VRIJESCHOOL – Jaarfeesten – Pasen (18)

.

PASEN LOOPT NAAR DE MAAN

Door eeuwenlang geharrewar met kalenders bleef de paasdatum zweven

Terwijl Kerstmis al eeu­wenlang een vaste plaats heeft op de kalender, stelt Pa­sen ons elk jaar weer voor een verrassing. In totaal zijn er 35 data waarop Pasen kan vallen, en dit jaar* vindt Pasen op een van de vroegst moge­lijke dagen plaats.
Het ontbreken van een vaste datum voor het paasfeest heeft in de loop der tijden voor de no­dige hoofdbrekens en conflicten gezorgd. Maar eerst iets over het ontstaan van onze huidige kalender.

De basis hiervoor is gelegd door Julius Caesar, in de eerste eeuw voor Christus. Voordat Caesar zijn Juliaanse kalender invoerde, was de Romeinse ka­lender een behoorlijk rom­meltje. Het jaar telde 355 dagen, die waren verdeeld over twaalf maanden. Om in overeenstem­ming te blijven met de seizoenen werd elke twee jaar een extra maand van 22 of 23 dagen inge­voegd.

Omdat het aldus gevormde jaar nog steeds niet synchroon liep met het zonnejaar (de tijd waarin de aarde een volledige baan rond de zon beschrijft), ging deze kalender steeds meer uit de pas lopen met de jaarge­tijden.
Speciale functionarissen, de pontifices, hadden tot taak deze afwijkingen te corrigeren. Maar dit gebeurde met zoveel willekeur, dat er op den duur voor niemand meer een touw aan vast te knopen was.

Een verblijf in Egypte bracht Caesar op het juiste spoor. Hij raakte hier niet alleen onder be­koring van Cleopatra, maar ook van het kalendersysteem van de Egyptenaren, die een zuivere zonnekalender hanteerden. Cleo­patra schonk hij een kind en het kalendersysteem nam hij mee naar Rome.

Het jaar kreeg 365 dagen, ver­deeld over de twaalf maanden, op een wijze die we nu nog steeds kennen. Ook bepaalde Caesar dat eens per vier jaar een schrikkeldag moest worden ingevoerd om te corrigeren voor het feit dat een volledig zonne­jaar eigenlijk een kwart dag lan­ger duurt dan 365 dagen.
Er gingen enige decennia overheen voor het nieuwe kalen­dersysteem goed doorgedrongen was, maar omstreeks het begin van onze jaartelling waren de meeste plooien gladgestreken.

Joods feest
Terug naar de paasdatum nu. Pasen is van oorsprong het feest waarmee de Joden de uittocht uit Egypte herdenken. Hun paas­feest (Pesach) duurt een week en begint van oudsher op de veer­tiende van de maand nisan, de lentemaand.
Voor de Joden heeft Pesach dus een vaste plaats op de kalen­der. Maar vanuit onze kalender bekeken valt de veertiende nisan elk jaar op een andere datum. Dit komt doordat de Joden een maankalender hanteren; voor het begin van hun maanden gaan ze uit van de stand van de maan.

Met de komst van het chris­tendom kreeg het paasfeest een nieuwe inhoud. Voor de christe­nen werd het de gedachtenis aan de dood en verrijzenis van Jezus Christus. Al snel ontstond er me­ningsverschil over de vraag wanneer dit christelijke Pasen gevierd moest worden.

Voor de Joodse christenen was de keus niet zo moeilijk. Zij hielden veelal de veertiende ni­san aan, de dag van Jezus’ kruis­dood. De niet-Joodse christenen voelden er echter weinig voor om de datum van hun belang­rijkste feestdag te laten bepalen door de Joodse tijdrekening. Maar wanneer dan?

Nicea
Na een lange periode van he­vige conflicten over deze kwes­tie werd uiteindelijk in 325 na Chr. op het concilie van Nicea de strijdbijl begraven. De kerkva­ders besloten dat Pasen zou val­len op de eerste zondag na de eerste volle maan in de lente. Meestal betekent dit de eerste zondag na het joodse paasfeest; dit jaar* vindt het joodse paas­feest echter in april plaats.

Ook onze paasdatum is dus afhankelijk van de maanstand en dit veroorzaakt de grilligheid van de paasdatum. Op zijn vroegst valt Pasen op 22 maart, wat in 1919 voor het laatst is voorgekomen en pas in 2285 weer zal gebeuren. De uiterste datum is 25 april; dit was in 1943 het geval.

Maar nog waren alle proble­men niet opgelost. Dat zat hem in een subtiel foutje van de Ju­liaanse kalender. Volgens deze kalender duurt een jaar 365 en een kwart dag. Maar in werke­lijkheid is dit elf minuten korter. Dit had tot gevolg dat na verloop van tijd de Juliaanse kalender achterliep bij het ‘echte’ jaar. Elke vier eeuwen leverde een achterstand van drie dagen op.

Afwijking
Een dergelijke afwijking had natuurlijk ook consequenties voor de paasdatum. Doordat het begin van de lente op de Ju­liaanse kalender te laat kwam, zou Pasen op het verkeerde mo­ment kunnen vallen. Vele kerk­geleerden hebben hun tanden in dit probleem gezet, maar pas in de zestiende eeuw werd een op­lossing gevonden, die de reli­gieuze gevoeligheden voldoende tegemoetkwam.

Op last van paus Gregorius XIII werden in 1582 tien dagen weggestreept om zodoende de opgelopen achterstand in één keer goed te maken. Na 4 okto­ber 1582 volgde onmiddellijk 15 oktober. Door deze ingreep viel 21 maart 1583 weer op de juiste plek, waarmee ook het paasfeest weer op de goede datum terecht kwam.
Bovendien besloot Gregorius om per vier eeuwen drie schrikkeldagen af te schaffen. In de Gregoriaanse kalender zijn de eeuwjaren alleen schrikkeljaar als ze deelbaar zijn door vier­honderd, bijvoorbeeld 1600 of 2000. De andere eeuwjaren (1800, 1900,2100) zijn gewone jaren.
De geringe populariteit van het pausendom stond een vlotte invoering van deze hervormin­gen echter in de weg. Of zoals Kepler het uitdrukte: men was het liever oneens met de zon dan eens met de paus.

Oktoberrevolutie
In Nederland was pas in 1701 de Gregoriaanse kalender volle­dig ingevoerd. Rusland en Griekenland gingen pas in het begin van deze eeuw overstag. Om deze reden viel de oktoberrevo­lutie van 1917 volgens onze ka­lender op 7 november, terwijl het volgens de Juliaanse 25 okto­ber was.

De orthodoxe christenen in Rusland hanteren nog steeds de Juliaanse kalender. Zij vieren om deze reden Pasen dertien da­gen later dan de christenen in het westen.

Gezien het geharrewar rond de jaarlijkse paasdatum, is re­gelmatig geopperd om het voor­beeld van Kerstmis te volgen en ook voor Pasen een vaste datum af te spreken. Deze eeuw is dit punt meerdere malen aan de orde geweest, samen met de mo­gelijkheid om tot een nieuwe ka­lender te komen. Want ook tegen de Gregoriaanse kalender zijn nogal wat bezwaren in te bren­gen, met name economische.

De stap naar een andere ka­lender is tot nu toe steeds gestuit op verzet vanuit Rome die geen inbreuk willen op de zeven­daagse week. De aanvankelijk weerstand tegen een vaste paas­datum is in de loop van deze eeuw echter weggeëbd. Op het concilie van 1963 verklaarde de paus hiertegen geen bezwaar te hebben.
Omdat de kalenderhervor­ming in het slop is geraakt, is ook aan het paasfront weinig be­weging meer geweest. Voorlopig blijft Pasen dus naar de maan lopen.

pasen 20

De twintig vierkantjes bevatten de paasdagen voor de jaren 1175-1176. Onderin staan twee regels uit de kalender, met het begin van de maanden januari en februari. De paasdata zijn aangegeven door vertikale strepen, de feestdagen door een of twee dwarsstreepjes. Onder 1 jauari staat de letter a. De Romeinse cijfers duiden op zogeheten ‘gulden getallen’. De kalender stamt uit de Hortus deliciarum van Herrad van Landsberg.

.

Paul van Laare, ‘De Gelderlander’van 25 maart  *1989

.

Palmpasen/Pasen: alle artikelen

Jaarfeesten: alle artikelen

 

128-123

 

 

 

 

 

 

 

 

 

.

Advertenties

3 Reacties op “VRIJESCHOOL – Jaarfeesten – Pasen (18)

  1. Pingback: VRIJESCHOOL – JAARFEESTEN – Palmpasen/Pasen – alle artikelen | VRIJESCHOOL

  2. Pingback: VRIJESCHOOL – JAARFEESTEN – Palmpasen/Pasen – alle artikelen | VRIJESCHOOL

  3. Pingback: VRIJESCHOOL – JAARFEESTEN – Palmpasen/Pasen – alle artikelen | VRIJESCHOOL

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s