VRIJESCHOOL – Rudolf Steiner over kinderbespreking (2)

In ‘Rudolf Steiner over kinderbespreking (1) zette ik een aantal uitspraken bij elkaar waarin Steiner nadrukkelijk spreekt over het kind als ‘een raadsel’ dat de pedagoog, in inzonderheid de vrijeschoolleraar, moet oplossen.

Je staat tegenover een ‘kunstwerk’ waarover je iets zinnigs wil zeggen. Je staat tegenover een kind, een volstrekt uniek wezen. En van hem of haar zou je dan het wezenlijke moeten kunnen zeggen.

Dit is zonder twijfel de moeilijkste taak van het vrijeschoolleraarschap. 

Wanneer we boven een nest jonge katjes staan, zal niemand zich afvragen wat ze worden. Het worden grote poezen en daarna oude katten.

Wie boven een wieg staat gebogen met daarin een pas geboren mensenkind, kan zich de vraag wel stellen. ‘Wat zal er uit jou worden’. (Als taalexpressie heel mooi: ‘uit jou’, dat impliceert dat er ook iets  ‘in jou’ verborgen is – aanleg moet zijn aangelegd.) Het antwoord: groot en oud, zoals bij poes,  gaat hier niet op. Dat interesseert ons niet bij de gestelde vraag – dit is vanzelfsprekend. Het gaat ons om het unieke dat zich tijdens dit groter en ouder worden zal manifesteren.

Om de levensloop. Om de biografie.

Voor Rudolf Steiner begint de levensloop niet met de geboorte, d.w.z. wel de levensloop op aarde, maar deze gezien als een zichtbaar worden van een levensloop die zich deels ook afspeelt in een geestelijke wereld – de fase vóór de geboorte en na de dood.

Hij noemt geboren worden op aarde, een sterven voor de geestelijke wereld en een sterven op aarde, een geboren worden in de geestelijke wereld.

Hij beschrijft hoe de ongeboren of gestorven ziel in de niet-aardse wereld ook een ontwikkeling doormaakt, waaraan geestelijke wezens  ‘meewerken’, tot de ziel weer rijp is op aarde zich te verbinden met een lichaam, d.w.z. geboren wordt.

Vanuit dit perspectief houdt Steiner de opvoeder wel eens voor dat deze eigenlijk het werk van de ‘goden’ op aarde voortzet wanneer hij het kind verder grootbrengt.

In bevlogen woorden noemt hij dit soms ‘een heilíg werk’, een soort ‘godsdienst’. 

En hoewel van dit gevoel niet veel zichtbaar is wanneer je in een oefenuur het gelijknamig maken van breuken nog eens goed moet repeteren, geven deze gezichtspunten in de diepere lagen van de ziel een bepaalde stemming, toch een soort schroom in de benadering van het kind als het erom gaat zijn wezen te doorgronden.

Wenn wir uns bloß sagen: wir wollen das heranerziehen, was in der Zukunft da sein soll – dann nehmen wir keine Rücksicht darauf, daß die Menschenwesenheit so beschaffen ist, daß jedes Kind rätselhaft von Tag zu Tag, von Woche zu Woche, von Jahr zu Jahr durch das Gewebe des Leibes das offenbart, was sich entwickelt hat im vor­geburtlichen, beziehungsweise vor der Empfängnis liegenden Le­ben.
Aber nimmt man das nicht dazu, betrachtet man den Menschen so, wie es die heutige Anthropologie tut, nur in seinen Äußerungen zwischen Geburt und Tod, so hat man es nicht mit dem vollständigen Menschen zu tun, sondern nur mit einem Stück des Menschen, und dieses Stück des Menschen kann man aus dem Grunde nicht erziehen, weil man sich hinstellt vor das werdende Kind und etwas erziehen will, wovon man nichts weiß.
Es wollen die Eigenschaften heraus, die sich entwickeln wollen nach Maßgabe dessen, was vorgeburtlich ist; aber man nimmt keine Rücksicht darauf. Man löst nicht das Rätsel des Kindes, weil man keine Ahnung hat, was in dem Kinde drinnen steckt aus dem Leben vor der Geburt, und man löst das Rätsel des Kindes auch nicht nach der anderen Seite, weil man nicht weiß, was Werdeprinzip ist, was sich erst entwickelt, wenn es durch den Tod gegangen ist.

Wanneer we alleen maar zeggen: wij willen alleen aanbrengen wat nodig is voor de toekomst, dan houden wij er geen rekening mee dat het met het wezen mens zo is, dat ieder kind als een raadsel dag na dag, week na week, jaar na jaar  lichamelijk tot uitdrukking brengt, wat zich ontwikkeld heeft in het leven voor de geboorte, in zekere zin voor de conceptie.
Maar betrek je dat er niet bij, bekijk je de mens zoals de tegenwoordige antropologie dat doet, alleen de uitingen tussen geboorte en dood, dan heb je niet de volledige mens voor je, maar slechts een deel en dit deel kun je in de grond der zaak niet opvoeden, omdat je je voor het wordende kind plaatst en iets wil opvoeden waarvan je niets weet.
Eigenschappen gaan zich manifesteren die zich willen ontwikkelen naar hun voorgeboortelijke aanleg; maar men houdt er geen rekening mee. Men lost het raadsel kind niet op, omdat men geen rekening houdt met wat er in het kind aanwezig is uit het leven voor de geboorte en men lost het raadsel kind ook niet op naar de andere kant, omdat men niet weet wat wording betekent, niet weet wat pas tot ontwikkeling komt wanneer men door de dood is gegaan. [1]

Der Erzieher, welcher im Sinne der Geisteswissenschaft sich Menschenkenntnis erwirbt, er blickt, indem er den werdenden Menschen vor sich hat, auf dasjenige hin, was aus dem Geiste her­aus diesen werdenden Menschen bildet. Er kommt mit seinen Bil­dungsmitteln diesem werdenden Menschen entgegen. Der im Sinne der Geisteswissenschaft wirkende Pädagoge hat nicht eine Pädago­gik im Auge, die, wie es heute normal ist, nach abstrakten Regeln einen Zögling heranbilden soll; für ihn ist der einzelne Zögling ein Rätsel. Für ihn ist dasjenige, was im einzelnen Zögling sich auslebt, etwas, das mit jedem Tag, mit jeder Stunde lebendig gelöst werden muß. Aber indem sich der Erzieher die Anschauung dieses leben­dig wirkenden Geistes im lebendig sich entwickelnden Menschen aneignet, nimmt er in sich eine Wirklichkeits-Erkenntnis auf, die nicht in Begriffen, nicht in abstrakten Gewohnheiten bleibt, sondern die seinen Willen mit Geistigkeit durchdringt. Er wird wirklich eine Erkenntniskraft entwickeln können, er wird ein Erkenntnisweiser, und er wird daraus eine Pädagogik entwickeln, die unmittelbar Leben ist, weil sie aus Menschenkenntnis, aus der Erkenntnis des vollen, ganzen Menschen hervorgeht.

De opvoeder die op de manier van de geesteswetenschap kennis over de mens heeft ontwikkeld, kijkt, wanneer hij de wordende mens voor zich heeft staan naar hetgeen vanuit de geest deze  wordende mens vormt. Hij komt met zijn ontwikkelingsmogelijkheden deze wordende mens tegemoet. De pedagoog die op basis van de geesteswetenschap werkt, heeft geen pedagogie op het oog die, zoals tegenwoordig gangbaar is, volgens abstracte regels een kind moet ontwikkelen; voor hem is het individuele kind een raadsel. Voor hem is hetgeen in het individuele kind zich manifesteert, iets dat iedere dag, ieder uur op een levendige manier opgelost moet worden.
Wanneer de leerkracht zich het waarnemen van de actief werkende geest in de zich actief ontwikkelende mens eigen maakt, neemt hij een realiteit van de werkelijkheid in zich op die niet in begrippen, niet in abstractie gewoontes blijft hangen, maar die zijn wil met geestkracht doordringt. Hij zal dit vermogen van kennen werkelijk kunnen ontwikkelen; hij wordt een professional in het kennen en hij zal een pedagogie ontwikkelen die regelrecht leven is, omdat deze uit mensenkennis, uit het kennen van de totale mens komt. [2]

Diejenigen aber, die an der Stutt­garter Waldorfschule Lehrer sind, die empfinden es, wie das, was im menschlichen physischen Organismus sich als Seelisch-Geistiges durch Blick, durch Physiognomie, durch das Wort, durch alles Mögliche offenbart, sich des Körpers bedient – der durchaus bei dieser Erziehung nicht vernachlässigt wird -, wie das herunterge­stiegen ist aus göttlich-geistigen Höhen und sich mit dem vereinigt hat, was ihm von Vater und Mutter in der Vererbungsströmung durch die Empfängnis beziehungsweise durch die Geburt geworden ist. Wer mit der Empfindung an das Kind herantritt: Es ist aus der geistigen Welt zu dir dieses Kind heruntergestiegen, du sollst sein Rätsel lösen von Tag zu Tag, von Stunde zu Stunde, – der hat in seinem Gemüte diejenige liebevolle Hingabe an die Entwicklung des Kindes, die notwendig ist, um dieses Kind durch alle möglichen Imponderabilien auf den Lebensweg zu geleiten.

Diegenen echter, die aan de Stuttgarter vrijeschool leerkracht zijn, ervaren hoe in het menselijk fysieke organisme zich de geest-ziel door de blik, door de fysiognomie, door het woord, door al het mogelijke zich uitdrukt, zich van het lichaam bedient – dat ook zeker bij deze opvoeding niet verwaarloosd wordt – hoe deze (geest-ziel) uit goddelijk-geestelijke hoogten afgedaald is en zich hier met datgene verbonden heeft wat van hem door vader en moeder in de erfelijkheidsstroom door de conceptie, in zekere zin door de geboorte, geworden is. Wie met het gevoel het kind benadert: uit werelden van de geest is dit kind tot je gekomen – je moet zijn raadsel oplossen van dag tot dag van uur tot uur – die heeft in zijn gevoel die liefdevolle houding tot de ontwikkeling van het kind die nodig is om dit kind door alle mogelijke onzichtbare realiteiten op zijn levensweg te begeleiden.[3]

Dit ‘uit werelden van de geest of ‘uit de geestelijke wereld’ enz wordt in veel scholen gezamenlijk door de leerkrachten gesproken als zij ’s morgens weer hun werk gaan beginnen.

Wij spraken er van tijd tot tijd over hoe moeilijk deze opgave eigenlijk is.
Op een morgen sprak mijn zeer gewaardeerde collega Ruud Venekamp de legendarische woorden, terwijl hij de spreuk ‘deed’ (die zeiden we toen in het Duits):  Du sollst    (s) EIN  Rätsel lösen…….

[1] GA 297 blz 32
[2] GA 297 blz 136
[3] GA 297A blz 150

 Rudolf Steiner over kinderbespreking (1)

Rudolf Steiner over kinderbespreking (3)

Kinderbespreking: alle artikelen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

.

Advertenties

3 Reacties op “VRIJESCHOOL – Rudolf Steiner over kinderbespreking (2)

  1. Pingback: VRIJESCHOOL – Rudolf Steiner over kinderbespreking (1) | VRIJESCHOOL

  2. Pingback: VRIJESCHOOL – Rudolf Steiner over kinderbespreking (3) | VRIJESCHOOL

  3. Pingback: VRIJESCHOOL – Rudolf Steiner over kinderbespreking – alle artikelen | VRIJESCHOOL

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.