VRIJESCHOOL – Jaarfeesten – St. Nicolaas (16)

.

SINTERKLAAS BESTOND ÉCHT

Al zeggen ze het honderd keer, „Sinterklaas bestaat niet”, ze hebben het allemaal fout. Goed, de man zelf is allang dood, maar hij bestónd wél en was een dermate goed mens dat hij tot op de dag van vandaag in tal van landen vereerd wordt. Ondanks de legen­den en verhalen die rond zijn persoon geweven werden (omdat be­trouwbare historische bronnen ontbreken) is het zeker dat onze Sinterklaas in de vierde eeuw de bisschop was van Myra, in Klein-Azië.
Een volksheilige, die vereerd werd om zijn weldadigheid. Een gul mens, gezien de verhalen die over hem de ronde deden en nog doen. Zo gaf hij drie arme, trouwlustige meisjes eens geld zodat zij konden trouwen. Al­thans dat zegt het levensverhaal over de heilige, geschreven door de diaken Johannes van Napels. In 1087 brach­ten kooplieden het gebeente van de goedheiligman naar Bari in Zuid-Italië en daar begon dan ook het vieren van het Sinterklaasfeest op de ma­nier, zoals wij dat nu kennen. Sinter­klaas werd daar beschouwd als de heilige van de onverwachte goede ga­ven en van de kinderen. Die lof dank­te hij aan de legende dat hij drie jon­gens tot leven zou hebben gewekt.
Door de herbergier van een dorp zou­den zij zijn vermoord en in een ton met pekel zijn geconserveerd. Een ge­bed van Sint-Nicolaas boven de ton was voldoende om de drie weer springlevend te maken.

Spanje
Misschien, omdat Zuid-Italië een poosje Spaans bezit is geweest, mis­schien om een andere reden. Maar de Nederlanders veranderden wat aan de legende en lieten de Sint uit Spanje komen. We kozen ook hier zes december als zijn feestdag en het gebruik ontstond dat een als bisschop geklede persoon kort voor of op sinterklaasvond kleine kinderen bezocht, naar hun gedrag informeerde en ze vervolgens al dan niet overlaadde met cadeaus. Stoute kinderen gingen in de zak of kregen een paar tikken met de roe. Voor de kinderen van nu hangt er nog steeds een dergelijk idee rond de magische zesde december. Temeer ook omdat veel ouders dit feest als „zoethoudertje” aangrijpen om hun kroost een paar weken per jaar in toom te houden. “Doe lief, anders ga je in de zak”, is het veel gehoorde liedje.

Piet
De verhalen rond Zwarte Piet zijn wat minder betrouwbaar dan die rond Sinterklaas zelf. Wel is uit de overle­vering bekend, dat de Sint altijd ver­gezeld was van een helper. Maar wie die helper was, daarover doen ver­schillende verhalen de ronde. In som­mige streken was de knecht een eng monster, dat Klaubauf, Krampus of Bartel heette. Elders weer was het een man die in een dierenhuid gehuld was. Die figuren echter hebben het hier nooit „gemaakt”. Bij ons wordt de Sint vergezeld door een zwarte knecht. Dit omdat Spanje in de acht­ste eeuw overstroomd werd door Mo­ren uit Noord-Afrika. Geen negers, maar een islamitische bevolking van Arabieren en Berbers.

Feest
Het Sinterklaasfeest, op de avond van vijf december of op het échte feest van Nicolaas van Myra, is in Ne­derland het meest populaire feest. Een katholiek feest, dat dan ook voor­al in de eerste eeuw na de Reformatie heftig bestreden werd door de protestantse kerkelijke overheid. De wereldlijke overheid zag het feest toen evenmin zitten, omdat het aanleiding  gaf tot wanordelijkheden. De plattelandsbevolking had ook geen hoge pet op van het feest en tot in het begin van deze eeuw werd Sinterklaas eigenlijk alleen in de steden gevierd. Tegenwoordig echter is het een écht familiefeest en zijn er maar weinig gezinnen waar rond de vijfde december geen pepernoten door de kamer vliegen of cadeautjes uitgewisseld worden.

Ieder land zijn eigen “cadeautjesleverancier”
Sinterklaas, de ver­trouwde goedheiligman, gehuld in een wijde, rode mantel, de mijter op het hoofd en zijn gerimpeld gezicht verborgen achter een dikke bos wit baard­haar, is niet overal in de wereld even gevierd als in Nederland.
Na de Reformatie, in de zestiende eeuw, schaften landen als Duitsland en Zwitserland de viering rond Sint-Nicolaas af, om­dat dit feest te rooms zou zijn. In de protestantse de­len van Duitsland kwam het Christkind daarvoor in de plaats. Een soort engel-boodschapper of vertegen­woordiger van het Kindje Jezus. Soms was het een jongen, soms een in wit ge­kleed meisje. Het Christ­kind bracht cadeautjes op de vooravond van Kerst­mis en dat Weihnachtenfeest wordt nog steeds ge­vierd. In de achttiende eeuw werd het Duitse en Zwitserse Christkind in Amerika bekend en verward met Santa Claus, oftewel Sint-Nicolaas.

Kerstman
De uiteindelijke transformatie van de heilige rechtvaardige bisschop van Myra in de huidige commerciële kerstman – althans in landen als Amerika, want bij ons geldt nog steeds de enige échte Sinterklaas — begon bij dr. Clement Clarke Moore. Deze   professor in de Griekse en Hebreeuwse literatuur aan een universiteit in New York las op 22 december 1822 zijn kinderen voor uit eigen verzen die hij “Bezoek van Sint- Nicolaas”  genoemd had. Een bezoekster die avond genoot zo van het gedicht dat zij dit een jaar later anoniem opstuurde naar een krant die het verhaal publiceerde. En van de ene op de andere dag werd de waardige Sint-Nicolaas een sprookjesfiguur.

Tekenaars haalden hun hart op aan zijn verschij­ning en zo ontstond de dikbuikige Kerstman, met rode muts en jas, maar zonder enige religieuze be­tekenis. Toen deze Santa de Atlantische Oceaan overstak naar Engeland, vermengde hij zich daar met de Engelse Kerstman, een heidens overblijfsel uit de tijd van de kerstspelen en traditioneel afgebeeld met een baard, een hoge rug, een knuppel in de hand en een krans hulst op zijn hoofd. Hulst is van oudsher een plant die be­schermt tegen heksen en het boze oog. Het is het symbool voor het branden­de braambos, waarin God aan Mozes verscheen en voor de doornenkroon.

Of het nu de Kerstman is in Engeland, Sinterklaas bij ons, de Gnomen in de Noordeuropese landen of de heks La Befana in Ita­lië, ieder land kent wel zijn eigen figuur die jaarlijks, tegen het einde van het jaar, cadeautjes geeft en zijn of haar gulle hand leegstrooit boven de hui­zen.

Het geven van geschen­ken is een gewoonte die al ten tijde van de Romeinen gebruikt werd. Tijdens de Januaria Kalendae wissel­den zij cadeautjes uit en offerden aan de keizer. Eerst waren die geschen­ken takken uit de boom­gaard van de godin Stre­nia. Later werden die tak­jes vervangen door meer kostbare, blijvende ge­schenken. Ieder cadeau had een eigen betekenis. Honinggebak voor de zoetheid van het leven, lampen verzinnebeeldden het licht, goud betekende rijkdom. Terwijl de Ro­meinen elkaar cadeautjes gaven, ging de Noorse god Odin langs de winterse he­mel en bestrafte het kwaad en beloonde het goede.
Heidense gebruiken, die door de kerk „overgeno­men” werden, simpelweg omdat het niet lukte ze uit te bannen. Sinterklaas en de Drie Koningen in Span­je werden de geschenkenbrengers en deden dit, in vroeger tijden, uit naam van Jezus, Gods geschenk aan de mensheid.

Goud door de schoorsteen en een heidens offerbrood
Met de verering en het feest van Sint-Nicolaas, ontstonden tal­loze gebruiken. Een groot deel daarvan is terug te voeren naar ge­bruiken die vroeger al bekend waren, zij het meestal gegoten in een andere vorm.
In ons land zetten kinderen een schoen voor de schoorsteen “in de hoop dat Hij hem vol doet met ja, wist ik het maar”.
Dit gebruik komt moge­lijk voort uit een van de verhalen die over Sinterklaas bekend werden. Zo zou hij eens goud door de schoorsteen hebben gegooid naar drie dochters van een verarmde edelman als bruids­schat. Dit goud kwam terecht in een schoen of in een kous die daar toeval­lig bij de schoorsteen stond. Vandaar ook, dat in Engeland en Amerika de kinderen zo groot mogelijke kousen bij de schoorsteen hangen, zodat de kerstman die kan vullen tijdens zijn sledetocht in de nacht voor Kerstmis.

Ook wordt de schoorsteen vaak gezien als de verbindingsweg tussen de mensen en hogere wezens. Het eten van taai-taai en speculaas wordt wel beschouwd als de verchristelijking van het vroegere heidense offerbrood.

Het Germaanse hooioffer herleeft in het leggen van haver en hooi in de schoen. In Nederland is dat bestemd voor de schimmel van de Sint. In Spanje doen de kinderen dit voor de kamelen van de Drie Koningen, de cadeautjesleveranciers in dit land.

(stad en streek, 16-11-1993)

.

Sint-Nicolaasalle artikelen

Jaarfeestenalle artikelen

VRIJESCHOOL in beeldSint-Nicolaas

 .

349-328

 

 

 

 

 

 

 

 

 

.

Advertenties

Een Reactie op “VRIJESCHOOL – Jaarfeesten – St. Nicolaas (16)

  1. Pingback: VRIJESCHOOL – JAARFEESTEN – St. Nicolaas – alle artikelen | VRIJESCHOOL

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.