.
In de ‘Algemene menskunde’ staat Steiner niet lang stil bij de begrippen ‘geest(es)zelf – levensgeest – geest(es)mens. Ze worden summier benoemd in de 1e voordracht – in de vertaling op blz. 23 – wanneer hij over de wezensdelen spreekt. Zie het artikel daarover en in voordracht 4.
Hier worden de drie begrippen in verband gebracht met de drie vormen van (hoogste) wil.
De ‘wens’ met het geestzelf; ‘het voornemen’ met de levensgeest en ‘het besluit’ met de geestmens.
Wanneer hij in zijn boeken GA 9 en GA 13 over de wezensdelen spreekt, komen ze uiteraard aan bod.
Opmerkingen daaruit heb ik weergegeven in dit artikel.
Wanneer je mijn inleidingen op deze stof op je laat inwerken, zal, wat Steiner in de voordrachten zegt, makkelijker te vatten zijn.
Zoals ik voor het geestzelf heb gezocht naar omschrijvingen in andere voordrachten, wetend dat Steiner het telkens weer anders zegt of met nieuwe gezichtspunten komt, doe ik dit nu ook voor de levensgeest.
Blz. 55
Dann kann das Ich stärker und stärker werden, und es wandelt dann auch
den Äther- oder Lebensleib um. Dasjenige, was das Ich umgewandelt hat am Äther- oder Lebensleib, das bezeichnen wir als Lebensgeist.
Dan [wanneer het Ik aan het astraallijf heeft gewerkt] kan het Ik steeds sterker worden en dan wordt ook het ether- of levenslijf veranderd. Wat het Ik daaraan veranderd noemen we levensgeest.
GA 58/55
Niet vertaald
Blz. 225
Wie der Mensch heute lebt, hat er einen Teil seines astralischen Leibes umgewandelt in Manas.
Weiter wird es dem Menschen in der Zukunft möglich sein, seinen Ätherleib umzugestalten; und den so umgestalteten Teil des Ätherleibes nennt man den «Lebensgeist», oder die «Buddhi» mit einem Ausdruck der orientalischen Philosophie.
Zoals de mens tegenwoordig is, heeft hij een deel van zijn astrale lichaam omgewerkt tot manas. Verder zal de mens in de toekomst in staat zijn zijn etherlichaam om te werken. En dat omgewerkte deel van het etherlichaam wordt ‘levensgeest’ genoemd of ‘boeddhi’, met een uitdrukking uit de oosterse filosofie.
GA 58/225
Vertaald/125
Blz. 15
Wenn das Ich in einer anderen, intensiveren Weise nicht nur in den astralischen Leib, sondern auch in den Ätherleib hineinarbeitet, nennen wir den vom Ich aus umgearbeiteten Teil des Ätherleibes den Lebensgeist oder mit einem Ausdruck der orientalischen Philosophie die Buddhi.
Wanneer het Ik op een andere, intensievere manier niet alleen aan het astraallijf werkt, maar ook aan het etherlijf, noemen we dat door het Ik omgewerkte deel van het etherlijf de levensgeest of met een term uit de oosterse filosofie boeddhi.
GA 59/15
Niet vertaald
.
Algemene menskunde: voordracht 1 – alle artikelen
Algemene menskunde: alle artikelen
Rudolf Steiner: alle artikelen op deze blog
Menskunde en pedagogie: alle artikelen
Vrijeschool in beeld: alle beelden
.
3500-3288
.
.
.
.