VRIJESCHOOL – Jaarfeesten – Pinksteren (28)

.

FOLKLORE

pnksteren 1

Daar komen de pinksterbruidjes aan. Volgens oude kerkelijke traditie valt Hemelvaartsdag precies veertig dagen na Pasen. Een erkende vrije dag, een dag met traditie. Luister maar eens naar wat een Overijsselse Almanak uit 1836 weet te berichten:
’Op den morgen van Hemelvaartsdag met het eerste daglicht naar buiten, de jenever-en brandewijnflesschen in den zak, en na zich onder de boomen en priëelen verlustigd te hebben, voordemiddags, somtijds vroeg genoeg om naar de kerk te gaan, terug. Ook de meisjes zijn bij dit dauwtreên.’
Dat dauwtrappen was een nu vrijwel geheel verdwenen gebruik om in de vroege morgen van Hemelvaartsdag met blote voeten in het bedauwde gras te lopen. Volkskundigen menen dat dit dauwtrappen of dauwtreden, zoals men ook wel zegt, berust op het volksgeloof dat de dauw op bepaalde belangrijke dagen magische en genezende kracht heeft.

Dat geloof is over boord gegooid. Natuurlijk. Maar daarmee is helaas ook het echte dauwtrappen zo goed als verleden tijd geworden. Nu zijn er heel wat mensen die op Hemelvaartsdag vroeg uit de veren zijn, omdat het – als het weer gunstig is – een mooie dag is om er zomaar midden in de week eens op uit te trekken. Maar dauwtrappen en de genezende kracht van de dauw? Voor hen die de geneeskracht van de dauw willen ontdekken, hier nog een speciale tip.

In Leek kunt u dat nog meemaken. Georganiseerd door V.V.V. en een natuurbeschermingsorganisatie. Wel vroeg op. Het begint om vier uur in de ochtend. Met roggebrood en spek, met koffie en koek. [1]

Tien dagen na Hemelvaartsdag is het Pinksteren, van ouds een kerkelijk feest, herinnerend aan de uitstorting van de Heilige Geest, zoals dat beschreven is in het tweede hoofdstuk van de Handelingen der Apostelen.
Folkloristisch is Pinksteren een karakteristiek meifeest.

In Noord-Holland begint het nogal luidruchtig, vooral in Amsterdam, Haarlem, de Zaanstreek en op Texel, met luilakviering. Een mooie Amsterdamse impressie uit de dertiger jaren van deze eeuw geeft het volgende stukje.

‘In den nacht, die aan den zaterdag voor Pinksteren vooraf gaat, begint het lieve leven al. Er lopen om vijf uur, als het nog schemerdonker is, al jongens op straat te blerren: ‘Luilak, luilak, beddezak!!’ Komt er een agent in de buurt, dan maken zij benen. Dat zijn dan de erg enthousiasten, de sportieven, die graag hun vriendjes de oogen uitsteken en trotsch verkondigen, dat zij al om vijf uur op straat waren en dat er toen een ‘smeris’ kwam en dat ze toen ’de kuierlatten’ genomen hebben. Tegen zes uur komen er meer van die snaken. Je ligt in je bed, hebt den vorigen avond laat gewerkt, wil graag uitslapen.

Maar buiten dreint het: ‘Luilak, luilak!’ De kleine folkloristjes sleepen groenteblikken, oude fluitketels en ander geraasmakend materiaal achter zich aan en gillen, joelen en brullen: ‘Luilak, luilak!’ Suffig gaan je oogen open . . . o ja, Zaterdag voor Pinkster, Luilak . .. ’t Lieve leven is weer aan den gang … En je hebt zoo’n slaap en je mompelt allerlei onaangename dingen over die onuitroeibare atavismen en je verwenscht de verbeeldingrijkheid van de voorvaderen met hun verdraaid geluilak.’

Luilak is nóg niet dood en gaat waarschijnlijk nooit dood. De jeugd laat zich het privilege om lekker lawaai te maken niet ontnemen. Wel wordt door de volwassenen alle mogelijke moeite gedaan om de baldadigheden zoveel mogelijk in te perken. Vandaar georganiseerd luilakvieren met vroege bezoekjes aan bioscopen.

Voor nog levende pinkstergebruiken gaan wij eerst naar Haarlem. Daar vindt men de speciale luilakmarkt die van vrijdagavond tot de ochtend van zaterdag voor Pinksteren wordt gehouden. De nadruk ligt hierbij op de bloemen en iedere ware Haarlemmer komt op luilak dan ook met een plantje of bloemetje naar huis.

In Twente houdt men op eerste pinksterdag de pinksterbruidjes nog steeds in ere. De dorpen die nog mee doen, kiezen uit de jonge meisjes de pinksterbruid die opgetuigd met een kroon van veldbloemen, vergezeld van haar leeftijdgenootjes door de straten trekt, terwijl liedjes gezongen worden.

Daar komen de Pinksterbruidjes aan,
en ze zijn zo heel mooi aangedaan.
Geef wat, houd wat en het volgend jaar nog eens wat.
Hier woont een rijk man, die ons heel wat geven kan.
God zal U lonen, met honderdduizend kronen
met honderdduizend strikjes eraan,
daar komen de Pinksterbruidjes aan.

Natuurlijk wordt daarbij op traktatie gerekend, waarop in het liedje gespeculeerd wordt en men doet dat niet tevergeefs.

pnksteren 2

In Agelo bij Ootmarsum gaat nog ieder jaar de pinksterbruid rond. Het bruidje wordt door haar kornuitjes gekozen. Met een papieren kroontje, een mooi schortje en een waaiend sluiertje gaat zij met haar gevolg op stap. Ze verzamelen de goede gaafjes in een busje. De ene helft voor de missie, de andere helft voor een eigen feestje. En zingen. En zingen.

Pinksterbruid, wat schone ruit,
Wie heeft ons dat gegeven?
Dat heeft een rijke heer gedaan,
Die heeft ons dat gegeven.
Pinkstr’en komt maar eenmaal in ’t jaar,
Nu moet ge ons all’maal wat geven.

pnksteren 3

Soms worden er pinksterkronen opgericht, waaronder gezongen en gedanst wordt. Dat is nog het geval in Deventer. Zo’n pinksterkroon bestaat uit staken van vier tot vijf meter hoog, waaraan op een bepaalde wijze hoepels zijn bevestigd; van de top af, worden geknipte slingers van gekleurd papier neergelaten. Ook worden wel echte bloemen gebruikt en het ziet er allemaal heel feestelijk uit. Een van de standaardliedjes die bij de pinksterkroon in Deventer worden gezongen is nog steeds:

Wij rozen naar den ouden trant
Weer allen samen hand in hand
De Pinksterkrone is weer in ’t land
Hoezee
Hij stiet weer in de stroat geplant
Hoezee
Zien bonte kop stek fier omhoog
’t Is ja ’n lust veur ieders oog
Hoezee, Hoezee, Hoezee.

Dat zingen en springen bracht veel lawaai met zich mee. Soms heel erg. Zoals in 1679 toen de pinksterkroonviering door de stedelijke overheid van Deventer verboden werd vanwege het luidruchtig dansen en zingen en andere ’insolentiën’.

Rond Pinksteren is er nog meer aan de hand zoals het al heel oude kallemooifeest op Schiermonnikoog. In de nacht voor Pinksteren wordt daar een haan gestolen. Wiens haan dat zal zijn wordt door de kallemooicommissie in geheime beraadslaging vastgesteld. Niemand die zich daar tegen zal verzetten, ook de politie niet, want het is traditie. De haan die het slachtoffer van de feestviering wordt, heeft het niet slecht, maar moet geen last van hoogtevrees hebben. Het beest wordt in een mand met voer voor drie dagen opgetakeld in de twaalf meter hoge kallemooiboom. Daar kan hij zich van zijn speciale taak kwijten: hij moet kraaien, hoe meer en hoe harder, hoe liever. Om dat te bereiken wordt – zo gaat het verhaal in ieder geval – een vingerhoed oude klare bij het voer gevoegd. Dat schijnt de geestdrift van het beest aan te wakkeren. Dinsdag na Pinksteren wordt de mand weer naar beneden gehaald en gaat de haan naar de rechtmatige eigenaar terug. Waarom die onzin gebeurt, vraagt een nuchterling? De diepe zin is al lang vergeten.

Maar mag dat nu de pret deren?

Bij Pinksteren hoort pinksterdrie. Dat vindt men in ieder geval in de Zaanstreek waar men aan twee pinksterdagen niet genoeg heeft; een extra dagje dus. Na een beleg in de Zaanstreek, dat op de eerste en tweede pinksterdag 1576 plaats vond, werden de Spanjaarden op pinksterdrie verslagen. Vandaar dat pinksterdrie een soort bevrijdingsdag is geworden.
Purmerend heeft op pinksterdrie de traditionele markt, die jaren geleden ‘een bokkie kopen’ heette, want het accent lag toen op de veemarkt.
In Purmerend vertellen ze dat het een gewone markt is, al geven ze toe dat de halve omtrek naar de markt op die pinksterdrie gaat. Wat nuchter, maar zo zijn ze wel in Noord-Holland.

In het ‘Friese Haagje’ Heerenveen is een pinkster-jaarmarkt en wel op tweede pinksterdag, terwijl men in Leek op diezelfde dag volgens oude traditie markt houdt, waarbij zeer velen uit het Westerkwartier en het Noordenveld naar ‘de’ Leek trekken.

Een heel bijzonder pinkstergebruik was de brooduitdeling op de Ageler Es onder Ootmarsum. Op de tweede maandag na Pinksteren – beloken Pinksteren – deelden de boeren roggebrood uit aan de armen. Hoe men aan deze traditie is gekomen, vertelt een oud boekje als volgt, ’ln het jaar 1738, den 21 Juni, is er een dondersschoer opgekomen uit Zuidwest, omtrent vijf uur en is overgekomen te half zes, waaruit zoo een schrikkelijk regen is gevallen met zware donderslagen en lugtigen, dat de huizen beefden en daar is hagel gevallen, zoo groot als een eendenei, zoodat de glazen met de wind zijn ingeslagen en vele roggevelden en andere vruchten rond de stad vernield en verwoest zijn, zoodat het naar was om aan te zien. En is het schoer naar het Noorden omgetrokken. En om zoo een straf af te weren, beriepen de boerrigters eenen hölting tezamen om te beraden, wat aan de zaak te doen was, en men kwam daarin overeen om door liefdegiften in het gevolg bevrijt te wesen van onweer en hagelslag.’ Maar ja er zijn geen armen meer. Dus die boeren kunnen geen brood meer aan de armen geven. Afgeschaft? Ja, die brooduitdeling wel, maar niet de zinvolle traditie. Want op die dag komen de boeren nog altijd bijeen. In plaats van brood wordt nu geld bijeen gelegd. En dat gaat naar een goed doel.

Pinksteren is ook een tijd voor sport en spel en dan bedoelen wij niet Ajax en Feijenoord, al begint voetbal ook een stuk ‘folklore’ te worden. Nee, verder terug in de historie. Naar Walcheren, waar pinksterdrie een uitgezóchte dag is voor ringrijderijen, een oude sportieve bezigheid. Het is de kunst om een ring die aan een touw is bevestigd met een lans te steken. De deelnemers zitten daarbij op een ongezadeld paard dat tot galopperen wordt aangezet. Als de wedstrijd vordert en de beste rijders overblijven, wordt een ring van kleiner formaat gebruikt. Om zich zelf aan te moedigen neuriën de deelnemers fraaie liedjes zoals ie is in, ie is in, En noe gaet het nir m’n zin; of als misgestoken is ’t Is mis,’t is mis, As of d’r gin gat in is.

pnksteren 4

Met Pinksteren komt op de folkloristische kalender meteen een eind aan de lentetijd. De zomer staat voor de deur. En dat is een nieuw hoofdstuk.

[1] in 2015 nog wel in Leek; in 2016 hier

 

Hemelvaart en Pinksteren: alle artikelen

 

Jaarfeesten: alle artikelen

 

1007

 

 

 

 

 

 

 

 

 

.

Advertenties

Een Reactie op “VRIJESCHOOL – Jaarfeesten – Pinksteren (28)

  1. Pingback: VRIJESCHOOL – Jaarfeesten – Pinksteren – alle artikelen | VRIJESCHOOL

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.