VRIJESCHOOL – Jaarfeesten – Pasen (30)

.

TUSSEN PASEN EN PINKSTEREN 

Het is merkwaardig, hoe vreemd die jaarfeesten lopen. De kleuters merken daarvan niet zo veel. Palmpaaasen, Palmpaaasen, versier je groene tak!
En ze zetten het op een zoeken en snoepen van eieren, echte eieren, ge­kleurd en wel,  of eieren die bekleed zijn met stevig zilverpapier in bonte kleuren.

Kortom, alles een prachtig symbool van het jonge leven, het uitbottend gewas, eerst schuchter, daarna overvloedig groeiende en bloeiende in heg en veld, in tuin en gaard. Nu, het was me weer een spannende geschiedenis met vele dagen warm zomerweer,  afgewisseld door hevige lente­stormen, en echt gemene, zure koude.

De jaarfeesten Kerstmis,  Sint-Nicolaas,  Sint-Maarten, Sint-Michaël, zij worden regelmatig gevierd op een vaste datum. Met Pasen begint de onregelmatige viering. Het paasfeest is kosmisch, dat wil zeggen: het hangt van de maanstand af. Pinksteren volgt precies vijftig dagen later en ook dat feest is dus afhankelijk van de maan.

Het vieren van Pasen is een moeilijke zaak. Toch al. Waardoor? Wel, het is een opstandingsfeest. En, hoezeer de natuur ieder jaar weer voor onze neus uit de dood her­rijst, deze opstanding op een menselijk en kosmisch plan levert heel veel moeilijkheden op. Wel is deze opstanding een centraal gegeven in het christendom! Wanneer die niet had plaatsgevonden, dan bestond het christendom slechts uit mooie traditie, uit kleurige middeleeuwse platen, schilderijen en prentjes. Waarschijnlijk was het al afge­schaft of in onbruik geraakt.

In Jerusalem, waar ik enige jaren geleden omstreeks de paastijd mocht verblijven, zijn er nog steeds geleerden die niet precies weten, waar de kruisiging, de graflegging en de opstanding hebben plaatsgevonden! In hoofdzaak zal men moeten kiezen tussen de geweldige, monumentale Heilige Grafkerk, die door Keizerin Helena van Byzantium werd gebouwd op de plaats, waar de heuvel van Golgotha vroeger was gelegen – elke christelijke kerk heeft daar een eigen hoekje, met verering en versieringen – of, het is de rand van de noordelijke heuvel, waarin velen – vooral Engelsen – de plaats van graf en opstanding willen zoeken. Daar is een heel mooie, rustige tuin, heimelijk en ver­heven. Welke plek is het?

Het is namelijk niet zo duidelijk of kruisiging, graf­legging en opstanding zo dicht bij elkaar gelegen waren, dat er niet enige ruimte tussengelegen kon zijn. Het graf is in een tuin ten noorden van Jerusalem, het noordelijkste punt.

In het Johannesevangelie staat, dat Petrus naar het graf holde en dat een jongeling ietsje voor hem uit liep. Deze jongeling zag de doeken, waarin het lichaam gewikkeld was geweest en de zweetdoek. “En hij geloofde,” staat er. Wie was die jongeling? En waarom geloofde hij toen? Hij was de enige apostel die de kruisiging van nabij mee­maakte. Er is er maar één op wie deze beschrijving van toepassing kan zijn. Dat is de jonge Johannes, die de geschiedenis later als evangelist heeft opgetekend. Daar­door is de beschrijving zo, dat hij zichzelf op de achter­grond plaatst, maar uit eigen ervaring spreekt. Hij schrijft in de laatste regels van het Johannesevangelie: “dat hij weet, dat zijn getuigenis waar is.” Waarom? Omdat hij het zelf was, die dit alles lang geleden meemaakte. Lees het er maar over na,  al zullen vele theologen u in de haren vliegen.

Op de helling van de berg die ten zuiden van Ephese loopt (de Ala dagh)  ligt nog steeds het huisje, waarin de oude Johannes en Maria hun laatste levensdagen hebben doorgebracht. Marias huisje is nu een piepklein kerkje. De gehele sfeer is daar bijzonder rustig. Zowel christenen als islamieten houden zich aan de ter plaatse voorgeschreven wijdingsvolle stilte.

Behalve de christelijke aspecten van het paasfeest zijn er nog vele andere, die uit oudere tijden stammen. Een van de bekende sprookjes is dat van Indra en het maanhaasje. Alle hebben deze sprookjes gemeen, dat een opofferende trek het kenmerk is. Het haasje van de maan offerde zich voor Indra. Een andere versie komt in de Egyptische mythologie voor. Een kleine jongen is erg bang van aard. Hij ontdekt een haasje, dat nog banger is. Dit haasje trekt zich terug op de maan en inspireert de jongen tot moedige daden. De kleine held ont­dekt, dat de maan iedere afschrikwekkende gestalte groter maakt naarmate deze verder weg is. Gaat hij er recht op af, dan blijkt ook een monster een klein beestje te zijn. Met deze kennis kan de jongen het schijnkarakter van het monsterlijke doorzien en naar waarde schatten. Hij is niet bang meer en hij kan dus heel veel hulp brengen aan andere wezens.

Vele paasverhalen inspireren dus tot moedig en opofferings­gezind gedrag. Nog altijd onmisbaar in onze dagen!

 P.C. Veltman, vrijeschool Leiden, nadere gegevens ontbreken

.

Palmpasen/Pasen: alle artikelen

Jaarfeesten: alle artikelen

.

145-139

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

..

Advertenties

Een Reactie op “VRIJESCHOOL – Jaarfeesten – Pasen (30)

  1. Pingback: VRIJESCHOOL – JAARFEESTEN – Palmpasen/Pasen – alle artikelen | VRIJESCHOOL

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s