Tagarchief: klas 5 handenarbeid

VRIJESCHOOL – 5e klas – handenarbeid (3-2)

.

HOUTBEWERKING 

De eerste les komen de kinderen met rode wangen en schitterende oogjes het lokaal binnen. Vol vuur, trappelend van ongeduld om maar zo snel mogelijk te mogen beginnen. Het hele jaar door zien wij dit enthousiasme bij de vijfde klas in dit vak.

Dit jaar wordt het elementaire werk aangeleerd, zoals het zo goed mogelijk afwerken, het ontzag hebben voor het dure, veelal gevaarlijke gereedschap, het zuinige omgaan met de grondstoffen, zin voor orde, enz. enz.
Als dit lukt hebben de kinderen een goede basis om de volgende jaren op door te gaan.

We beginnen het jaar door met elkaar te kijken en te beleven wat een boom is, hoe hij in de aarde staat, omhoog groeit en zijn takken uitspreidt boven de aarde. Aan de takken zitten heel veel blaadjes, die samen het bladerdak vormen, enz. Hierdoor ontwikkelen de kinderen een levend beeld van het materiaal dat als “dood” hout in het lokaal ligt.

De eerste tijd zitten we in een kring te werken. Nadat ieder een stuk zacht hout heeft gekregen,  dat eerst werd gekliefd en eventueel op lengte werd gezaagd, snijden we met een houtsnijmesje een eenvoudig muisje. Onderwijl vertel ik de kinderen nog eens hoe het hout ontstaat en groeit en hoe het zich wel en niet laat bewerken. Dit laatste ontdekken ze zelf ook al door ermee te werken.
Het tweede werkstuk wordt een dier naar eigen keuze. Het wordt staande aan de werkbank met een rasp gemaakt. Het werkstuk ontstaat door er op los te raspen; aldoende vormt zich het bedoelde dier. Soms. wordt het ook iets heel anders. Is het nog weinig gedetailleerde dier ontstaan, dan moet het afgewerkt worden met vijl en schuurpapier. Hiermee wordt een jarenlange wilstraining ingezet. Soms vraagt een bepaalde diervorm om een andere aanpak de rasp. Dan vertel ik klassikaal hoe er met een beitel of guts. moet worden gewerkt, waarna een enkeling hiermee aan de slag gaat.

Loopt het tegen kerst, dan raspen de “snellen” uit een grillige tak een kandelaar. Als laatste werkstuk voor de zomervakantie kunnen de kinderen een “roerspaan” maken met beitel en rasp, waarvan de vorm zelf vrij bepaald wordt.

Aan het einde van de les ruimen de kinderen zelf op en vegen het lokaal. Hierdoor ontwikkelt zich een eerbied voor het gereedschap en het sociaal omgaan wordt erdoor versterkt.

Met de vakanties geef ik de klaargekomen werkstukken mee naar huis.

.
Philip da Ponte, deel 2 (deel 1 ontbreekt), nadere gegevens onbekend.

Handenarbeid – alle artikelen

5e klas – alle artikelen
VRIJESCHOOL in beeld: 5e klas – alle beelden

 

 

1075

 

 

 

 

 

 

 

 

 

.

 

VRIJESCHOOL – 5e, 6e klas -handenarbeid

 

Ik vond nog een verslag van een handenarbeidbijeenkomst uit 1984.
De gezichtspunten zijn niet verouderd.

Het gaat eerst om klas 5:
Er wordt door Felo Hettich gesproken over de zintuigen: tastzin, levenszin, evenwichtszin en de gezichtszin.
Op deze blog is over deze zintuigen al het een en ander verschenen:

[1] De 12 vensters naar de wereld: over de 12 verschillende zintuigen
[2] De tastzin
[3] De levenszin
[4] De evenwichtszin
[5] De bewegingszin
[6] Luisteren door het oog
[7] Poorten naar de wereld: korte karakteristiek van alle zintuigen
[8] De 12 zintuigen

De leeftijd 7 -14jr is de leeftijd waarin het gevoelsleven het overheersende zielenelement is, de gevoelsperiode en we zouden onze stof zó moeten brengen dat de leerlingen er met hun hartewarmte op in kunnen gaan.

Houtbewerken, zoals Felo het doet – begint in de 5e klas en de ‘werkplaats’ is een heerlijk domein voor de kinderen die daar voor het eerst binnengaan.

Hij gaat met de kersverse 5e-klassers hout zoeken in de omgeving. Dit wordt gekloofd en bekeken op groeirichting-sapstroom-lichtinvloed, kortom: de hele geschiedenis van de stam of tak proberen te ontdekken.
De jaarringen tellend legt hij een link met de leeftijd van hen zelf – ouders, grootouders.

Het zagen wordt dwars op de stam voltrokken: kops
Het splijten/hakken in de nerfrichting: langs.

De bijlslag vraagt wel gerichtheid, concentratie – maar kost geen kracht: het hout láát zich splijten.
Hij gaat ervanuit dat je het beste gereedschap altijd bij je hebt – je handen.

Al ‘duwend’ en ‘trekkend’ wordt het hout bewerkt.

Als de kinderen als een van de eerste werkstukjes een muis maken, werken ze ‘dicht bij het hart’ (de kinderen doen dat zittend op een stoel en houden het werkstukje min of meer tegen de borst).
De muis, met zijn bolle achterlijf en zijn spitse, nieuwsgierige snuit. Zijn schichtigheid zit geheel in zijn vorm.
Die vormenwereld maken we tastbaar bij de kinderen en we laten hen tevens ervaren waarom het hout zó gehanteerd moet worden.

handenarbeid 7

Een kandelaar, een vis zijn volgende mogelijkheden.
Daarbij plaatst de leerling het werkstuk al meer van zich af: in de werkbank.
Er wordt geraspt en gevijld: de duwgereedschappen.
De leerling staat wat gebogen over zijn werk: een ‘omhullende’ werkhouding.

Rolf Otger merkt op dat het ritmisch, geconcentreerd van binnenuit bezig zijn heilzaam werkt waar het ritmisch leven ge-ver-stoord is.

Intussen komen de leerlingen steeds vrijer van hun werk te staan.

Een 6e-klasser moet bruikbare werkstukken gaan maken. Deze leeftijd vraagt om ‘realiteit”.

Over het afwerken met schuurpapier klonken verschillende meningen. De gladheid van het hout langs je wang uitproberen.
Voor de pollepel steeds fijner schuurpapier geven: daar moeten geen etensresten aan blijven hangen.

Voor het overige werk – zeker voor dierfiguren – schept een golvend gesneden oppervlak meer leven.
Dit bereik je door ritmisch snijdend met de duim op het mes het hout te bewerken.
Gebruik ook knoestig hout, bijv. snoeihout van wilg of populier en laat het karakter van de boom meespelen in de vorm van het werkstuk. Bij ‘vrije’ diervormen komt daar de begrenzing vandaan.
Rasprichting-houtrichting stellen verder hun eisen bij de bewerking van een stuk hout, bijv. het blok van een molen uit rondhout.

handenarbeid 8

Het is heel belangrijk alle gewoonten in het lokaal m.b.t. materiaal en gereedschap vanaf het begin goed aan te leren – nu zijn de leerlingen er gevoelig voor. Daarna lukt het niet meer.

.

Handenarbeid – alle artikelen

.

963

 

 

 

 

 

 

 

 

 

.