VRIJESCHOOL – Jaarfeesten – Michaël – verhalen (10-11)

.

Heinz Müller, Erziehungskunst, 24e jrg. 10 1960

.

Michaëlslegende
.

Er was eens een man, die had in zijn leven veel gewerkt en was er oud en wijs bij geworden; want al wat hij had gedaan was gebeurd met liefde voor zijn werk en om de mensen te helpen. Daarom kon hij niet alleen met een vroom hart veel schoons op aarde zien en beleven. Hij had de gave veroverd om ook dan nog te kunnen zien en luisteren als andere mensen, door slaap bevangen en zonder dat ze er iets van weten, ’s nachts door hun engel naar hun hemelse vaderland worden gebracht.

Eens wandelde hij zo aan de zijde van zijn engel naar lichte hoogten. Toen kwamen ze bij een gouden poort; die was gesloten. Zijn engel deed een paar stappen achteruit en zei: ‘Wacht nog even, dan zal de poort voor u worden geopend!’ En werkelijk, even later weerklonk er een geweldige galm als van vele bazuinen, en daarmee vermengde zich een rollende donder. Toen ging de poort open en een helder schijnsel, als stralend van goud en zilver, verblindde eerst wie er in keek. Al gauw echter zag de oude man een machtige engelvorst voor zich; diens gewaad glansde alsof het uit de stralen van zon en maan was geweven; in zijn handen droeg hij een schaal van puur goud. De man nu vroeg zijn engel: ‘Wie is het die we hier zien?’ — ‘Dit is Michaël, die de draak overwon en die nu voor Gods aanschijn staat als heerser van onze tijd,’ zo luidde het antwoord. Terwijl de oude man eerbiedig om zich heen keek, zag hij: daar kwamen met verheugde blik veel engelen aan. Ze gingen voor Michaël staan en ieder van hen droeg in zijn handen een gave, die overhandigden ze aan Michaël. De aartsengel nam elk geschenk in zijn rechterhand en bekeek het met veel genoegen. Toen legde hij het ene na het andere in zijn gouden schaal.

De engel echter die bij de oude man stond zag diens vragende blik en zei: ‘U ziet nu, hoe blijgezind de engelen hun aanvoerder en leidende tijdgeest die gaven overhandigen. Het zijn de vruchten van de daden en het leed van al die mensen die zich door licht denken, warm voelen, krachtig willen hebben ingespannen om Michaëls trouwe vrienden en medestrijders op aarde te zijn. Wat Michaël in zijn schaal verzamelt, dat verandert hij in sieraad en harnas tegelijk voor de mensen op aarde van wie de geschenken afkomstig zijn. Zo geeft hij de zielen van zijn getrouwen veredeld terug wat aan hun inspanningen ontspruit, en hun geestgedaante wordt steeds meer omstraald door de glans en de kracht en de moed van de scharen die Michaël dienen. Bij zijn veranderend werk echter vallen er gouden korrels af als geesteszaden. Die werpt hij, ziet u maar, met een brede zwaai op aarde.’

Toen nu de grijsaard, het wijzend gebaar van zijn engel volgend, zijn blik naar de aarde liet zweven, zag en begreep hij wat daar gebeurde. Als lichtende sterren zag hij de geesteszaden naar de aarde vliegen, en de glans van het stralende goud werd weerspiegeld door alle boomkruinen en het hele woud. Met iedere nieuwe zaadworp zonk de glans van de herfst dieper in de wouden.

Toen de grijsaard zijn blik weer opsloeg naar de hemelse hoogten, zag hij net hoe er een tweede schare engelen voor Michaël kwam staan, niet zo vol vreugde als de eerste, eerder wat aarzelend. Maar zij allen droegen in hun handen de een of andere kleine gave voor Michaël. Voordat nu de eerste van hen zijn geschenk overhandigde sprak hij tot de vorst van de engelen: ‘Veel is het niet, wat wij in uw handen kunnen leggen; maar toch zijn wij blij dat wij niet geheel zonder gaven hoeven te komen. Vaak vergaten de mensen, van wie wij de behoeders zijn en die nauwelijks vermoeden dat we ook hun metgezellen zijn, de juiste wegen te bewandelen en liefdevolle daden te volbrengen. Zo vrezen wij haast uw toorn, o Michaël, en hopen op uw genade.’

Michaël echter aanvaardde het weinige dat ze te bieden hadden met grote ernst en sprak toen: ‘Ook al waren de aan uw zorg toevertrouwden slechts in kleinigheden trouw, toch hebben ze zich nog niet van ons losgemaakt. Behoedt de kiemen van het goede in hun zielen, dat ze leren ook in het grote trouw te zijn; want vreugde heerst er in ons rijk over ieder die de juiste weg nog vindt!’

Verbaasd zagen de engelen van de tweede groep, dat Michaël hun uit zijn schaal veel grotere geschenken in ruil gaf dan ze hadden verwacht, en met nieuwe hoop en nieuwe moed wilden ze zich net weer op weg begeven naar de hunnen.

Toen naderde er met aarzelende schreden een derde groep engelen. Deze sloegen de blik neer toen ze voor Michaëls aangezicht kwamen, en nu stonden ze daar met lege handen. Een kwam er uit de schare naar voren en vroeg de
drakendwinger: ‘Bevrijd ons ongelukkigen van onze taak! Hoe moeten we ons tegenover u waarmaken, daar de zielen van hen die wij moeten beschermen verstokt zijn en bot? Wij komen met lege handen, vol schaamte en schuchterheid bij u.’
In Michaëls gelaat braken vlammen uit, en rollend als de donder weerklonk zijn antwoord: ‘Ik kan u niet van uw post terugroepen. Gaat naar de mensen, want de draak is onder hen met zijn verderf zaaiende scharen! Niet langer in de hoge hemel is hun vaderland. Met het zwaard zullen ze uittrekken voor de broederstrijd tegen elkaar, en nood en vertwijfeling zal het lot zijn van hen die nu nog behagen vinden in de blinde duizeling van de lust en de verzadigde traagheid van het hart. Alle verschrikkingen en noden van de ondergang zijn de vruchten van verblinde zelfzucht en eigenliefde. Gij echter, waakt over hen die aan het rechtvaardige gericht zijn vervallen! In de laaiende brand van de vernietiging, als de beschadigingen van de ziel, als uitgegloeide slakken, van hen afvallen, zoekt dan in hen de al bijna uitgedoofde vonken van hun goddelijk wezen, ontsteekt die tot nieuwe gloed en redt wat nog maar waard is te redden!’

Toen jubelden alle engelenkoren die Michaël omringden. Hij echter wierp wederom zijn geesteszaad uit over de aarde. En de toekijkende oude man, voor wiens zienersblik zich dat alles had vertoond, wist plotseling in zijn hart:

Wie onder de mensen het geestelijk goud behoedt en liefdevol koestert, hem wordt het hart tot een gouden schaal waarin de leermeester van de mensenliefde graag iets van zijn oneindige schat zal neerleggen.

.

Michaëlalle verhalen

Boeken over Michaël en de herfsttijd

Michaëlalle artikelen

Jaarfeestenalle artikelen

Vrijeschool in beeldMichaël (bordtekeningen e.d.)  jaartafel, (ook herfst)

Michaëlsliederen.

.

2713

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.