VRIJESCHOOL – Sociale driegeleding (5-3/3)

.

SOCIALE EN INDIVIDUELE BEWUSTWORDING

KOOPGEDRAG KAN ECONOMISCHE ORDE FUNDAMENTEEL VERANDEREN

De beide vorige artikelen hielden zich bezig met de vraag hoe de maatschappelijke verschijnselen buiten ons samenhangen met psychische processen binnen ons. We hebben getracht aan de hand van een aantal voorbeelden na te gaan of we de kwaliteit van een verschijnsel buiten ons in ons zelf kunnen herkennen. We hielden ons bezig met de ophouw van de Bijlmermeer, met het boulevardblad BILD, met het martelfenomeen en het machtsversehijnsel. Wc konden de desbetreffende kwaliteiten in ons zelf herkennen en daaruit ontstond het vermoeden dat we wezenlijk iets bijdragen aan de problematiek buiten ons, wanneer we deze kwaliteiten in ons zelf omvormen.

We zullen in de volgende artikelen, aan de hand van de verschijnselen inflatie en afbetaling, assurantie en belegging, fiscus en oorlogsindustrie oefenend verdergaan in het leren lezen van tijdsverschijnselen in termen van menselijke (on)vermogens en gedragingen.

Inflatie en afbetaling
Het verschijnsel inflatie is uiterst actueel. Simpel gezegd komt het erop neer dat er meer geld dan goederen in omloop is. De totale waarde van het circulerende geld is groter dan van het aangeboden goederenpakket. Vanuit deze geldmassa komt dus meer vraag naar goederen dan er feitelijk aanwezig is. Wanneer de vraag het aanbod overheerst, gaan in het kader van onze markteconomie de prijzen omhoog of wat hetzelfde is, wordt het geld minder waard.
Dit heeft een hele ketting van gevolgen. Een effectief middel om de prijzen toch nog te drukken en daarmee een redelijke omzet te bereiken, is serievergroting en besparing op dure arbeidskrachten (met het oplopen van de prijzen zijn immers de lonen ook omhoog gegaan). Beide maatregelen leiden in de richting van mechanisatie. Deze noodzaakt tot diepte-investeringen, welke weer aanleiding geven tot omzetvergrotingen teneinde tot een redelijke afschrijving te komen. Bovendien dreigt mechanisatie het aantal arbeidsplaatsen te beperken zodat er miljardeninjecties nodig zijn om weer arbeidsplaatsen te scheppen. Al die groeiende industrieën, die hun omzet vergroten en via méér produktie hogere investeringen afschrijven, zijn tenslotte aangewezen op kopende consumenten. Hun koopdrift moet via indoctrinerende en verleidende reclame tot alle denkbare hoogtes worden opgezweept. In de zestigcr jaren voorspelde reeds de Oostenrijkse socioloog Bednarik dat wij Genesis I moeten herschrijven: niet ‘gij zult produceren in het zweet uws aanschijns’, maar ‘gij zult consumeren in het zweet uws aanschijns.’

Consumentenbegeerte
Het huidige economische bestel kan daarmee voor ons oprijzen in het beeld van een langzaam doldraaiende machine, lopend op de brandstof van de consumentenbegeerte en de kopersdrift.
Natuurlijk vinden we dat een naar beeld. We wijzen het af en plaatsen ons zelf er maar al te graag buiten. Laten we het zoeklicht echter toch eens naar binnen richten, naar ons eigen koopgedrag, onze eigen consumentenattitude.

Uit een recente publicatic blijkt dat een kwart van alle Nederlandse gezinnen consumentenkrediet heeft (variërend van enige honderden tot vele tienduizenden guldens). Dit keurige woord consumentenkrediet staat voor ‘kopen op afbetaling’.
Wat doet u eigenlijk als u op afbetaling koopt? Als u een ondernemer bent is er eventueel geen probleem. U neemt krediet op voor de aankoop van een machine. Terwijl de machine gebruikt wordt –  in waarde afneemt worden er waarden geschapen (de producten die van deze machine komen). In de verkoopssprijs van deze producten zit een stukje ‘afbetaling’… Idealiter is het zo dat wanneer de machine op is, er zo veel producten op geproduceerd zijn dat uit de totale ‘afbetalingsopslag’ die in de prijs van al die producten zit het krediet (plus rente) terugbetaald is. Als u als ondernemer via overleg met de consumenten redelijk verzekerd bent van de afzet van deze producten gedurende de afbetalingsperiode van het krediet, zult u zichzelf als ondernemer niet onder druk zetten door het aangaan van dit krediet, van deze afbetalingsverplichting. Als deze afzet echter niet verzekerd is (anonieme markt) gaat ervan het productiemiddel een enorme druk uit. Er moet geproduceerd worden en er moet dus geconsumeerd worden, want elke maand vervalt er bij de bank een kredietterugbetalingstermijn…

Een extreem voorbeeld van de druk die eruit gaat van een door de consumenten niet gevraagde investering is het supersonische vliegtuig de Concorde!

Kringloop
Terug naar de consument die een gebruiksgoed op afbetaling koopt en daarvoor een consumentenkrediet opneemt. Wat doet hij eigenlijk?

Economiseh gezien draagt hij bij aan de inflatie. Ilij koopt immers iets voor geld dat hij niet heeft, maar dat hij in de toekomst hoopt te verdienen. Dat geld waarmee hij iets koopt moet dus in feite gemaakt worden. Tegenover deze geldschepping staan geen (toekomstige) goederen (zoals bij de producerende fabrikant). In feite draagt de op afbetaling kopende consument dus bij aan de geldontwaarding. En wanneer men hem hoort zeggen “je kunt aan de inflatie verdienen, steek je in de schulden, die worden alleen maar minder’ dan is de kringloop fraai gesloten. Economiseh gezien draagt dus iedereen die op afbetaling koopt bij aan de inflatie!

Wat betekent dit koopgedrag echter psychologisch? Kort geformuleerd betekent het afbetalingssysteem een door de kredietverleners institutionaliseren van de begeerte-economie, van het bevredigen van opwellende koopdriften. De banken adverteren daar ook eerlijk mee. ‘U hebt ineens behoefte aan een dure vakantiereis, u kunt plotseling een prachtige antieke klok kopen, uw vrouw heeft onverwacht een tweede wagen nodig etcetera’. Geen probleem. U gaat naar de bank en de volgende dag gaat u met vakantie, hébt u de klok, rijdt uw vrouw in het tweede wagentje.

En dan? Dan komen de afbetalingstermijnen. Maandenlang, jarenlang. U hebt uzelf in een uiterst onvrije situatie gemanipuleerd. Hoe zal in die tijd uw relatie worden tot de ‘begeerde’ artikelen. Gaat u de klok haten, gaat u het tweede wagentje verwensen, worden de herinneringen aan de dure vakantie vertroebeld… In ieder geval zit u krap. Uw inkomen zou nodig wat omhoog moeten. Zou uw vakbond bij de volgende onderhandeling daar niets aan kunnen doen? En daarmee is dan de complementaire bijdrage aan de inflatie gegeven!

Een ander psychologisch effect is dat de consument in zijn koopgedrag steeds meer producentenargumenten binnensmokkelt en zich daarmee geleidelijk als consument buiten spel zet. Hij beschouwt dan alle kredieten als investeringen waarop hij, via waardescheppingen, kan afschrijven. Het duurdere vakantiereisje kan hij terugverdienen door er artikelen over te schrijven à raison van zoveel gulden per bladzijde; het tweede wagentje maakt het mogelijk dat zijn vrouw werkt en geld binnen brengt. En de antieke klok? Natuurlijk zijn er grensgevallen waar consumptie-artikelen productiemiddelkarakter krijgen. Maar men kan zichzelf daar snel mee om de tuin leiden en komt dan toch onder druk te staan (de artikelen over de vakantie moeten geschreven worden en o wee als ze niet geplaatst worden; en wat te doen als mijn vrouw dat baantje niet vindt of kwijt raakt en ze toch al aan het tweede wagentje gewend is…)

Sparen
We willen, om de hier beschreven psychologische effecten nog duidelijker te schetsen, naast de afbetaler zijn tegenbeeld plaatsen: de langzamerhand als ouderwets bestempelde – spaarders… Ze leggen elke maand wat opzij omdat ze over twee jaar wel eens een duurdere vakantie willen houden, of om een potje te vormen waaruit ze af en toe wat antiek willen kopen of omdat ze aan zien komen dat een tweede wagentje toch wel praktisch is.

Economisch betekent dit dat men spaarkapitaal produceert wat door anderen als ondernemerskrediet gebruikt kan worden. En een modern spaarder zal niet alleen maar geïnteresseerd zijn in hoge rente, maar zal zich primair verantwoordelijk willen voelen voor hetgeen er met zijn geld gebeurt of anders gezegd: wat hij met zijn geld mogelijk maakt. Hij zal eventueel zelfs zijn rente-eisen matigen als hij ontdekt dat daardoor zijn geld niet naar Lockheed of ICI wordt gezogen, maar beschikbaar komt voor een fabriekje voor pedagogisch speelgoed, een onderneming die kleurstoffen produceert op plantaardige basis, of een biologisch-dynamische kaasmakerij op Terschelling…

Associaties
Bovendien zal hij in een aantal gevallen de producent op de hoogte kunnen brengen van zijn voorgenomen koop, van de behoefte die hij in de toekomst denkt te bevredigen. Hij draagt daarmee bij aan een wezenlijke nieuwe economische orde: associaties tussen producent en consument in plaats van het produceren voor een anonieme markt (Westen) of het door de staat geplande productiesysteem (Oosten).

Ten slotte is er nog een laatste belangrijke psychologische dimensie: gedurende de periode dat men spaart kan de begeerte tot wil worden. Men heeft alle tijd om rustig te overwegen of men werkelijk een tweede wagentje wil. Men kan zich bij vrienden oriënteren naar de consequenties. Wil men die ook? Men kan toegroeien naar die dure Afrikareis. Men kan zich erop verheugen, de reis voorbereiden. Misschien ontdekt men tijdens het sparen ook dat het alleen maar een begeerte was en dat men ’t eigenlijk niet werkelijk wil. .
En als het geld tenslotte wordt uitgegeven dan is het voorwerp ook werkelijk van mij. Ik heb voldoende getoetst of ik ’t echt wil. Ik kan er nu nog vrij over beschikken. Geen dwangtermijnen na afloop, hoogstens vrijwillig voortzetten van de spaargewoonte. Geen gedwongen artikelenschrijverij om het vakantiegeld terug te verdienen, hoogstens een vrije productie die niet onder druk gemaakt aan tijdschriften aangeboden wordt.

Samenvatting
Ik kom tot een samenvatting: we beschrijven dit alles in het kader van een artikelenserie: ‘sociale en individuele bewustwording’. We proberen in deze serie duidelijk te maken hoe maatschappelijke verschijnselen samenhangen met individueel gedrag. We zien buiten ons een economisch leven dat meer en meer het karakter krijgt van een door inflatie doldraaiende machine, lopend op de brandstof van de koopbegeerte. We hebben laten zien dat kopen op afbetaling (een kwart* van alle Nederlandse gezinnen heeft consumentenkrediet) in wezen inflatiebevorderend is en het kopen uit opwellende begeerte mogelijk maakt. Ik geloof dat consumenten geen flauw vermoeden hebben hoe zij door een fundamentele wijziging in hun individuele koopgedrag kunnen bijdragen aan een even fundamentele verandering in de economische orde!
.

A.H.Bos, Jonas 16,* 09-04-1976
.

deel 1    deel 2    deel 4     (5, 6 en 7 nog niet oproepbaar)

Sociale driegeledingalle artikelen

.

1414

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s