Tagarchief: Esseërs

VRIJESCHOOL Jaarfeesten – Kerstmis (37)

.

Frank de Fremery

.

JOZEF
.

Voorafgaande aan het eigenlijke kerstgebeuren, de geboorte van bet Kindeke Jezus in de stal te Bethlehem, wordt in het Lucas Evangelie 1-1-4- verhaald, hoe Jozef met zijn jonge vrouw Maria opging vanuit Nazareth om in Bethlehem beschreven te worden.

Deze administratieve formaliteit lijkt voor ons, die aan zoveel gangen naar bureaus van openbare diensten gewend geraakt zijn, een niet zeer belangrijk feit, slechts een eenvoudige episode ter inleiding van het eigenlijke verhaal. Het is echter niet een zo onbelangrijke gebeurtenis, wanneer men het beschouwt in het kader van het tijdperk waarin het vermeld wordt: toen Quirinus stadhouder was over Syrië, d.w.z. toen het Romeinse gezag zich in Palestina had gevestigd.
Dit gezag onderscheidde zich zeer bijzonder van het gezag, dat voordien in Palestina geheerst had. Vroeger -was het steeds een priesterlijk gezag geweest, een theocratie, evenals in de omringende landen waren de koningen zelf altijd van priesterlijke bloede en veelal vervulden zij hoge functies bij de godsdienstige plechtigheden van die landen.

Zo was bv. de farao tevens hoge priester in Egypte, de Assyrische en Chaldeeuwse vorsten waren priesters, de Perzische koningen vervulden geestelijke functies. Tot aan de opkomst van het Romeinse rijk waren de landen van de wereld onderworpen aan een geestelijk gezag. Het Romeinse rijk berustte daarentegen op wereldlijk gezag.
De Hommen voelde zich niet geleid door en onderworpen aan geestelijke krachten die zijn aardse leven bepaalden, maar hij had het leven als mens in eigen hand genomen, hij maakte zelf de wetten die zijn leven regelden, hij was geheel aardeburger geworden. De overgang van de mensheid van de geest-verbondenheid van de oudheid tot de aarde-zelfbewustheid van de nieuwe tijd, wordt uitgebeeld in de gang van Jozef en Maria van het centrum van de Esseërkolonie in Nazareth, waar het leven op geestelijke grondslag gebaseerd was, naar Bethlehem, om te voldoen aan een bevel van een wereldlijk gezag, dat op aards geweld was gebaseerd.

Door deze inleiding wordt dus door het evangelie vastgelegd, dat de geboorte van het Kindeke Jezus plaatsvond op het tijdstip in de mensheidsontwikkeling waar de mens ten volle zijn weg uit de geestelijke wereld in de stoffelijke wereld had afgelegd en zich had losgemaakt van de directe leiding van de geestelijke machten in zijn aards bestaan. Het tijdstip van de volledige vermaterialisering van de mens was bereikt en de tijd brak aan waarin een nieuwe impuls in de mensheidontwikkeling gebracht moet worden om hem vanuit zijn eigen innerlijk en in zijn volle bewustzijn tot herinnering van het verband met de geestelijke wereld, tot de Vader, terug te voeren. Deze impuls, waardoor de mens van godsdienst tot religie zou komen, op aarde te brengen, was de taak die de Christus-Jezus kwam vervullen.

Jozef wordt in de verhalen gewoonlijk als een zeer eenvoudig man voorgesteld, een kleine timmerman. Als zodanig leefde hij in de Esseërkolonie te Nazareth. De Esseërs waren een geestelijke orde, die in grote eenvoud leefden. De familie van Jozef was echter van zeer hoge afkomst, zoals duidelijk blijkt uit de afstammingstabellen die de evangeliën nadrukkelijk mededelen.
Het Mattheus Evangelie opent met deze reeks in Matth. 1-1-17, welke begint bij Abraham, Isaac en Jacob en over David en Salomo in 42 stappen tot Jezus voert. Het Lucas Evangelie vermeldt de afstammingsreeks in Lucas 111-23-33, beginnende bij God en lopende over Adam, Noach, Abraham, Isaac, Jacob, David, Nathan in 77 stappen tot Jezus. De ene reeks, de Salomonische, omvat vele namen van koningen, die over Israël heersten zolang dit land zijn onafhankelijkheid behield; de andere reeks, de Nathanische, noemt namen van belangrijke figuren uit de Hebreeuwse priesterwereld. De koningen uit de eerste reeks waren wijzen, die beschikten over de mysterie-wijsheid van de oudheid, de priesters uit de tweede reeks kenden de geestelijke leiding die de levensloop van het Joodse volk bepaalde.

Zo gezien is Jozef de drager van de hoogste geestelijke goederen, die het Joodse volk bezat en die het van geslacht op geslacht overgedragen, aangevuld en gezuiverd had. Deze overdracht berustte in hoge mate op eigenschappen, die van vader op zoon overgaan, dus op erfelijkheid. Daarom hechtte het Joodse volk grote waarde aan de zuiverheid van het bloed, want voor hen was het besef ”Ik en de Vader Abraham zijn één” een levend begrip, dat de hoogste waarde van hun geestelijke invloed uitdrukte, immers het voerde hen tot de diepste oorsprong van hun eigen wezen terug.

In Jozef werken dus de krachten van het verleden, die, zoals bij alle gebeurtenissen, de basis gevormd hebben voor het nieuwe gebeuren dat zal gaan plaatsvinden en dat een metamorfose is van hetgeen in het verleden gevormd was. Jozef is de drager van de krachten die het kerstgebeuren voorbereid hebben. Jozef is een oud man, zijn persoon hangt samen met het verleden, oudheid, in tegenstelling tot Maria in wier wezen de toekomstkrachten liggen; zij is jong.

De Essers bereikten door hun levenswijze en hun geestelijke oefeningen een bewustwording van de verbondenheid van het individu in de rij van de geslachten. Zij waren geen losse takken, maar twijgen aan de boom van het geslacht.

Door de kennis die Jozef verkregen had in Esseër-kringen wist hij, dat de Geest die zich als Jahve aan Abraham geopenbaard had, in de loop van 42 generaties een mens, waarin het bloed zuiver gehouden was, zou kunnen doordringen en zich daardoor als mens op aarde zou kunnen openbaren. Dat de tijd van de

komst van de Messias nabij was. was aan de Esseërs bekend, want hun grote leraar, Jeshu ben Pandira, had er op gewezen hoe de rij van 42 generaties sinds Abraham zijn voltooiing naderde, terwijl het bloed in de Esseër- kringen door de bijzondere levenswijze van deze sekte, zeer zuiver gehouden was, zodat te verwachten was dat de Messias in die kringen geboren zou worden.

Later is het de hogere wijsheid van Jozef, hem in droomgezichten geopenbaard, die hem, volgens Mattheus II-I3-15, Maria en haar Kind deed wegvoeren naar Egypte om te ontsnappen aan de woede van Herodes en waardoor het jonge Jezuskind kon opgroeien het land der farao’s, het land van de oude wijsheid van Thot hetgeen voor de vorming van Jezus van het grootste belang geweest, zoals later bij de terugkeer in de Tempel te Jeruzalem bleek.

Ook nadien, toen Jozef met Maria en het Eind Jezus zich te Nazareth vestigden, moet de invloed van Jozef op de verdere ontwikkeling van de knaap Jezus in de Esseër-kringen groot geweest zijn en zal hij daaraan de leiding gegeven hebben, die nodig was voor de voorbereiding van Jezus als drager van de Christus op aarde..

 

Meister Bertram (ca 1345-1414) Rust tijdens de vlucht Hamburger Kunsthalle

Kerstmisalle artikelen

Jaarfeestenalle artikelen

Vrijeschool in beeldKerstmis              jaartafel

.

2326

.