VRIJESCHOOL – Vrijheid (7-1/6)

.

In de jaren ’75-’76 van de vorige eeuw leefde de idee van de sociale driegeleding in de vrijescholen veel meer dan nu. Met name de vrijheid van inrichting van het vrijeschoolonderwijs kwam door de regeringsplannen steeds meer onder druk te staan. 
De Amsterdams Geert Grooteschool was actief op het gebied van de ‘onderwijsvernieuwing’. Er worden allerlei bijeenkomsten georganiseerd en in de schoolkrant verschenen allerlei artikelen.

Er werd o.a. stil gestaan bij wat ‘vrijheid’ kan betekenen.

Een aantal van deze artikelen over vrijheid – hoewerl ik de reeks niet compleet heb – zal hier volgen.
.

Annet Schukking, Geert Grooteschool Amsterdam, okt.1975
.

vrijheid

In onze schoolbeweging kom je nogal eens het woordje “vrij” tegen; vrije school, vrije opvoedkunst, vrije pedagogische academie, vrije hogeschool enz.
Wat wordt met dat begrip “vrij” nu eigenlijk bedoeld? Ouders vragen hier vaak naar.

Om wat voor soort vrijheid gaat het hier nu eigenlijk?

Het woord ‘vrij’ klinkt ons over het algemeen sympathiek in de oren, het wekt op, houdt een belofte in – de mogelijkheid tot veelvoudige keuze. De kinderen juichen als zij vrij krijgen, ook al vinden ze het helemaal niet naar op school. Maar ook wij, volwassenen, zijn – zij het ook beheerster – blij met vrijheid. Het verlangen naar vrijheid zit ons merkbaar in het bloed.

Toch is het bezit van vrijheid helemaal niet zo vanzelfsprekend, In vele gevallen wordt deze ontkend, geloochend, betwist of ontnomen. Dit kan op allerlei gronden gebeuren.

Misschien is het daarom wel interessant dit veelomvattende en veel omstreden ideaal eens van verschillende kanten te bekijken. Uit die overweging hebben wij het voor dit schooljaar als thema voor het Maandbericht gekozen, wel wetende dat het geen eenvoudig thema is – er zijn dikke en moeilijke boeken over volgeschreven! Maar mogelijk kunnen we – en dat kan dan niet anders dan aforistisch zijn, voor wie er meer van wil weten is er de desbetreffende literatuur- wat bijeen brengen waardoor we iets meer zicht krijgen op onze vrijheidsdrang -en op de waarde daarvan.

In het septembernummer [niet op deze blog] hebben we dit thema al aangelopen vanuit de Nederlandse volksaard en vanuit het beeld van de verloren gegane fysieke bewegingsvrijheid; door de steeds toenemende inperking van onze ruimtelijke vrijheid. Die echter samengaat met een tegenovergestelde tendens – de ontwikkeling en groei van een innerlijk beleefde vrijheid, , .

filosofische uitgangspunten

Er was een tijd dat de filosofie als wetenschap hoog aangeschreven stond. Zij doortrok als het ware alle andere wetenschappen. In onze tijd is aan de filosofie weliswaar nog een plaats ingeruimd op de universiteiten, maar waarschijnlijk is het de kleinst bezette faculteit – het studeren van filosofie wordt bijna als een hobby beschouwd.

Interesseert ons in het algemeen de filosofie als wetenschap niet meer – zij beheerst ons wel. Zonder het zich altijd bewust te zijn, leven velen van ons onder de invloed van een bepaalde filosofie en wel van die van Emanuel Kant.

Hoewel Kant al in de 18e eeuw (in Duitsland) leefde en werkte en er na hem andere belangrijke filosofen geweest zijn, staat het hedendaagse wetenschappelijke denken nog steeds voor de grens, die Kant getrokken heeft. En ook al bespeurt hij dat niet, voor vrijwel iedere al dan niet academisch opgeleide burger geldt, dat zijn individuele denkbeelden in hoge mate mee gevormd worden door datgene wat aan “de” wetenschap als filosofie ten grondslag ligt.

Als een sneeuwkap die van een berg geleidelijk omlaag zakt, langzaam smelt, zich omvormt in water en daarna een heel gebied doordrenkt, zo werkt na lange tijden nog door wat van de toppen der wetenschap is neergedaald.

Er is in 1894 een boek geschreven, getiteld “Filosofie der Freiheit“, waarvan de auteur gezegd heeft dat dit ene werk van zijn gehele oeuvre het langste zijn waarde zou blijven behouden. Je vraagt je dan natuurlijk dadelijk af; waarom? Waarom alleen en juist dit? Het antwoord lijkt te zijn, dat in dit boek geen occulte gegevens verwerkt zijn – het is een strikt wetenschappelijk werk in de zin die aan ‘wetenschap’ wordt toegekend. Het is een voortzetting van de lijn, die begint bij Plato en sluit aan bij hetgeen door de eeuwen door de belangrijkste filosofen is ontwikkeld en met name door Kant als de meest invloedrijke.

Wat is filosofie? In het Nederlandss wijsbegeerte. Een prachtige uitdrukking; begeerte naar wijsheid! Zelfs naar de allerhoogste wijsheid – de wijsheid die in alle verschijnselen verborgen ligt. Deze wijsheid te kunnen omvatten met het eigen denken kan werkelijk een begeerte zijn! .

In “Mijn levensweg” beschrijft Rudolf Steiner hoe hij als middelbaar scholier met de werken van Kant in aanraking kwam. Deze beschrijving geeft een karakteristiek beeld van de persoonlijkheid van (de jonge) Steiner en maakt al de kiem zichtbaar van zijn latere filosofische ontwikkeling. Nadat hij zich al een paar jaar (in de 3e en 4e klas!) had bezig gehouden met het vraagstuk hoe je denkend tot het wezen van de natuurverschijnselen kunt doordringen, zodanig dat er een overeenstemming ontstaat met wat je er innerlijk aan beleeft, kwam hij op een dag langs een boekhandel en zag in de etalage Kants “Kritik der reinen Vernunft” liggen.

Hij kocht het onmiddelijk omdat de titel hem intrigeerde – van Kant wist hij nog totaal niets- hij wilde alleen weten hoe je met je pure menselijke verstand de dingen kon doorgronden. Omdat hij weinig tijd had om te lezen -hij was dagelijks 3 uur onderweg van huis naar school en vice versa en moest ’s avonds nog huiswerk maken- bedacht hij een manier om toch aan zijn trekken te komen. Hij haalde de “Kritik” uit elkaar, legde de losse blaadjes in zijn geschiedenisboek en las ze op school tijdens de les. Kant – zo schijft hij ter verontschuldiging – de geschiedenisleraar deed in die les niets anders dan het boek citeren, dus kon hij dat ook thuis nalezen. De les stelde verder niets voor. Deze filosofische zelfstudie, die Steiner in de vakanties voortzette, had dan ook geen nadelige invloed op zijn rapportcijfer en, zoals hij er nog aan toevoegt: hij hinderde er niemand mee.

Vermakelijk is in dit verband nog een kleine anekdote, eveneens karakteristiek, maar voor een heel andere instelling.
Enkele tientallen jaren later werd Rudolf Steiner, toen reeds een vermaard spreker, uitgenodigd om voor een groep hoogleraren aan de universiteit van Amsterdam een voordracht te houden-. In de discussie die op deze voordracht volgde, werd hij door één van de toehoorders op de vingers getikt met de opmerking: hij moest Kant eerst maar eens bestuderen!

Rudolf Steiner vond bij Kant echter geen antwoord op zijn vraag. Hij heeft later in zijn ‘’Filosofie van de vrijheid” uiteengezet op welk punt de filosofie van Kant is vastgelopen en daaraan een nieuw perspectief voor de verdere ontwikkeling van deze wetenschap toegevoegd.

Wat is nu het kritieke punt in de filosofie van Kant? Heel kort gezegd komt het hierop neer: de mens neemt door zijn zintuigen de wereld om zich heen waar. Deze waarnemingen vormen zich, volgens Kant, in zijn innerlijk tot voorstellingen. Op deze voorstellingen is ons denken over de wereld gebaseerd. In ieder mens leeft een individuele voorstellingswereld. Volgens Kant is er echter niets wat ons garandeert, dat deze voorstellingswereld klopt met de werkelijke wereld, met het eigenlijke wezen van de dingen om ons heen. Onze voorstellingen hebben daarom geen of weinig waarheidsgehalte. Door het denken kunnen wij dan ook geen toegang krijgen tot het wezen van de dingen zelf – het: “Ding-an-sich” blijft verborgen. Wat zich door de waarneming in ons tot voorstelling vormt is een schijnwereld ten opzichte van de eigenlijke achtergronden. Ons eigenlijke kennen staat daardoor voor een grens, die niet overschreden kan worden. Wij moeten erin berusten dat er twee werelden bestaan; degene die wij waarnemen en waarvan wij ons een voorstelling maken en met behulp waarvan wij thesen bouwen, wetenschap ontwikkelen, techniek voortbrengen én degene die de werkelijke wereld is en die wij in wezen niet kunnen kennen. In vakterm: een dualistische wereldbeschouwing.

Wat zijn nu voor de ontwikkeling van de wetenschap en het maatschappelijk leven de consequenties geweest van deze dualistische wereldbeschouwing?

.

Meer artikelen van Annet Schukking over vrijheid in

Sociale driegeleding: alle artikelen onder nr. 7

.
Vrijeschool en vrijheid van onderwijsalle artikelen

.

1890

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

.

 

4

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.