een gezin was er al lang niet meer en P.’s moeder leed aan een ernstige ziekte. Ze was zo ziek dat het kind na de bevalling niet bij haar kon blijven, omdat ze niet in staat was het te verzorgen.

Uit een bleek-grauw oud kindergezichtje keken diepliggende ogen. Het hoofd was naar verhouding groot, daarentegen hingen aan een tere romp dunne, fijne armen en benen waarvan je je niet kon voorstellen dat die ooit geschikt zouden worden voor de wereld. Zo ging P.’s ontwikkeling wat zich oprichten, zitten, staan, lopen enz. betrof erg, erg langzaam. Pas toen hij drie jaar oud was, durfde hij vrij te lopen en nu nog, met zijn vierde, is zijn loop onzeker, ja hij kan vrij beverig zijn. Ook doelbewuste bewegingen met de handen zijn niet krachtig, maar aarzelend en onhandig. Hij heeft nu de lichaamslengte van een
tweeeneenhalfjarig kind.
Mentaal is P. niet dof. Op het goede ogenblik heeft hij de wereld in oog en oor gevat en lang voor hij kon lopen, sprak hij met een hoge stem. Alleen de gebrekkige ontwikkeling van zijn ledematen hinderde hem om net zo te doen als zijn leeftijdgenootjes. P. was vaak verkouden, maar nog vaker klaagde zijn begeleidster erover dat hem niets lekker smaakte. Dezelfde zwakte die in de ledematen tevoorschijn komt, vertoont zich zelfs in hrt verteringsproces. Kort geleden nog maar leidde juist deze zwakte tot een ernstige crisis in zijn leven.

P. lijkt op het eerste gezicht zeer veel op kinderen die een waterhoofd hebben, maar bij hem ligt de belangrijkste stoornis in het stofwissel-ledematensysteem en de dominantie van het centrale zenuwsysteem is meer schijn. Welk proces is hier verstoord?

We hebben er eerder al eens op gewezen hoe zon en maan werkzaam zijn in de mens. De kosmische kracht die de mens geheel aards doet zijn is Mars en zijn aardesubstantie is het ijzer. Hij brengt de mens in de stevigheid, sterke vormkracht met zich meebrengend en laat zijn substantie in de mens stollen. Het ijzer heeft in het menselijk organisme heel bekende, beschreven opgaven, maar bij de bekende werkzaamheid komen er door het geesteswetenschappelijk onderzoek van Rudolf Steiner nog een paar en de oude verschijnen in een nieuw licht.
In het volgende worden een paar eigenschappen van het ijzer beschreven van de natuur buiten, om tot een begrip te komen van de werkzaamheid in het menselijk organisme.

IJzer is het meest voorkomende metaal op aarde. Je vindt het zowel in machtige ijzerertslagen, als ook in kleine sporen in vele gesteenten (met name silicaat- en vulkaansteen). Bijna geen bron, uit wat voor diepte uit de aarde die ook komt, is ijzervrij. Waar de aarde ook maar rood of bruin gekleurd is, komt dat door het ijzergehalte.
Het ijzer dat voor onze beschouwing het belangrijkste is, is het meteoorijzer dat als vallende sterren. vooral in augustus en september in de leonidenzwerm, het hele jaar door vanuit de kosmos op aarde komt. Het gewicht van dit meteoorijzer schommelt tussen 50.000 kg en 2 gr.
Neem je een hematiet of een marcasiet in je hand, dan ben je eerst verrast door het gewicht. Bij nadere beschouwing van de doormidden geslagen steen vallen twee dingen op: het oppervlak is afgerond, binnenin heeft het ijzer een stralenstructuur, maar zonder een gevormd middelpunt – cirkel en straal als elementen vallen hier samen. In het ronde verraadt deze vorm zijn kosmische oorsprong en brengt deze meteen over op de aardse straal die naar een middelpunt streeft. Chemisch verbindt ijzer zich met veel stoffen. Zijn vermogen koolstof op te nemen, bepaalt zijn hardheid en het smeden van wapens was dan ook een bijzondere kunst, omdat men niet alleen de hamer moest hanteren, maar men moest ook van houtskool of harsrijke stoffen als fosfor, kiezel of zwavel toevoegen. De relatie van ijzer en zuurstof is bekend; daarop berust voor het grootste deel de werkzaamheid van het ijzer in het menselijk organisme. IJzer kan het zuurstof binden en tegelijkertijd weer afgeven. Onze ademhaling kan alleen maar plaatsvinden wanneer dit proces in orde is. Zijn nauwe betrekking tot stikstof stelt het ijzer in staat uit giftige cyaanverbindingen het onschuldige Pruisisch blauw te vormen, een activiteit die we min of meer ook in het menselijk organisme aantreffen. Met zwavel verbindt het ijzer zich in de warmte tot de bovengenoemde marcasieten, vooral echter tot pyriet. Tot slot wordt hier de eigenschap van het ijzer genoemd die we in deze hoge mate alleen bij hem en zijn broeders kobalt en nikkel vinden: het ijzer voegt zich zo in de aardekracht dat het magnetisch wordt: magnetiet Fe3)4 is de van nature voorkomende magneetijzersteen. Maar al het ijzer wordt door een magneet aangetrokken en al naar gelang van het koolstofgehalte wordt het magnetisme erin tot iets blijvends, d.w.z. koolstofrijk ijzer laadt met magnetisme op. Op deze eigenschap van het ijzer en de mogelijkheid koolstof op te nemen, berust voor een groot deel de huidige techniek, waarvan de ontwikkeling zonder het ijzer helemaal niet denkbaar is.

Kijken we nu eens naar het ijzer in het menselijk organisme. Zoals het buiten diep in de aarde is opgenomen, is het in het menselijk organisme helemaal substantie geworden. Vind je van andere metalen hooguit sporen, veel meer echter hun processen, dan is het ijzer als substantie in alle cellen van het organisme, voornamelijk in de rode bloedlichaampjes aanwezig. Hier heeft de persoon direct de mogelijkheid zich met de zwaartekrachten, d.w.z. de ruimtekrachten uiteen te zetten. Wanneer de mens te weinig ijzer heeft, bijv. bij bleekzucht, dan wordt hij duizelig, moe, hij kan zich in de ruimte niet handhaven, de ziel heeft geen basis om de volle persoonlijkheid zich te laten ontplooien. Een mens met bloedarmoede is ook moedelozer, twijfelachter, neemt moeilijker belsuiten.
Het rode bloedlichaamoje is de bemiddelaar bij de adem: in de long neemt het hemaglobine, de ijzerhoudende kleurstof van het bloed, zuurstof op uit de lucht en brengt het als rood bloed in alle weefsels, geeft het daar af en neemt het koolzuur uit het weefsel weer mee naar de long waar het wordt geruild tegen nieuwe zuurstof. Dit proces is zeer gecompliceerd. Het berust op het vermogen van het ijzer zuurstof aan zich te binden en zo is het ijzer voor ons ook de bemiddelaar bij het leven. Bij het verwerken van het opgenomen voedsel helpt het ijzer ons de substanties zo af te breken dat deze helemaal naar hun eigenheid teruggebracht worden. Het orgaan dat deze kracht in het verteringskanaal brengt, is de galblaas. Wie ooit eens de uitscheiding van de gal op het röntgenapparaat heeft gezien, weet dat dit zich bliksemsnel voltrekt en je moet goed opletten, wanneer je dit eenmalige samentrekken en uitstoten niet wil missen. Opvallend genoeg bevat het galsap nauwelijks substantieel ijzer. In de lever, waar het wordt aangemaakt, wordt het ijzer met de mede-activiteit van de milt tegengehouden en in het bijzonder hier opgeslagen. Hier is het ijzer werkzaam als proces, maar heel krachtig, zoals we hebben leren kennen bij de andere metalen. Is deze activiteit verstoord, dan ontstaat gebrek aan eetlust, diarree en andere stoornissen. Kan bijv. het eiwit niet goed afgebroken worden, dan komt er vreemd eiwit in het bloed; de nieren moeten dit uitscheiden en dan hebben we eiwit in de urine. Het ijzer zelf wordt door de dikke darmklieren uitgescheiden en het bindt hier giftige afbraakstoffen uit de stofwisseling.

Maar niet allen onze levenskracht, de acitiviteit van de stofwisseling, maar ook ons bewustzijn is van het ijzer afhankelijk. Zo vinden we het in bepaalde gedeelten van de hersenen waarin, ook al is dat niet vol wakker, de evenwichtspositie van ons lichaam tot bewustzijn komt. Voor iedere vol bewuste activiteit is de werkzaamheid van het ijzer nodig. Tegenwoordigheid van geest, het invallen van een gedachte is het microkosmische spiegelbeeld voor het oplichten van de meteoren. Wanneer de mens in staat is zijn bewustzijn zo te versterken dat hij niet overmand wordt door de stofwisselingsprocessen, kan hij zijn opdrascht als aardeburger vervullen.
Zoals we het ijzer als drager van dit bewustzijn hebben leren kennen, zo kunnen we in de zwavel de representant zien van de stofwisseling. In het harmonsich doordringen van deze beide stoffen heeft de natuur zelf voor ons een kristal gevormd waarvan we aan de vorm en de kleur kunnen aflezen, hoe kosmisch ijzer en aards zwavel zich tot een ‘nieuw goud’ verenigen. Twaalf is het getal van de dierenriemtekens, waaruit de meteoren komen, vijf is het getal van de mens op aarde die met beide benen stevig staat, zijn armen opheft en zijn hoofd rechtop draagt. Twaalf keer deze vijfhoek bij elkaar gebracht doet het pentagondodecaëder ontstaan, dit pyrietkristal met zijn gouden kleur.

Uit wat er over het ijzer gezegd kon worden, is wel duidelijk dat men een kind met de beschreven problemen met ijzer kan helpen. Je moet het ijzer eerst voorzichtig in een plantaardige vorm geven, bijv. de ijzer bevattende brandnetel; later kun je het zuivere metaal toedienen. In de heileuritmie zul je door bewegingen die afgeleid zijn uit de consonanten, in overeenstemming met de leeftijd van het kind, vormend kunnen werken. De E als klinker zal helpen behendiger te worden in de ledematen; een begripsvolle omgeving zal hem moed schenken, helemaal op de aarde aan te komen.

Getuigschriftspreuk voor een langzaam zich ontwikkelend kind:

Erdenschwere will ich überwinden,
froh und frei dem Geiste mich verbinden,
Dann wird wahres Glück auf Erden,
Gleich den Andern, auch mir werden
(Rosa Erlacher)

.

Waltraut Starke, hoogstwaarschijnlijk in ‘Bingenheimerhefte’ rond Michaël 1953

.

Meer over ijzer: Jaarfeesten: Michaël

Meteoorijzer; pyriet, magnetiet enz.

Menskunde en pedagogie: alle artikelen

.

1102

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

.

Advertenties

4 Reacties op “VRIJESCHOOL – Menskunde en pedagogie (17-1)

  1. Pingback: VRIJESCHOOL – Jaarfeesten – Michaël (44) | VRIJESCHOOL

  2. Pingback: VRIJESCHOOL – Menskunde en pedagogie – alle artikelen | VRIJESCHOOL

  3. Pingback: VRIJESCHOOL – Mineralogie – 6e klas (2) | VRIJESCHOOL

  4. Pingback: VRIJESCHOOL – Jaarfeesten – Michaël (13) | VRIJESCHOOL

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s