VRIJESCHOOL – Jaarfeesten – Pasen (47)

.

Willem Veltman, Vrije Opvoedkunst nr. 1/2 2013
.

Het kruis

Een Paasbeschouwing

Het kruis is een alledaags teken, maar evenzeer een aanduiding van een onverbiddelijk kwaad, bijvoorbeeld in de uitdrukking ‘je moet je kruis leren dragen’. Het is het teken van de dood, maar ook van het allerheiligste dat goddelijke kracht in zich draagt. Hoe gemakkelijk zetten we, zonder daarbij aan iets zinnigs te denken, een kruisje ergens vóór of achter, zuiver en alleen als merkteken, dus zonder enige eigen inhoud. Het gebaar van ‘zich bekruisen’ kan zich losmaken van de zin waarom je het doet, wanneer het gewoonte wordt.

Zich bekruisen

Ik woonde gedurende de bezettingsjaren enige tijd in een katholiek gezin waar ook, net als ik, kamerbewoners waren gehuisvest. Dat waren leerlingen van een technische opleiding. Wij waren bij de warme maaltijd altijd samen met het echtpaar, de verhuurders. Er werd vóór het eten gebeden en dat gebed eindigde met het kruisteken op hoofd, borst en schouders. Maar het viel mij op – als niet-katholiek en niet biddende – dat mijn medehuurders en disgenoten dit zich bekruisen zonder enige overgang voortzetten in een greep naar het voedsel, bijvoorbeeld naar de schaal met dampende aardappelen, die op tafel stond.

In het buitenland, in rooms-katholieke streken of ook in gebieden waar de Grieks-orthodoxe kerk de heersende godsdienst bepaalt, zag ik vele malen, in de autobussen gezeten, oudere vrouwen ‘een kruisje slaan’ bij het passeren van kleine kapelletjes langs de weg, en ook wel op heel gevaarlijke plaatsen zoals scherpe bochten met eventuele tegenliggers die je niet van tevoren kan zien aankomen.

Ik meen dat dergelijke kapelletjes langs de wegen ook juist daar staan, omdat er op die plek een ongeval met dodelijke afloop indertijd heeft plaatsgevonden.

Op graven staan in christelijke landen kruisen. Als iemands naam op een lijst staat, zet je een kruis achter of voor die naam, wanneer de persoon in kwestie is gestorven.

Zonneteken

Maar het kruisteken heeft niet alleen met de dood te maken. Christus werd vaak afgebeeld in de schilder- en beeldhouwkunst met een cirkelvormige aura rond het hoofd met in die cirkel een kruis, waarvan de elkaar doorkruisende ‘balken’ even lang zijn.

Dat is het zonneteken. Het ‘hakenkruis’, de ‘swastika’, was in oude culturen een zonneteken. Zoals bekend hebben de nazi’s dit heilige teken tot hun brallerig goddeloos symbool gekozen. Bij hen stonden de haken omgekeerd, dat wil zeggen: met de hoek op de kruisarmen zoals in de afbeelding:

Op alle afbeeldingen van de kruisiging van Jezus Christus op Golgotha is het kruis het ongehoord wrede martelwerktuig dat niet alleen bij de veroordeelde ondraaglijke pijn veroorzaakte, doch hem tegelijkertijd aan de menigte toonde als een met volstrekte smaad te kwalificeren misdadiger, de meest diepgaande vernedering dus. Door het Christus-mysterium echter kreeg het kruis een andere betekenis.

Rozenkruis

Er is in de Europese cultuur bij de overgang van de Middeleeuwen naar de nieuwe tijd (14c-17e eeuw) een beweging ontstaan: de Broederschap van het Rozenkruis: een zwart kruis dat op de plaats waar de dwarsbalk de verticale balk doorkruist, een krans van zeven rode rozen draagt. In een van de basiswerken van Rudolf Steiner vind je een belangwekkende passage over het rozenkruis. Dit hoofdwerk heet in het Duits: Die Geheimwissenschaft im Umriss. In de Nederlandse vertaling luidt de titel, op aanwijzing van de schrijver zelf: Wetenschap van de geheimen der ziel. In het vijfde hoofdstuk van dit boek: ‘De kennis omtrent de hogere wereld’ geeft Steiner de uitvoerige beschrijving van een meditatie, welke het gangbare voorstellingsvermogen kan gaan losmaken van de stoffelijk-zintuiglijke wereld. Deze meditatie wordt beschreven als voorbereiding voor het bereiken van een hogere bewustzijnsvorm dan het normale voorstellings-denkvermogen. Deze vorm is een schouwen van geestelijke beelden, imaginaties genoemd, welke niet fictief zijn, doch een openbaring van bovenzinnelijke werkelijkheden.

Plant en mens

Daarbij ga je uit van de gewone, alledaagse waarneming, bijvoorbeeld van een plant, je bedenkt dat de wortels in de grond gegroeid zijn. Aan de oprijzende stengel vormen zich bladeren, en aan de top verschijnt een bloem met stamper, meeldraden en vruchtbeginsel, met kleur en geur. Nu kun je dit voorstellingbeeld meenemen en in je geheugen oproepen. Plaats je daarnaast een mens, maak dan de overweging dat de plant in vergelijking met de mens minder ‘begaafd’ is. Zij kan bijvoorbeeld niet van plaats veranderen; ook allerlei andere mogelijkheden die een mens bezit, heeft zij niet. Doch de plant vertoont daarentegen eigenschappen niet, die de mens wel bezit, door welk feit zij in zeker opzicht toch volkomener is dan de mens. Deze eigenschappen zijn kort gezegd, de egoïstische begeerten, driften, hartstochten.

Nu stel je je voor dat het opstijgende groene sap in de plant een beeld is van een reine, begeerteloze stroom, welke in de reine, wondermooie bloemvorm zijn voleinding vindt. Daarnaast de mens met in zijn lichaam het rode bloed als beeld van de krachten van de zelfzucht, die hem doorstroomt en degradeert, hem zijn goddelijke afkomst doet vergeten en hem weghoudt van de geestelijke werkelijkheid.

loutering

Hier volgt de letterlijke vertaling van Steiners tekst: alles laat ik als een levendige gedachte in mijn ziel ontstaan. Dan stel ik mij voor hoe de mens in staat is zich te ontwikkelen, hoe hij zijn driften en hartstochten door zijn hogere ziele-eigenschappen kan louteren en reinigen. Ik stel mij voor hoe daardoor een lager iets in deze driften en hartstochten teniet wordt gedaan en deze worden herboren op een hoger plan. Dan mag het bloed worden voorgesteld als de uitdrukking van de gereinigde en gelouterde driften en hartstochten. Nu kijk ik naar een roos en zeg in mijzelf: in het rode rozensap zie ik de kleur van het groene plantensap veranderd in het rood en de rode roos volgt evenals het groene blad de zuivere wetten van de groei, die vrij zijn van hartstochten. Het rozenrood laat ik nu in mij worden het zinnebeeld van een zodanig bloed dat de uitdrukking is van de gelouterde driften en hartstochten welke het onzuivere, lage element hebben overwonnen en die nu in hun zuiverheid gelijk zijn aan de krachten welke in de rode roos werkzaam zijn.

Nu probeer ik zulke gedachten niet alleen met mijn verstand te ontwikkelen, maar ze in de gevoelssfeer tot leven te laten komen. Ik kan een bijzonder vreugdevol gevoel hebben, als ik me de zuiverheid en het ontbreken van alle hartstochten in de groeiende plant voorstel; en dan kan ik het gevoel in mij oproepen dat bepaalde hogere kwaliteiten alleen verkregen worden door een prijs te betalen in de vorm van behept zijn met driften en begeerten. Dat kan het vreugdevolle gevoel doen veranderen in een ernstig bezinnen. En dan kan in mij een geluksgevoel optreden van bevrijding, wanneer ik tot mij door laat dringen, dat het rode bloed van de mens de drager kan worden van innerlijke onbezoedelde ervaringen, zoals het rode sap van de roos. Het komt erop aan dat je niet gevoelloos met de gedachten bezig bent, welke gebruikt moeten worden voor de opbouw van een zinnebeeldige voorstelling. Na doende te zijn geweest met de gedachten en gevoelens welke hiervóór zijn beschreven, moet je ze in jezelf tot de volgende zinnebeeldige voorstelling vormen: Je stelt je een zwart kruis voor. Dit moge het zinnebeeld zijn van het overwonnen lagere aspect van de driften en hartstochten; en op de plaats waar de balken van het kruis elkaar doorsnijden, stel je je zeven rode, stralende rozen voor in een kring gerangschikt.”
Tot zover de letterlijke tekst van Rudolf Steiner.

Nieuw bewustiijn

Over de bovengenoemde beweging van de oorspronkelijke Rozenkruisers met hun stichter, de grote christelijke ingewijde Christian Rozenkreutz zou veel te vertellen zijn. Het is heel duidelijk dat Rudolf Steiner met zijn moderne wetenschap van de geest direct aanknoopt bij de impuls van Christian Rozenkreutz en in zijn omvangrijk basisgeschrift over de ontwikkeling van de mensheid is het zinnebeeld van het zwarte kruis met de zeven rode rozen te beschouwen als de sleutel-meditatie welke de poort opent naar een nieuw te ontwikkelen beeldbewustzijn, het imaginatieve bewustzijn waardoor ook een vernieuwing in het christendom mogelijk wordt. In het bijzonder moeten we onze aandacht richten op het Paas-gebeuren.

Pasen in Nederland

In Nederland is het paasfeest nauwelijks als een christelijk feest te beschouwen, als je tenminste geen lid van een kerk bent of elk jaar als ‘belangstellende’ een nachtdienst ter inleiding van de paaszondag bijwoont. Het eieren zoeken, die de paashaas voor de kinderen heeft verstopt, is natuurlijk heel feestelijk en dierbaar, maar het eigenlijke paasmysterie wordt daarmee niet in het bewustzijn geroepen. Het vóór-Pasen, het Lijden en Sterven, beleeft het Nederlandse volk sterk aan de ‘Passion’ welke door Johann Sebastiaan Bach op de allerindrukwekkendste wijze is verklankt.

Pasen in Griekenland

In Oost-Europa is dat anders.
In Griekenland verenigen zich rond het middernachtelijk uur aan de vooravond van de paaszondag alle mensen en kinderen in de kerk, of vlak daarbuiten als de kerk al vol is. Alle aanwezigen hebben een kaars in de hand, die na het plechtige moment van de Verkondiging van de Opstanding uit de Dood wordt aangestoken aan de altaarkaars.
Het vuur met het zacht-gouden licht wordt doorgegeven aan allen die bij dit gebeuren aanwezig zijn. En men kust elkander en men zegt: ‘Christos anesti’, ‘Christus is opgestaan’ en je medemens antwoordt: ‘Ja, Hij is waarlijk opgestaan’.

Daarna begeeft zich de menigte met de brandende kaarsen in de handen te voet terug naar hun woningen. Boven de voordeur wordt met het roet van de kaars een kruis getekend. Men gaat naar binnen en nuttigt gezamenlijk het vreugdevolle paasmaal.

Het Kruis

Ik wil nu hier niet een uitvoerige geesteswetenschappelijke beschouwing geven over het Opstandingsgeheim, maar nog iets vertellen over het Kruis.

In de vier evangeliën van het Nieuwe Testament wordt er na het gebeuren op Golgotha en bij de daarop volgende belevenissen van de discipelen geen woord gerept over het Kruis, maar in latere tijden is daaromtrent een boeiende legende overgeleverd.
Je kunt in de zogenoemde Legenda Aurea, de Gouden Legende van de Franse schrijver Jacques de Voragine (13e eeuw) twee vertellingen daarover vinden, behorende bij de dagen 3 mei: ‘Het vinden van het Heilige Kruis’ en 14 september ‘De Verheerlijking van het Heilige Kruis’.

Het is van groot belang de gebeurtenissen in Palestina aan het begin van onze christelijke jaartelling in direct verband te zien met het begin van het Oude Testament: de geschiedenis van Adams Val en de daarmee verbonden profetie. Want ‘Golgotha’ is het kosmisch-goddelijke ‘antwoord’ op wat daar is beschreven. Je zou het kunnen noemen ‘zonde’ en ‘ontzondiging’. Het woord ‘zonde’ heeft geen etymologische samenhang met (af)-zonderen, maar het gaat wel degelijk om een afzondering, een zich losmaken en een wederverbinding (re-ligio) van de mens met zijn goddelijke oorsprong. Het openbaart en verbergt tegelijkertijd het geweldige geheim van ‘vrijheid’. Het beeld van het ‘Kruis’ heeft zijn oorsprong in de Boom in het Paradijs, Boom van de Kennis van Goed en Kwaad en tegelijk Boom van het Leven.

legende van het Kruis

Ik vertel hier de Kruislegende in hoofdlijnen.

Seth, de zoon van Adam, ontvangt van een engel een tak van de Paradijsboom met de opdracht deze loot te planten. Als hij terugkeert van zijn tocht naar het Aardse Paradijs, is Adam gestorven en de loot wordt op Adams graf geplant.[1] Er groeit een prachtige boom uit deze loot tot de tijd van Salomo. Deze vorst bewondert de boom en laat hem kappen met het bevel het hout van de stam te gebruiken in de in aanbouw zijnde Tempel. Het lukt echter niet voor deze houten stam een plaats in het tempelgebouw te vinden, want hij was te lang, of te kort. Hij wordt als brug over een waterplas gelegd. Als de koningin van Saba, die Salomo bezoekt vanwege de roep van zijn wijsheid, op het punt staat deze ‘brug’ te betreden, schouwt zij in de geest de Wereldverlosser die aan dit hout zal hangen. Zij wil daar niet overheen lopen, maar vereert deze boomstam. Als zij Salomo in zijn paleis bezoekt, zegt zij hem dat degene die aan dit hout zal worden gehangen, door zijn dood de ondergang van het Joodse rijk zal bewerkstelligen. Daarop laat Salomo de boomstam wegnemen en hij beveelt dat deze diep in het ingewand van de aarde moet worden begraven.
In latere tijd wordt precies op die plaats in Jeruzalem de bron Bethesda gegraven, waar genezend water opwelt, wanneer een engel daarop neerdaalt en het water van de bron in woelige beweging brengt (Joh. 5). De legende zegt echter, dat dit ook geschiedt, omdat de boomstam de wonderbaarlijke geneeskracht van het water teweegbrengt.
Wanneer het moment van Jezus’ terechtstelling nabij is, komt de Paradijsstam omhoog en drijft in het bronwater van Bethesda. De Joden vangen dit drijvende hout op en fabriceren daaruit het kruis dat Jezus naar de terechtstellingsplaats Golgotha moet dragen, waar hij met spijkers aan het hout wordt genageld.

De hervinding van het Kruis

Dan wordt verteld dat eeuwen later – begin 4e eeuw -dit Kruis wordt teruggevonden door de moeder van de Romeinse keizer Constantijn, aan wie het Kruis was verschenen in een droom vlak voor de slag tegen de troepen van zijn rivaal Maxentius. In het droomgezicht verschijnen nevens dit Kruis de woorden: ‘In dit teken zul je overwinnen’. Constantijn neemt dit aan, en tooit zichzelf en de veldtekenen van zijn soldaten, evenals hun schilden en helmen met het Kruisteken. De slag om de macht in het gehele Romeinse rijk wordt door Constantijn gewonnen. Maxentius verdrinkt in de Tiber, bij welke rivier het treffen der beide legers heeft plaatsgevonden.
Constantijns moeder Helena, die na dit wonder een uiterst vrome en actieve christin is geworden, begeeft zich naar Jeruzalem en zij slaagt erin het Kruis van Jezus Christus te vinden. De Drie kruisen worden opgegraven, maar twee daarvan zijn van de beide misdadigers die tegelijk met Jezus werden terechtgesteld. De Drie kruisen worden als het ware getest: wanneer een gestorvene door één van de drie weer tot het leven wordt opgewekt, is het duidelijk dat dit het Christus-Kruis moet zijn.

Het verhaal van de jaardag 12 september bevat geen interessante gegevens zoals dat van 3 mei, alleen bevestigt het de goddelijke kracht die het hout door de Kruisiging van de Verlosser nog in versterkte mate heeft gekregen. Het heilige Hout geraakte ook in handen van niet-christe-nen, maar werd door de Oost-Romeinse keizer Heraklius in het jaar 629 naar Jeruzalem teruggebracht, waar het in de kerk van het Heilige Graf (in de zogenoemde Helena-kapel) zijn plaats heeft ingenomen. Hoe het echter verloren ging, is niet overgeleverd.

Kerk in Arezzo

Waar bevinden zich afbeeldingen, illustraties van deze Heilige Kruislegende, die heden nog te bezichtigen zijn?

In de Italiaanse stad Arezzo staat een grote Franciscaner Kerk met in het koorgedeelte bijzonder mooie fresco’s van Piero della Francesca (15e eeuw), welke scènes uit de Kruislegende in beeld brengen.

Pasen

Wat is dan het werkelijke mysterie van Pasen, dat in de verering van het kruis zijn uitdrukking vindt? Wat betekenen de hierboven geschreven woorden ‘afzondering’, ‘wederverbinding’? Waarom is het zo moeilijk voor de moderne, materialistische mens te begrijpen en te aanvaarden dat de Kruisiging van Jezus Christus op de Golgothaheuvel, de ‘verlossing’ van het mensengeslacht bewerkstelligt? Wat betekent het, dat Hij de zondenlast van de mensheid door zijn offerdood op zich neemt?

Is reïncarnatie niet voldoende? De Kerk verwerpt deze, omdat de wederbelichaming een zelfverlossing zou betekenen: door de gevolgen van je vorige leven waarin je fouten hebt gemaakt, te ondergaan, wis je toch deze fouten uit? Er komen nieuwe en andere fouten, maar je hebt vele, vele levens op aarde ter beschikking om je eigen zondenlast kwijt te raken, meen je. Je hebt daar geen ‘verlosser’ met zijn kerkelijke organisatie voor nodig, meen je.
Als je echter de reïncarnatiegedachte afwijst en de kerkelijke bemiddeling of de directe verbinding met een ‘verlosser’ eveneens afwijst, hoe staat het er dan voor?
Is er leven na de dood, of ga je gewoon zonder toekomst helemaal verdwijnen?Ja, dan hoef je ook geen Pasen te vieren.

Uit de moderne geesteswetenschap enkele inzichten

In het evangelieverhaal van de overspelige vrouw (Joh. 8,2-11) staat dat Jezus op de vraag van Farizeeërs en schriftgeleerden of deze vrouw nu niet volgens de Wet van Mozes moet worden gestenigd, in de aarde schrijft.
Ze begrijpen dit teken niet. Hij wijst op karma: in een volgend leven op aarde zal de individualiteit van deze vrouw de gevolgen van haar ‘zonde’ op zich moeten nemen.
Christus zegt tegen de beschuldigers: “Wie van u zonder zonden is, werpe de eerste steen op haar.” Niemand waagt dat; ze druipen af.

Dan zegt Hij tegen de vrouw: “Ik beschuldig u niet, ga heen en zondig niet meer.” Hij doet een beroep op haar vrijheid: je hoéft niet te zondigen!

Doch elke negativiteit, in daad, gevoel of oordeel is een objectieve beschadiging van het wereldgeheel [2] Dat kan de mens zelf niet ‘goedmaken’. Dat deel neemt Hij op zich, de onmetelijke last van ‘objectieve’ mensheidsschuld die hersteld moet worden in objectieve zin. Alleen het Schepperwezen zelf, de Zoon Gods, het Wereldwoord, Logos, is daartoe in staat en is bereid dit als een onvoorstelbaar machtig lijden op zich te nemen. Wanneer wij bedenken, hoezeer de mensheid beheerst wordt door geweld, leugen en bedrog, en dus ook door dat deel van haar schuld dat de individuele mens, noch enige groepering van mensen, kan ‘goedmaken’, dan wordt het paasfeest wel iets anders dan alleen twee ‘vrije dagen’ en beschilderde eitjes.

Laten wij westerlingen in de eerste plaats in de leer gaan bij onze Oost-Europese buren en dan proberen het feest van de ontzondiging met eerbied, dankbaarheid, met liefde en de grootste aandacht te vieren en met het ‘van goede wille zijn’ trachten iets van de donkere stroom in onszelf te ontzondigen, zuiver en edel te maken als het rozerood..

1 Het graf van Adam is de plaats Golgotha, de Schedelplaats, het eigenlijke middelpunt van de wereld.
2 Zie Rudolf Steiner: ‘Christus und die menschliche Seele’ GA 155

Willem Veltman

Gepubliceerd met toestemming van VOK.

.

Palmpasen en Pasenalle artikelen
.
VRIJESCHOOL in beeldPalmpasen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.