VRIJESCHOOL – Draken……..

.

Het is Michaëlstijd. Er zullen weer veel draken ten tonele worden gevoerd: in de verhalen, bij de feesten, als drakenbrood.
Maar na Michaël zijn ze niet verdwenen. Zijn ze dat ooit wel? Zolang ze niet uit ons verdwenen zijn niet, vrees ik.

In 1979 publiceerde Lex Bos in Jonas een artikel over wel liefst 12 draken die de kop(pen) strekken waar initiatieven worden genomen (nieuwe vrijescholen!), waar men gewend raakt aan idealen (oude vrijescholen) enz.
Nog altijd actueel!

De subsidie-, uitbestedings-organisatie-splijtzwam-narcissus-sekte-expansie-solo-routine-model-haast-projectiedraak:

DE TWAALF DRAKEN

HET VERZORGEN VAN SOCIALE INITIATIEVEN

Wanneer we naar het maatschappelijk gebeuren om ons heen kijken, naar ons zelf in de maatschappij en naar de krachten die vanuit de samenleving op ons inwerken, dan is het niet moeilijk onderkennen naar welke kant die krachten kunnen werken. Zij willen ons omlaag trekken naar het niveau van het arbeids- en het consumptiedier, naar een leefwijze waarbij ons gedrag bepaald wordt door begeertekrachten van binnen uit en anonieme systeemfactoren van buitenaf (de bureaucratie, de organisatie e.d.): kortom de onvrije mens die in zijn handelen niets meer van zichzelf terug vindt.

Wie tot het inzicht is gekomen dat elke menselijke ontwikkeling zich voltrekt áán en dankzij weerstanden, zal bij de boven geschetste situatie direct de vraag stellen: ‘Waartoe daagt het me uit, wat kan ik voor positiefs aan die weerstand ontworstelen, welk ‘goed’ ligt achter dit ‘kwaad’ verboren?’ Ik heb de indruk dat deze begeerte-opwekkende en wilsverlammende werkingen ons voortdurend de vraag stellen: ‘Kun jij vanuit je ik, een vrije daad stellen, kun je vanuit de geest tot handelen komen, kun je werken in de maatschappij vanuit een idealisme dat je niet is meegegeven als jeugdideaal, maar waartoe je je zelf hebt opgewerkt, dat je zelf hebt veroverd. Kun je van daaruit handelen?’

Zo’n uitdaging heeft met andere woorden, te maken met het nemen van sociale initiatieven. Niet alleen mensen kunnen genezen en zich verder ontwikkelen door het nemen van sociale initiatieven, ook voor de samenleving hebben ze de betekenis van gezondmakende krachten.

Nu bevat de uitdrukking ‘sociaal-initiatief’ eigenlijk een innerlijke tegenstrijdigheid. Wanneer we aan een initiatief denken, dan bedoelen we daar iets mee wat uit de meest individuele kern van onze persoonlijkheid stamt. Het is niet zo maar gedrag, het is een initiatief. En dat betekent dat ik er een zeer persoonlijke, wellicht ethisch-geladen relatie toe heb.
Door het voorvoegsel ‘sociaal’ duid ik op iets heel anders. Ik denk dan aan onzelfzuchtigheid, georiënteerd zijn op anderen, gericht zijn op de behoeften die in mijn omgeving leven.
Ik denk dat het begrip sociaal-initiatief daarom zo paradoxaal is, omdat de essentie van de vrije daad erin verscholen ligt. Het tot levensrealiteit maken van een paradox, het uit eigen kracht overbruggen van een inwendige tegenstelling doet de vrije mens langzaam in ons geboren worden. Juist omdat het nemen van sociale-initiatieven zo’n tweeslachtige aangelegenheid is, (we zullen verderop zien hoe letterlijk we dit woord tweeslachtig mogen nemen) kunnen we vermoeden dat het naar zijn karikatuur omslaat, dat het bedreigd is door tegenkrachten. Gelukkig kunnen we in onze directe omgeving vele maatschappij-vernieuwende, sociale initiatieven waarnemen. Een aantal daarvan heeft een korte levensduur; ze hebben weinig innerlijke substantie. Met veel elan begonnen, blijkt het enthousiasme toch een strovuurkarakter te hebben. Misschien komt het, omdat het idealisme dat dit handelen doordringt nog niet veroverd, maar geschonken is. Een jeugdidealisme dat nog geen kern heeft, maar zich voortbeweegt op de natuurlijke draaggolf van de maatschappijkritische wereldverbeteringsimpuls die elke gezonde adolescent eigen is.
Anders wordt het voor diegenen die, misschien na een aantal desillusies, zichzelf een weg gebaand hebben tot inspirerende, dragende ideeën, en vanuit deze ideeën tot eigen idealisme komen, dat wil zeggen een door de geest gedragen aards handelen. Zulke initiatieven kunnen stootkracht hebben en tot kiemen worden voor wezenlijke sociale vernieuwingen.
Wie ervaring heeft met zulke initiatieven, weet dat hij daarbij eigenlijk met iets heiligs omgaat. Hij voelt zich vanuit een andere wereld geïnspireerd. Hij beleeft ziin initiatief als een kind dat hij ter wereld moet brengen. Langere tijd kan hij zich zwanger voelen van een in hem groeiend initiatief. Tot het kind geboren wordt en het initiatief sociale werkelijkheid wordt.

Juist omdat onze tijd dergelijke initiatieven dringend nodig heeft, liggen de weerstandskrachten, waardoor we juist onze initiatiefkracht ontwikkeld hebben, overal op de loer om het initiatief te ontkrachten. De apokalyptische tijd waarin wij leven, roept het beeld op van de maagd die het kind wil baren en de draak die klaar ligt om het te verslinden.

Onze initiatief-babies worden door vele draken en draakjes belaagd. Warme en koude, slim-intelligente en krachtig-brutale. Ik wil er een aantal beschrijven. Ik put daarbij uit ervaringsmateriaal van de afgelopen zeven jaar, opgedaan met het werk bij TRIODOS, een stichting die ‘geboorte-en ontwikkelingshulp’ biedt bij sociale-initiatieven, zoals: scholen, therapeutica, landbouwbedrijven, speelgoedfabriekjes, winkels, theehuizen, uitgeverijen, laboratoria, opleidingsinstituten, verdeelcentra e.d. Honderden initiatieven hebben we in die zeven jaar in hun biografie kunnen volgen.

Hele legers van draken en draakjes hebben we in aktie zien komen om de initiatief-baby’s en dito-kinderen te verslinden, maar waar dat niet lukte, werden ze daardoor gelouterd, versterkt en eerst recht sociaal vruchtbaar gemaakt.

Ik wil nu deze drakenfamilie de revue laten passeren. Het zullen er 12 blijken te zijn. Maar laat niemand daar wat achter zoeken, want er zijn er zeker meer te vinden. Ik beschrijf ze in een willekeurige volgorde.

1. De subsidiedraak
Iedereen die een initiatief-baby bij gebrek aan geldmiddelen bijna heeft zien sterven, kent de verleidende gedachte van ‘als er eens een erfenis van een ton uit de lucht kwam vallen… Dan konden we alle zorgen aan de kant zetten.’ Het ergste wat een initiatief kan overkomen is dat die ton er inderdaad komt. van een douarière. uit een postzegelfonds. via een subsidiepot. Het ontslaat de initiatiefnemers van de moeizame schenkgeldacties. Maar wat is de vitale betekenis van warm schenkgeld voor de incarnatie van een initiatief? Het verplicht de initiatiefnemers in vele toonaarden tegenover veel verschillende mensen te verwoorden wat ze eigenlijk willen met het initiatief. Dat helpt hen om het initiatief uit de vaak onbewuste intuïtieve diepten omhoog te trekken in het bewustzijn. Door de schenkgeldacties krijgt het initiatief zijn menselijk-concrete omhulling. En als het schenkgeld uitblijft, is dat misschien een teken dat het initiatief nog niet geboorterijp is, of wellicht helemaal geen bestaansrecht heeft.
Die ton die uit de hemel komt vallen maakt een moeiteloze vroeggeboorte mogelijk, maar kan het opgroeiende kind voor lange tijd ernstige ontwikkelingsproblemen meegeven.
Dit is pas werkelijk het geval wanneer aan een royale startsubsidie aanvankelijk geen beperkende voorwaarden zijn verbonden, maar bij volgende
ondersteuningsaanvragen (die vaak noodzakelijk zijn omdat geen eigen geldcircuits zijn aangezet) de condities geleidelijk strenger worden. Men zwemt dan een subsidiefuik binnen, waaraan het einde het initiatief onherkenbaar verminkt is.

2.De uitbestedingsdraak
Er zijn weleens mensen die hele schone, goede en ware ideeën hebben, die dringend op realisering wachten, maar zelf hebben zij er geen tijd voor. Zij kijken zo naar initiatieven, dat zij daarbij een soort taakverdeling zien: de lui met de brillante ideeën en anderen die ze tot uitvoering moeten brengen.
Natuurlijk kunnen mensen geïnspireerd worden door ideeën van anderen en van daaruit tot zelfstandige initiatieven komen. Daar is niets tegen. De delegatie-draak ligt echter op de loer, wanneer degeen die de inspirerende idee had, een soort eigendomsrecht blijft claimen en hij degenen die hij voor de realisering van de idee heeft aangezocht, voortdurend aanwijzingen blijft geven hoe zij moeten handelen. In een latere fase van een initiatief mag een zekere differentiatie tussen ‘denkers en doeners’ noodzakelijk zijn, de geboorte van een nieuw initiatief heeft de kwaliteit van het offer, van de volledige identificatie, van het zelf (als drager van de idee) concreet ervaren van de weerstandskrachten nodig, die bij de realisering moeten worden overwonnen. Want in die confrontatie ontstaat het zicht op de volgende stap. Deze ziet er vaak heel anders uit, dan degeen die met zijn schone idee aan de zijlijn is blijven staan, theoretisch uitgedacht heeft.

3. De organisatiedraak
Sommige initiatieven worden in hun ontwikkeling sterk gehinderd, doordat er in een te vroeg stadium al allerlei organisatorische, juridische, procedurele en structurele beddingen zijn bedacht, waarin de initiatiefstroom moet vloeien. In de levende werkelijkheid ontstaat de structuur vanuit de beweging, schept de stroom z’n eigen bedding. Wie wijzer wil zijn dan het leven, wie beddingen bedenkt uit theoretisch-rationele overwegingen, in plaats van te kijken naar het leven zelf dat genoeg indicaties geeft over welke bedding het nodig heeft, die zou zijn initiatief in de kiem kunnen smoren.

4.De splijtzwamdraak
Het komt de laatste tijd nogal eens voor dat groepen ouders elkaar vinden, uit onvrede met het gewone onderwijs. Zij horen dat elders door groepen ouders vrijescholen zijn opgericht en besluiten ook zoiets te doen. De splijtzwamdraak zorgt ervoor, dat deze ouders pas na de oprichting van de school ontdekken dat hun initiatief door de meest verschillende impulsen wordt gevoed. Sommige ouders willen gewoon een alternatief onderwijs zonder zich daarbij erg veel concreet voor te stellen; anderen hebben een bepaald democratiseringsmodel in hun hoofd; weer anderen denken aan iets Montessori- en Daltonachtigs, en misschien is er ook een aantal dat heel duidelijk vanuit een antroposofisch mensbeeld, een echte vrijeschoolpedagogiek wil.
Wanneer de school nog niet is opgericht, kan de initiatiefgroep door een proces van loutering gaan tot het initiatief een duidelijke identiteit heef.t De
splijtzwamdraak zorgt ervoor dat de verschillen pas ná de oprichting ontdekt worden en dan werken deze als een vernietigende splijtzwam die de initiatiefgroep en de school van binnenuit kapot maakt, of het geheel ontkracht tot een kleurloos compromis.

5.De narcissusdraak
Een groep mensen kan verliefd worden op hun eigen initiatief. Ze zijn zo vervuld van hun eigen ideaal, van hun verantwoordelijkheid de wereld daar gelukkig mee te maken, van de spirituele gedachten die zij als een machtige bovenbouw aan hun weten toe te voegen dat zij de sociale werkelijkheid waarin hun idealen tenslotte moeten landen, niet meer waarnemen. Goethe zei eens: ‘Das Auge soll nicht begehren’, want dan ziet het alleen zijn eigen begeerte en niet de werkelijkheid zelf. Zo is het ook met een initiatief. Men kan er zo van vervuld zijn, dat er eigenlijk sprake is van realiseringsbegeerte. Die begeerte vertroebelt de waarneming. De initiatiefnemers hebben daardoor niet in de gaten dat de weerstanden waarmee zij vechten door henzelf zijn opgeroepen. Zij hebben dat gedaan door tegen de stroom in te roeien. Zij hebben eenvoudig niet gezien welke richting de werkelijkheid hun wees. Doordat ze zo van hun ideaal vervuld zijn en doordrongen van de noodzaak het te verwerkelijken, gaan ze er steeds fanatieker ‘tegen aan’. Hun offers worden steeds groter, de krampachtigheid waarmee ze te werk gaan ook.
In het extreme geval kan men zich voorstellen hoe zulke lieden tegelijk met hun initiatief ten grave worden gedragen…

6.De sektedraak
Initiatieven die geboren worden uit een duidelijk aanwijsbare inspiratiebron zijn een dankbaar object voor de sektedraak. Initiatieven uit antroposofische bron zijn zo’n dankbaar object. De sekt-draak probeert te bereiken dat biologisch-dynamische landbouw, alleen gezien wordt als middel tot verantwoord voer voor geestverwanten; vrijescholen zijn dan scholen voor antroposofenkinderen en een antroposofische boekhandel wordt to een ‘clubwinkel’. En zelfs als er bijvoorbeeld op een school allerlei kinderen van niet-antroposofische ouders komen, omdat de kinderen of de ouders dat willen, dan zorgt de sektedraak ervoor dat de school zich maatschappelijk isoleert. Ze probeert lastige wetgeving te ontduiken of te omzeilen en alleen voor zichzelf een zo gunstig mogelijke situatie te bereiken. Ze voelt zich niet mede verantwoordelijk voor een gezondmaking van het onderwijswezen in Nederland, ze probeert ook geen uitstraling te bereiken in de eigen omgeving door zich bijvoorbeeld mede verantwoordelijk te weten voor het lokale sociale leven. Zij isoleert zich van haar omgeving. Deze draak treedt meestal pas in een later stadium van ontwikkeling op. In het begin mag een pasgeboren initiatief zich nog wat afzonderen en z’n eigen ‘elitaire’ omgeving kiezen. Wanneer het initiatief uitgroeit en dieper incarneert in de maatschappelijkekelijkheid waar het ondanks alles toch deel van uitmaakt, zal het zich voor deze omgeving mede verantwoordelijk moeten voelen. Wanneer het zich daar in sekteachtige zelfgenoegzaamheid niets van aantrekt, zal de maatschappij zich op den duur van dit initiatief niets aantrekken en er bijvoorbeeld bureaucratisch over heen walsen.

7. De expansiedraak
Initiatieven kunnen zo ‘an der Zeit’ zijn dat ze bedreigd worden door een overmatige groei. De klanten overspoelen de winkel, de kinderen stromen naar de school, de patiënten puilen de wachtkamer uit. De initiatiefnemers voelen zich verantwoordelijk tegenover deze snelgroeiende vraag, maar ook wel bevestigd doordat de buitenwereld hun initiatief zo honoreert.
En wat ligt meer voor de hand dan uitbreiden, investeren, groeien?
Doch kan men deze groei ook kwalitatief bemannen, zullen de organisatorische vormen adequaat mee veranderen? Als de expansiedraak z’n zin krijgt groeit het initiatief zich zelf stuk. Door gebrek aan substantie verliest het z’n identiteit en door gebrek aan organisatie verliest het z’n samenhang.

8. De solodraak
Er zijn initiatieven die het meest bedreigd worden door de pionier zelf. Het initiatief is goed en brillant. Het slaat aan en komt goed van de grond. Maar dat betekent, dat zich er meer mensen mee willen en moeten verbinden, om het toenemende aantal taken te bemannen en om het initiatief voor eenzijdigheid te vrijwaren. Maar de pionier verdraagt het eigenlijk moeilijk dat anderen zich mede verantwoordelijk willen opstellen. Hij schermt zijn initiatief af, verdraagt niet dat anderen er eigen kleuren aan toevoegen, kan zich eigenlijk ook niet voorstellen dat hij echt iets zou kunnen overlaten aan anderen zonder voortdurend te moeten ingrijpen.
En zo blijft hij alleen. Goede mensen lopen weg. Tweederangs meelopers blijven. Het initiatief blijft aan hem plakken. En omdat het zich niet van z’n vaderfiguur kan los maken, zal het ook met de vader van het toneel verdwijnen. ..

9.De routinedraak
Echte initiatieven zijn altijd in conflict met de gewone werkelijkheid. Juist omdat ze vernieuwing betekenen, zullen ze op verzet stuiten bij het gangbare. Zolang het initiatief nog niet werkelijk geïncarneerd is, zullen de initiatiefnemers veel tijd kunnen besteden aan het verzorgen van de realisatie tot de bron, waaruit zij de kracht en de moed putten om de strijd aan te gaan.
Maar op het moment dat een initiatief incarneert gaat de aardezwaarte van de fysieke wereld werken. In concreto betekent dat: rompslomp, veel tijd verliezen met knullige dingetjes regelen, weerstanden overwinnen, eindeloos vergaderen om onnodige misverstanden op te lossen, tijdrovende administratie, zwakheden van mensen etc.
Het heilige vuur van het begin gaat verloren, de oorspronkelijke impuls wordt vergeten, de vleugelslag van de inspirerende ideeën wordt niet meer gehoord. Langzaam sluipt de routine binnen. En wanneer de bron niet meer vloeit, gaat de initiatiefkracht verloren. Niet de vernieuwende geest leidt het handelen, maar de gewone werkelijkheid die we juist wilden overwinnen.
Initiatief-wil is afgegleden tot aangepast gedrag.

10.De modeldraak
Niet iedereen is in staat om open te staan voor de levende geest. Onze mogelijkheden om met geestelijke wezens in contact te treden reikt veelal niet verder dan daar, waar deze levende bruisende geest zich in ideeën openbaart. Maar daar is ze al gestold, en op dat punt slaat de modeldraak zijn slag. Hij maakt gebruik van onze angst voor het levend-dynamisch geestgebeuren en laat onze initiatieven een ongevaarlijke ankerplaats vinden in het model. Het realiseren van het model wordt tot doel.
Vanuit dit model worden voorstellingen ontwikkeld hoe de werkelijkheid eruit moet zien. Het doet niet ter zake, of dit nu een driegeledingsmodel, een schoolmodel, een opleidingsmodel of communemodel is; het gaat erom dat de initiatiefnemer terzijde treedt en het model, het dogma, de conceptie tot autoriteit verheft. Van daaruit wordt de levende werkelijkheid vervormd tot ze past in het model.

11.De haastdraak
Zoals kinderen er negen maanden over doen om geboorte-rijp te worden, zoals ziektes een incubatietijd hebben, zo hebben ook initiatieven een rijpingstijd nodig. Het initiatief innerlijk met je meedragen, er in kleine kring over praten, luisteren naar wat de nacht je ’s morgens te vertellen heeft, letten op wie het lot in die ‘verwachtingstijd’ je weg laat kruisen, dat hoort allemaal bij de adventstijd van een initiatief.
De haastdraak blaast ons in dat we daar geen tijd voor hebben, dat het zelfs niet verantwoord is langer te wachten, dat zich nu een eenmalige gelegenheid voordoet een pand te kopen.
Kortom: wie aan de toekomst wil bouwen moet aan de slag gaan en niet zitten navelstaren. Zo ontstaan de onrijpe vroeg geboortes die spoedig sterven. ..

12. De projectiedraak
Het realiseren van initiatieven is een harde scholingsweg voor de betrokkenen. Er vindt een voortdurende confrontatie plaats met eigen onvermogens. Het initiatief vraagt – vaak onvermoede – vaardigheden en vermogens, soms van vaktechnische aard, soms van sociale, communicatieve aard, soms van morele, conceptuele aard. Die moeten verzorgd worden. Niet alleen de ontwikkeling van het initiatief moet verzorgd worden, ook de eigen ontwikkeling vraagt aandacht.
Wie dat niet wil zien, wie tegen dat stuk werk opziet, wie de confrontatie met zichzelf niet aandurft, is een willig object voor de projectiedraak. Alle problemen die ontstaan omdat de initiatiefnemers niet hard genoeg aan zichzelf werken, worden dan weggeprojecteerd naar buiten: de collega’s, de medewerkers, de organisatie, het gebrek aan middelen, de overheid en zo meer. De oplossingen voor deze problemen worden gezocht in methodes, procedures, reorganisaties, meer financiële middelen e.d. En zo gaat het initiatief langzaam ten gronde, omdat de initiatiefnemers dachten dat ze naar buiten iets konden ontwikkelen zonder daarbij zelf innerlijk in beweging te komen en blijven.

Tot zover een rondgang in de drakengalerij
Ze liggen allemaal op de loer om het initiatiefkind dat gebaard is, vroeger of later te verslinden. Daarom moeten sociale initiatieven behoed, bebakerd en verzorgd worden; zoals men kinderen na de geboorte niet aan hun lot overlaat, maar ze gedurende een lange periode begeleidt tot ze op eigen benen kunnen staan, zo is dat ook met initiatieven. Vandaar de titel van dit artikel ‘het verzorgen van sociale initiatieven’.
We willen in het vervolg van dit artikel ons bezig houden met de vraag wat dit verzorgen feitelijk inhoudt.
We hebben pratend over initiatieven veelal in menselijke analogieën gepraat: bevruchting door een idee, zwanger zijn van een initiatief, een plan geboren laten worden, een institutie door z’n kinderziektes heen helpen, op eigen benen plaatsen e.d..
Laten we dit beeld eens letterlijk durven nemen. Hoe ziet dat er bij initiatieven uit met de vader en de moeder, hoe verloppt de conceptie, wat betekent het zwanger zijn?
Wanneer een initiatiefnemer, een pionier geïnspireerd wordt door een idee lijkt het duidelijk hoe we deze gebeurtenis moeten vertalen in termen van het geboortebeeld. De geestelijke wereld is de bevruchtende vader, de pionier is de ontvangende moeder. Hij is nu zwanger van een initiatief, dat een tijd later het daglicht zal zien. Het beeld is net zo onwaar als wanneer men in het plantenrijk over bevruchting spreekt bij het gebeuren tussen stuifmeelkorrel en stempel. In zijn pedagogiekvoordrachten heeft Rudolf Steiner de leerkrachten in vele toonaarden erop gewezen dat men de kinderen in verwarring brengt wanneer men spreekt over vader- en moederplanten en bijtjes die helpen bij de bevruchting. Het is een onwaar beeld zegt hij. Stuifmeel en stempel hebben natuurlijk hun betekenis in het totale proces van zaadvorming. Maar bevruchting, in de zin van het leggen van een kiem voor nieuw leven, vindt pas plaats als het zaad in de aarde valt, wanneer de moederschoot van de aarde het bevruchtende zaad van de plant-vader in zich opneemt. Dat beeld is een waar beeld.
We wenden de blik nu weer terug naar het thema van de sociale initiatieven. In het begin sprak ik erover dat deze uitdrukking eigenlijk paradoxaal is: aan de ene kant het sterk ik-betrokken karakter van het initiatief, wakker handelen vanuit een verbinding met een werkzame idee. Aan de andere kant de sociale betrokkenheid van het initiatief, als het ware inslapend in de omgeving om de wezenlijke behoefte van de anderen te ervaren. Speelt de eigenlijke bevruchting zich niet af tussen de initiatiefnemers en hun omgeving? De vragende, verwachtingsvolle, behoeftige omgeving laat zich bevruchten door het zaad van een initiatief. En wanneer die vraag van een groep ouders stamt kan de initiatief-bevruchting leiden tot de geboorte van een school. Stamt ze van patiënten dan kan er een medisch centrum worden geboren, komt ze van consumenten dan kan een winkel het levenslicht zien.

Lex Bos, Jonas 14, 09-03-1979
.

Michaëlalle artikelen

VRIJESCHOOL in beeld: Michaël

.

1315

 

 

 

 

 

 

 

 

 

.

Advertenties

2 Reacties op “VRIJESCHOOL – Draken……..

  1. Pingback: VRIJESCHOOL – Sociale driegeleding – | VRIJESCHOOL

  2. Pingback: VRIJESCHOOL – Sociale driegeleding – sociale initiatieven (3) | VRIJESCHOOL

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s